Open Monumentendag Ommen – zaterdag 11 september

OMMEN – De Open Monumentendag op zaterdag 11 september in Ommen gaat wel door, maar in verkleinde vorm. Met name fietsliefhebber komen deze dag aan hun trekken.

 Molen De Lelie aan het Molenpad, startpunt van de Ommer Monumentendag op 11 september.
Foto: Harry Woertink

Er is een prachtige 24 kilometer lange fietsroute uitgezet door de omgeving van Ommen. Opgave vooraf is niet nodig. Start van de fietstocht is molen De Lelie aan het Molenpad in Ommen. Met Middeleeuwse muziek van het duo “Ontfanck Gheselle” worden de deelnemers muzikaal uitgezwaaid of binnengehaald. Ook een gezelschap op oude historische fietsen en gestoken in klederdracht van het historisch rijwielmuseum uit Ommen is van de partij. Verder kan bij molen De Lelie een kijkje genomen worden in de Scheepstimmerwerf waar de laatste hand gelegd wordt aan de bouw van de Ommer Vechtzomp. Omdat het op 11 september ook Overijsselse Molendag is draaien bij voldoende wind alle Ommer molens.

Gratis routebeschrijving
Nadat molenaar Anton Wolters en Gerda Wermink als voorzitter van de organiserende stichting Open Monumentendag Ommen samen de speciale Open Monumentenvlag hebben gehesen kunnen deelnemers vanaf 13.00 uur de gratis routebeschrijving halen bij de startlocatie. Behalve dat door een mooie historische omgeving wordt gefietst zijn er onderweg enkele onderbrekingen waar voor de deelnemers iets te zien is en bovendien een versnapering wordt aangeboden door de organisatie. Daarnaast kunnen de deelnemers meedoen aan een wedstrijdpuzzel door onderweg enkele vragen te beantwoorden.

Jubileum
Landelijk gaat het om de 35e editie van Open Monumentendag. Zolang ook doet Ommen mee. Echter, vorig jaar werd vanwege corona geen Open Monumentendag in Ommen gehouden. De stichting Open Monumentendag Ommen organiseert dit keer in Ommen dus voor de 34ste keer de Open Monumentendag. Omdat de stichting 35 jaar bestaat wordt wel een jubileum gevierd. Daarom ook is deelname aan de fietsroute dit keer gratis. De 35e Open Monumentendag wordt landelijk letterlijk ingeluid met gebeier van carillons. Ook in Ommen wordt het carillon van het oude gemeentehuis aan de Markt ter gelegenheid van het jubileum bespeeld. Lees verder Open Monumentendag Ommen – zaterdag 11 september

Canon van de Ommer Herman Anthonius Wigbels (16)

Dit is aflevering 16 van de reeks ‘Canon van de Ommer’, waarin Ommer en Ommenaren centraal staan. Het gaat om personen die op een of andere wijze veel hebben betekend voor de Ommer samenleving.

 Herman Anthonius Wigbels in de reeks ‘Canon van de Ommer’.
Zie ook het album “16. Herman Anthonius Wigbels”, de verzamelplek voor alles over Herman Anthonius Wigbels.

De journalist Herman Wigbels is er één van. Hij heeft meer dan tien jaar in Ommen gewoond en een belangrijke bijdrage geleverd aan het schrijven van nieuws uit Ommen. Ook fotografeerde hij nieuwsfeiten. Zijn nagelaten werk zorgde ervoor dat een stukje geschiedenis voor de komende generaties bewaard is gebleven.

Geboren als Herman Antonius Wigbels op 6 juli 1918 in Lonneker als enig kind van Hendrik Gerard Wigbels en Berendina Willemina Kortink. Op 6 november 1943 trouwde hij met Cornelia Maria Lormans. Gedurende de periode 1947 – 1960 woonde Wigbels met zijn gezin in Ommen, waar hij in dienst was als journalist voor het Ommer Nieuwsblad en later het Sallands- Overijsselsch Dagblad. Daarnaast was hij in zijn vrije tijd ook nog eens actief voor het Ommer verenigingsleven, was voorzitter van Katholiek Ommen en schreef teksten voor toneelvoorstellingen.

