Ommen is op zoek naar zijn vermaarde derde klok die ooit in de toren van de Hervormde kerk moet hebben gehangen.

Voorjaar 1954: de boringen naar de derde klok in volle gang.
Sage of waarheid
Plaats delict: de Burggraven, ooit de haven voor de zompen van de Ommer Vechtschippers. Maar de bodem geeft het geheim van de luidklok niet prijs. Verder onderzoek wordt gestaakt vanwege de hoge kosten. De “darde klokke” zal daarom een sage blijven, al blijft een kern van waarheid bestaan, zo weet de Ommer krant in 1954 te melden over de zoektocht naar de koperen klok.
Gemienschop van Oll Ommer
De Gemienschop van 0ll Ommer, de vereniging van Ommenaren, die zich met de geschiedenis van het Vechtstadje bezig houdt, vindt het welletjes nadat er rond driehonderd gulden voor grondboringen zijn neergeteld, boringen, die wel een vermoeden sterkten, maar verder negatief resultaat opleverde. Een stukje metaal, dat daarbij naar boven werd gebracht bleek niet van een klok afkomstig te zijn het was rood koper. En dan is er verder de zekerheid, dat er op ruim 11 meter diepte onder een aardappelveldje dicht bij de vervallen molen op den Oord een hard voorwerp zit, waar de puls niet doorheen kon komen. De wichelroedeloper Hulsegge, die de vermoedelijke plaats van Ommens derde klok heeft aangewezen, is van mening dat dit harde voorwerp inderdaad de klok is. Maar zelfs geen schilfertje brons is bovengekomen en zo ontbreekt elk overtuigend bewijs dat de derde klok daar dicht bij de Vecht nog diep onder de grond zit.
Eerst drie toen twee
Het is een hardnekkige overlevering, die van Ommens dërde klokke. Er hangen nu in het klokkenhuis van de Hervormde kerk twee klokken, maar elke rechtgeaarde Ommer kan vertellen dat er vroeger drie moeten zijn geweest. En met één van die klokken is het een vreemde geschiedenis. Er zijn zelfs verschillende lezingen van.