Foto’s
Bijzondere van Herman Wigbels was dat hij als journalist niet alleen verslag met pen en schrijfmachine deed, maar ook als fotograaf voor de krant actief was. Hij maakte ter illustratie van zijn artikelen dus zelf ook de foto’s. En misschien in dit geval nog belangrijker: de foto’s zijn allemaal bewaard gebleven in een door hem zelf aangelegd fotoarchief. Zodoende kan nog steeds dankbaar gebruik gemaakt worden van de door hem gemaakte waardevolle foto’s waarop alle aspecten van het leven in de stad, dorp of het platteland goed tot hun recht komen. Het fotoarchief van Wigbels is in het bezit van de stichting OudOmmen.nl en voor iedereen toegankelijk via OudOmmen.nl en HermanWigbels.nl.

Krantenloopbaan
Herman Wigbels begon zijn krantenloopbaan in Enschede waar hij samen met Carel Enklaar “Het Centrum” runde, een kopblad van de Tijd-Maasbode. Vanwege de oorlog en de consequentie daarvan op zijn werk als journalist, verliet hij het redactielokaal van de Tijd-Maasbode want hij voelde niets voor een collaborateursbaantje bij een gelijkgeschakelde krant. Hij werd ambtenaar en belandde uiteindelijk op een Enschedees distributiekantoor waar hij samen met een andere collega (Adriaan Buter) de burgerij voorzag van bonkaarten. Stiekem staken zij van tijd tot tijd achterovergedrukte bonkaarten toe aan ondergedoken joden; een handeling die natuurlijk werd ontdekt; het einde van een ambtelijke loopbaan in Enschede, want Herman moest begin mei 1944 haastig onderduiken. Het ging drie weken goed, tot eind mei 1944 als de 25-jarige Herman Wigbels wordt opgepakt door de Gestapo. Via kamp Amersfoort komt hij uiteindelijk op het Duitse Waddeneiland Wangerooge terecht, om daar verplicht als Arbeitseinsatz-arbeider aan Hitlers Atlantikwall te werken.

Jan van Ommen
Na de oorlog volgt een sollicitatie als journalist bij drukkerij en uitgever Veldhuis in Ommen en met succes. Kantoor werd gehouden aan de Molenweg 4 tegenover hotel De Zon. In 1955 werd het kantoor verplaatst naar Brugstraat 17 (Bakoven). Uitgever G.J. Veldhuis, die ook een drukkerij had in Raalte, verkreeg de rechten van de weekkrant de Oprechte Ommer Courant en gaf de krant uit als Ommer Nieuwsblad. Als nieuws- en advertentieblad voor Ommen en omstreken verscheen deze krant twee keer per week, op woensdag en op zaterdag. Onder pseudoniem “Jan van Ommen” schreef Wigbels voor het Ommer Nieuwsblad prikkelende commentaren over het reilen en zeilen in Ommen waarin hij zijn mening niet onder stoelen of banken stak. Hij vulde de krant bijna helemaal in zijn eentje en hij doorkruiste daarvoor dagelijks het gebied te voet, met de bus en op de fiets. Dan ook was hij gekleed met op zijn overhemd een vlinderstrik. Van gemeenteraadsvergaderingen werd letterlijk verslag gedaan. Hij tikte de copy op kantoor of thuis uit en bracht het dan naar de drukkerij. Lees verder Canon van de Ommer Herman Anthonius Wigbels (16)

Kasteel Eerde doet weer mee met nationaal Kamermuziekfestival

Op 8, 9 en 10 oktober worden door het hele land 70 concerten met klassieke en vernieuwende kamermuziek uitgevoerd.

 NMF Kamermuziekfestival bij Natuurmonumenten in Kasteel Eerde 2019.
Foto: NMF & Natuurmonumenten / Ben Houdijk

Voor dit exclusieve festival opent Natuurmonumenten de deuren van historisch erfgoed, zodat het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds (NMF) daar een podium kan bieden aan topmusici en de hoogwaardige instrumenten die zij bespelen. De fraaie bel-etage van Kasteel Eerde biedt een bijzonder passend decor voor de concerten. Kaarten voor dit festival zijn nu verkrijgbaar via de website http://www.nm.nl/kmf.

Kasteel Eerde stond ruim drie jaar in de steigers. De bel-etage van het kasteel is volledig gerestaureerd. Bezoekers van het Kamermuziekfestival kunnen de fraaie bel-etage op eigen gelegenheid bewonderen. Extra bijzonder is dat in Kasteel Eerde een aantal muziekstukken worden gespeeld die geïnspireerd zijn op de 18e eeuwse Vlaamse wandkleden in de zaal met voorstellingen uit de Metamorfosen van Odivius.

Topmusici
Het Nationaal Muziekinstrumentenfonds heeft weer – voornamelijk jonge – topmusici gevraagd om mee te doen met het festival. Op Kasteel Eerde speelt op vrijdagavond het Chloé Piano Trio met Maria Gîlicel (viool), Jobine Siekman (cello) en George Todică (piano). Zij spelen werk van R. Clarke, K.M. Murphy en L. Boulanger. Op zaterdagmiddag brengt het Brackman Trio, bestaande uit Tim Brackman (viool), Kalle de Bie (cello) en Rik Kuppen (piano), werk van Zemlinsky en J. Brahms ten gehore. Op zaterdagavond kunt u genieten van het veelgevraagde Oyster Duo met pianiste Anastasia Federova en contrabassist/cellist Nicholas Santangelo Schwartz. Zij spelen werken van Chopin, Schumann, Fedorov en Piazzolla. Op zondagmiddag sluiten José Nunes (altviool) en Pieter Bogaert (piano) het festival op Eerde af met een Metamorfoses-programma met o.a. Purcell, Schubert, Mahler, R. Strauss en Clarke. Lees verder Kasteel Eerde doet weer mee met nationaal Kamermuziekfestival

Taxatiemiddag in Hotel De Zon in Ommen

Op dinsdag 31 augustus vindt er een taxatiemiddag plaats in Hotel De Zon in Ommen. Taxateur Arie Molendijk taxeert daar tussen 14.00 en 16.30 uur boeken (denk aan (staten)bijbels, oude atlassen, geïllustreerde werken en reisboeken), handschriften, oude brieven, foto’s, ansichtkaarten en prenten.

De in den lande bekende taxateur werkt al jaren samen met de Vrije Universiteit, de Koninklijke Bibliotheek en andere bibliotheken en overheidsinstellingen. Regelmatig wordt hij gevraagd bibliotheken te taxeren voorafgaand aan een veiling.

Molendijk: “De taxaties die ik verricht, zijn zo mogelijk gebaseerd op recente opbrengsten van vergelijkbaar materiaal op veilingen. De taxaties vinden alleen plaats op mijn taxatiedagen, dus niet via foto’s, telefoon of per e-mail.

De kosten voor een taxatie zijn vijf euro voor één tot ongeveer tien boeken of seriewerken. De taxatiekosten van grotere collecties/bibliotheken, die meer tijd in beslag nemen, variëren van 25 tot vijftig euro. “U krijgt altijd alle aandacht en uitleg. Een taxatierapport is zo nodig ook mogelijk, maar alleen voor waardevolle boeken met een waarde vanaf tweehonderd euro en tegen een van tevoren afgesproken tarief.”

Bezoekers zijn van harte welkom en worden vriendelijk ontvangen in het restaurant van het hotel, Voorbrug 1 in Ommen op dinsdag 31 augustus van 14.00 tot 16.30 uur. Vrije inloop zonder afspraak. Voor meer Informatie: http://www.molendijkboeken.nl.
Bron: Antiquariaat, veilingen en taxaties Arie Molendijk – 15 augustus 2021

Nieuwe uitgave De Darde Klokke weer vol met historische verhalen

In het jongste nummer (200) van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke dit keer weer volop historische verhalen. Zo wordt uitgebreid Gerrit Jan Seinen (1902-1989) belicht als een eigenzinnige wethouder met een groot hart voor Ommen.

 De jongste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (200).

Van 1945 tot 1974 was Seinen wethouder. Een markante persoonlijkheid die zei waar het op stond, maar daarmee niet alleen vrienden maakte. Toch is Ommen veel dank aan hem verschuldigd, overal in de gemeente zijn sporen te vinden die herinneren aan deze bijzondere plaatsgenoot, zo blijkt uit het nieuwste nummer. Ingrijpend voor Seinen en zijn vrouw waren de oorlogsjaren waar ze meehielpen aan het onderbrengen van onderduikers. Op het laatst van de oorlog kreeg de familie Seinen een jongetje ‘uit het Westen’ in huis die tijdelijk in Ommen was maar niet terug kon door de sluiting van de IJssellinie. In Amsterdam was er ook na de oorlog nog gebrek aan alles, waardoor hij in Ommen bleef. Ondertussen noemde de jeugdige Amsterdammer zijn pleegouders ‘oom Gerrit Jan’ en ‘tante Fré’.

Joodse huizen
In De Darde Klokke verder een verhaal wat er na onderduik of deportatie van de bewoners met de Joodse huizen in Ommen gebeurde. In 225 gemeenten in ons land zijn Joodse woningen, grond en bedrijven na onteigening doorverkocht. Vaststaat dat het hier gaat om een schimmig vastgoedcircuit waar ook gemeentes een bedenkelijke rol hebben gespeeld. In Ommen huurden sommige Joden hun huizen, maar bij anderen betrof het eigendom. Uit plaatselijk onderzoek is vooralsnog niet vast komen te staan of de gemeente Ommen in deze ook een bepaalde rol heeft gespeeld.

Ommen in vroegere jaren
Jeugdherinneringen over het vissen in het Ommerkanaal en het vissen op paling in de haven komen ruim aan bod. Ooit lagen er drie boten aan de oostzijde van het kanaal. Het eerste, een bruine woonark, was van mevrouw Vrede. Zij had vele sanseveria’s voor de grote ramen staan. Behalve water aan haar bloemen gaf ze ook blokfluitles. Het tweede was een klein woonbootje van de familie Pater die met paard en wagen oud ijzer ophaalde. Lees verder Nieuwe uitgave De Darde Klokke weer vol met historische verhalen

Willem Lampe neemt afscheid van NS

OMMEN – Stukjes schrijven voor het Ommer Nieuws blijft hij nog doen, maar de NS is van hem af. Willem Lampe (62) ook bekend als Lampie heeft donderdag 12 augustus 2021 afscheid genomen bij de Nederlandse Spoorwegen.

 Willem Lampe neemt na 40 jaar afscheid van de NS
Foto: Harry Woertink
Zie ook het album “Willem Lampe -> afscheid van NS

40 jaar
Veertig dienstjaren bij de Nederlandse Spoorwegen was voor Lampe lang genoeg. Na zijn laatste werkdag in Zwolle wachtte collega’s, sportvrienden en familie hem op bij het NS-station in zijn woonplaats Ommen. Dat bleef bij velen niet ongemerkt. Behalve spandoeken, toeters en vlaggen op het perron werd zijn afscheid ook in de trein door de conducteur aangekondigd. Bovendien stond hem op het station in Ommen een extra verrassing te wachten. Het oude wissel- en seinblok, waarop Lampe in 1981 is begonnen was voor hem klaargezet op het perron. Het museale ding belandde in 1987 in het streekmuseum toen de lijn Zwolle-Emmen geëlektrificeerd werd. Nieuwbouw van het streekmuseum staat het wisselblok in de weg. Daarom ontfermde molenaar Anton Wolters zich erover. Wolters was graag bereid om het blok voor het feestelijke afscheid van Lampe naar het NS-station te brengen. Lampe was beduusd door het grote gezelschap dat hem onthaalde.

Museum
Als oud sein- en loketmedewerker mocht Lampe nog even aan het sein- en wisselblok zitten. “Hoe was het ook alweer?” vroeg Lampe zich af. Na de vernieuwing van de spoorverbinding werd Lampe van Ommen naar Zwolle overgeplaatst en reisde daarom dagelijks met de trein. Om vrij te blijven van avond- en nachtwerk koos hij er voor om zich verdienstelijk te maken bij de afdeling logistiek, die verantwoordelijk is voor het rangeren van de treinen. De in Steenwijk geboren Willem Lampe ook bekend als “Lampie of “Klukluk” is in Ommen een bekend iemand dat hij vooral te danken heeft als columnist voor de weekkrant het Ommer Nieuws waarin hij schrijft over alle dingen van de dag, maar ook kritische noten niet achterwege laat. Ook voor de krant en de voetbal verzorgt Lampe sportberichten. Verder heeft hij als passie de hengelsport. Lees verder Willem Lampe neemt afscheid van NS

2e toertocht voor uitsluitend Union bromfietsen

Op zaterdag 28 augustus 2021 organiseert het Palthehof Museum haar 2e toertocht voor uitsluitend Union bromfietsen.

 De 1e Union toertocht in 2019.
Foto: Historische Vereniging Ni’jluusn van vrogger

20 jaar geleden, in 2001, is het faillissement uitgesproken van de toenmalige fietsenfabriek in Nieuwleusen. Deze fabriceerde ook bromfietsen met de vooruit strevende modellen zoals de Boomerang en Polaris, maar ook de Roulette met automaat. Van dit laatste model zijn er veel gefabriceerd voor de PTT postbezorging in Nederland.

De toertocht gaat door het mooie Vechtdal, waaronder de stuw bij Junne en de Lemelerberg. De tocht is ongeveer 65 km lang en onderweg is er tijd en gelegenheid om op te steken. Er wordt gestart vanaf het Museum, adres Westeinde 3 te Nieuwleusen om 11.00 uur. Het museum zelf is open vanaf 10.00 uur. Er is parkeergelegenheid op het plein bij de kerk.

Na de tocht is er ook gelegenheid om het museum te bezichtigen. We hebben hier de eerste in 1952 door de Union geproduceerd bromfiets staan die was uitgevoerd met een GMF (Gelderse motoren fabriek) Boy motorblokje. Aanmelden voor de toertocht kan via mail adres g.lubbers13@kpnplanet.nl of 0529 482458. Deelname aan deze tocht is geheel op eigen risico, de vereniging erkent geen enkele aansprakelijkheid.

Bron: Historische Vereniging Ni’jluusn van vrogger – 10 augustus 2021

Telefoonverkeer in Ommen en Vilsteren geautomatiseerd

Aan de repeterende woorden die de telefonisten telkens maakten van “U wordt gebeld door…” om een telefoongesprek door te verbinden kwam in Ommen en Vilsteren op 2 juli 1956 definitief een eind.

 Vervangend stationhoudster mejuffrouw Koggel van de ‘Boerenpost’ te Vilsteren. Boerenposten waren telefooncentrales die de aanvragen voor interlokaal verkeer uit de zeer kleine plattelandsgemeenten behandelden, vandaar de naam. De tarievenlijst hing binnen handbereik.
Foto: OudOmmen

Vanaf toen werd het telefoonverkeer voor het eerst geautomatiseerd. De bellers konden zelf de verbindingen tot stand brengen. Eerder kon dat alleen via tussenkomst van de telefoniste op het telefooncentrale van het postkantoor Zij bracht vervolgens de gewenste verbinding tot stand. Het netnummer van de automatische telefooncentrale werd 05291 en de abonneenummers veranderde van twee naar drie cijfers. Vilsteren had een zogeheten “Boerenpost” met een centrale die een capaciteit had van twintig aansluitingen. De gesprekken via de centrale kwamen tot stand door een verbindingssnoer aan te brengen tussen de uitgangen van twee abonneelijnen.

350 abonnees
Op die maandagmiddag precies één uur werden de ongeveer 350 telefoonabonnees in Ommen en Vilsteren op het automatische net aangesloten. Aan het Bergpad werd hiervoor een telefooncentrale gebouwd. De ingebruikname werd door de PTT feestelijk gevierd in hotel Stegeman, waarbij onder meer tegenwoordig waren burgemeester mr. C. P. van Reeuwijk, wethouder G. J. Seinen, secretaris E. J. Stoeten, gemeentearchitect S. Reinsma, de heren G. Bosscher en B. Terra voor de middenstandsvereniging, de heren B. H. G. Lubbers en J. Vosjan namens de abonnees en hoofden van diensten uit het telefoonbedrijf.

De directeur van het telefoondistrict Zwolle, ir. E. W. Ott, zei zich te kunnen voorstellen dat men in Ommen op de automatisering heeft zitten wachten. De P.T.T. kon echter niet anders door materiaal schaarste en andere factoren. De kosten van aansluiting bedroegen f 600.000; dit is ruim f 1700 per abonnee. In 1955 bedroegen de uitgaande interlokale gesprekken in Ommen 115.000. In 1956 verwacht men een aantal van 150.000. Het aantal lokale gesprekken bedroeg in 1955 175.000. Gedurende de zomermaanden wordt ongeveer 20 procent meer getelefoneerd dan in de andere maanden, zo was berekend.

Eerst denken dan doen
De telefoondistrictsdirecteur verzocht, over de hoofden van de aanwezigen heen, de abonnees om toch vooral eerst te denken en dan pas te doen. Laat men eerst rustig de eerste bladzijden met aanwijzingen in de telefoongids lezen en laat men minder fouten maken. Weet ook waarover men wil spreken en zeg het zakelijk en kort. Het aantal door de telefonisten in 1955 afgewikkelde interlokale en internationale gesprekken bedroeg ongeveer 289.000 dit is gemiddeld per werkdag 1100. Dit betekent dat, met de lokale gesprekken erbij gerekend, de telefonisten per dag elk 350 gesprekken tot stand brachten.

Burgemeester Van Reeuwijk wenste in zijn toespraak de PTT veel geluk met het werk en bracht een woord van hulde aan de telefonistes, onder leiding van mejuffrouw B. van Elburg, en in Vilsteren de dames Niemeyer en Koggel, die met onuitputtelijk geduld al die jaren de telefooncentrale hebben bediend. Wij zullen nu de aangename stemmen der dames moeten missen, maar ook de mensen die halsstarrig verkeerd bellen. Lees verder Telefoonverkeer in Ommen en Vilsteren geautomatiseerd

Ommer tijdschrift De Darde Klokke op weg naar jubileum: 200ste nummer

OMMEN – Het historisch tijdschrift De Darde Klokke werkt op dit moment aan het tweehonderdste nummer. De uitgevers van het Ommer kwartaalblad zijn trots op deze mijlpaal. Het jubileumnummer 200 rolt eind deze maand van de pers en vervolgens ook in de brievenbus van de abonnees.

 Met spanning wordt het pulsen, waarmee de firma Dijks en Steen is begonnen, naar de “darde klokke” gevolgd.
Foto: OudOmmen
Zie ook de albums “De Darde Klokke” en “Tijdschrift De Darde Klokke

Nieuwe start
In 1971 is een nieuwe start gemaakt met de uitgave van De Darde Klokke. Vanaf toen is ook een begin gemaakt met de nummering van de bladen. Het eerste exemplaar van dit tijdschrift verscheen al in 1954, maar hield in 1962 op te bestaan. Dieks Makkinga (1919-1995) was het die in 1971 op eigen houtje het initiatief nam om De Darde Klokke weer nieuw even in te blazen. En met succes, tot aan vandaag de dag zorgt het tijdschrift om de drie maanden voor de verslaglegging van de geschiedenis van Ommen en omstreken, gezien vanuit de ogen en oren van diverse Ommer en Ommenaren. “We prijzen ons gelukkig met een groot abonneebestand dat ons tijdschrift weten te waarderen”, aldus Albert van der Vegt, penningmeester van de stichting De Darde Klokke. “Daarnaast kunnen we telkens een beroep doen op onze trouwe adverteerders. Dat alles bij elkaar zorgt ervoor dat De Darde Klokke voor de kostprijs aangeboden kan worden.

Historie
Hoe komt men aan de naam De Darde Klokke? De historie van Ommen vertelt ons dat er ooit drie koperen luidklokken hebben gehangen in het klokkenhuis van de (Hervormde) kerk in de Brugstraat. In het Rampjaar 1672 is een van deze klokken gestolen door soldaten uit het Münsterland onder leiding van de bisschop van Münster. Het is ze echter niet gelukt de zware luidklok mee te nemen. De soldaten kwamen niet verder dan de haven. Het verhaal vertelt verder dat de zware koperen klok over boord is geslagen, in het water terecht kwam – van wat nu Burggraven wordt genoemd – en op de bodem ligt van een vroegere rivierarm van de Vecht. Vanaf het ontstaan van dit Ommer historisch tijdschrift wordt de ‘derde klok’ weer symbolisch geluid met de naam “De Darde Klokke”, de naam dus van dit tijdschrift geschreven in het Ommer dialect. Lees verder Ommer tijdschrift De Darde Klokke op weg naar jubileum: 200ste nummer

Reis naar de oorsprong van de Vecht (2)

De Gemienschop van Oll Ommer maakte op 19 mei 1954 een reisje naar de bronnen van de Vecht in Duitsland. Onder de deelnemers ook Herman Wigbels voor het Ommer Nieuwsblad. Dit is deel 2 van zijn verslag voor het Ommer Nieuwsblad.

 Het prachtige middeleeuwse altaar-drieluik in de kerk van Schöppingen, verhalend alle episoden van het lijden van Christus. Dit schoonste werk van de onbekende schilder leeft voort in de geschiedenis als de Schöppinger Meister en van wiens hand alleen nog in Keulen een werk te vinden is, want het grote stuk in Berlijn is bij de laatste oorlog verbrand.
Foto: Harry Woertink
Zie ook het album “1954 – Reis naar de oorsprong van de Vecht

Schöppingen
In ons eerste artikel vertelden wij van de reis naar Schöppingen en de aanbieding van een foto aan de Duitse gastheren. In Schöppingen vertelde Pfarrer Krasbutter op interessante wijze in platduuts iets van de geschiedenis van de kerk en de plaats zelf. Onder Lodewijk de Vrome in 838 was Schöppingen als een plaatsje en iets van die oude tijden waait nog steeds door de kruinen der bomen en spreekt nog uit de stenen der kerk. Van een heidense offerplaats maakte Sankt Brictius er een Christengemeente van. Uit de offersteen groeide een houten kerk, later herbouwd in Romaanse stijl. Veranderingen en uitbreidingen schonken de kerk daarbij nog een vroeg- en laatgotisch uiterlijk. In de kerk, waar zich allen verzamelden, verhaalde de Pfarrer bijzonderheden over de geschiedenis van het interieur en zijn stem werd gloedvol toen hij kon vertellen over het prachtige middeleeuwse altaar-drieluik dat de dag tevoren teruggekomen was van een 30.000 guldens eisende restauratie. Het prijkte reeds weer boven het altaar in al zijn mystieke middeleeuwse schoonheid, verhalend alle episoden van het lijden van Christus. Vol bewondering bekeken allen dit schoonste werk van de onbekende schilder, die voortleeft in de geschiedenis als de Schöppinger Meister en van wiens hand alleen nog in Keulen een werk te vinden is, want het grote stuk in Berlijn is bij de laatste oorlog verbrand.

Na nog een laatste blik geworpen te hebben op de kleine Vecht waarin de vrouwen hun was zaten te spoelen en welk stroompje nooit bevriest, hoe wonderlijk het ook moge klinken, werd verder gereden naar Eggenrode. Behalve de Pfarrer gingen de Schöppinger autoriteiten mee om het contact met Scholten Berend tot stand te brengen. Van een wonderlijke schoonheid was hier het landschap. Puur de lucht, zacht de kleuren, fris en vredig, zorgeloos mooi de landerijen. Vanaf de Schöppingerberg, 157 meter, had men een prachtig panorama aan alle zijden. Als een groene lappendeken in vele tinten vertoonde zich het opschietende zaaisel tegen de heuvelflanken, overal doorbroken met het tere wit van de bloeiende bongerds en doorsneden met het wit van de fruitbomen die hier allerwegen langs de straten geplant zijn. Lees verder Reis naar de oorsprong van de Vecht (2)