Giethemer kerkpad en Giethemer kerkbrugje

Een bijzonder pad in Giethmen is het kerkpad met voetbrugje, ook wel het Giethemer kerkbrugje genoemd. Het Giethemer kerkpad pad loopt vanaf de buurtschap Giethmen naar Ommen.

Het Giethemer Kerkbrugje met zonsopkomst.
Zie voor meer foto’s het album “Giethemer Kerkpad”.

Kerkgangers uit Giethmen liepen deze afstand elke zondag om de kerk in Ommen te bezoeken. Het was in de regel ook de kortste afstand naar Ommen voor een bezoek aan de wekelijkse (waren)markt. De rivier Regge werd toen overgestoken met een zelf bedienend bootje. Als dat niet kon werd gebruik gemaakt van de verderop gelegen Nieuwebrug of Laarbrug.

Voetbrugje over de Regge
Voor het eerst werd het als voetbrugje bedoelde oversteek over de Regge aangelegd omstreeks 1905, toen ook de Regge als rivier werd verbeterd. De eigenaar van landgoed Vilsteren, destijds de heer Pathuis Cremers, betaalde de aanlegkosten van het ijzeren voetbrugje in ruil voor het jachtrecht in Giethmen. Het Giethemer voetbrugje met een ophaalsysteem om boten ongehinderd te kunnen laten passeren kwam in eigendom van de gemeente en ook de onderhoudskosten. In de dertiger jaren van de vorige eeuw werd regelmatig gesteggeld over het onderhoud. De gemeente was van mening dat de onderhoudskosten ook voor rekening van de bewoners van de buurtschap Giethmen kwam à 25 gulden gedurende dertig jaar.

Brug vernieuwd
In 1987 heeft de gemeente Ommen het voetbrugje volledig vernieuwd. De ophaalconstructie die de vorige brug wel kende is toen in hout nagemaakt en werkt ook niet als zodanig. Het kerkpad en voetbrugje wordt veel gebruikt door fietsers en wandelaars.

Reparatie
In 2020 onderging het kerkbrugje een reparatie. Aannemer Salbam uit Vilsteren heeft toen de gescheurde houten bovenligger vervangen. Het laatste halfjaar daarvoor werd de brug met noodvoorzieningen ondersteund. Ook werden er nieuwe schoren geplaatst en de kettingen vervangen.

Al die maatregelen waren bedoeld om de huidige brug nog enkele jaren veilig te kunnen gebruiken, in afwachting van volledige vervanging. Volgens het college van burgemeester en wethouders van Ommen is dat moment nu aangebroken. Een gemeentelijke inspectie in februari 2026 wees uit dat de brug kampt met ernstige houtrot. De kosten van vervanging van de brug worden geschat op 725.000 euro.

Tekst/foto: Harry Woertink

Boerderij Erve Slotman eerder herberg Ommerhaar (Bisschopshaar)

Aan de noordkant van Ommen aan de Hessenweg West 1 staat boerderij “Erve Slotman”.

2018. Boerderij Erve Slotman
Klik op deze link voor meer foto’s boerderij Erve Slotman

Nieuwbouwwijkje
Ooit was hier herberg “Bisschopshaar” gevestigd voor de Hessenrijders. De boerderij kreeg na vijftien jaar leegstand in 2017 weer een woonbestemming. Dit na een grondige restauratie met als resultaat een boerderij met rieten dak, erf, hooiberg en wagenschuur die er oogstrelend uitziet en is een sieraad voor de omgeving is. De boerderij was ooit eigendom van de familie Slotman. De laatste officiële bewoonster was Gerritdina Slotman. Sinds het overlijden in 2003 van Gerrtdina Slotman heeft het pand leeg gestaan. Projectontwikkelaar Credo uit Oosterbeek koopt dan vervolgens de boerderij van de erfgenamen met de bedoeling op de plek een klein nieuwbouwwijkje te realiseren. Dit zorgt voor veel weerstand. De sloop van de historische boerderij is voor velen onacceptabel en ook omwonenden beginnen zich te roeren. Ze wensen geen nieuwe bebouwing in hun achtertuin.

Boerderij weer bewoond
In 2005 komt een onderzoek naar de historische waarde van de boerderij. Dit ook met de bedoeling de boerderij op de monumentenlijst te krijgen. Verder worden mogelijkheden tot herstel en renovatie onderzocht. Intussen blijft er weinig meer overeind van het pand dat ook voor korte tijd nog eens wordt gekraakt. Het onderzoek komt niet verder dan dat sprake is van een karakteristieke boerderij op een historische plek, maar te veel verbouwingen hebben het origineel van de boerderij aangetast. Dan in 2016 kopen Ferdinand en Gerla Schuurhuis de inmiddels vervallen boerderij met de bedoeling deze op te knappen en vervolgens met hun kinderen Vera, David en Rachel te gaan bewonen. Er komt opnieuw verzet uit de buurt als de familie het bestemmingsplan wil wijzigen. Maar toch lukt het de familie Schuurhuis uiteindelijk de plannen voor restauratie en renovatie van de boerderij tot een goed einde te brengen en kan de inmiddels gerestaureerde boerderij weer bewoond gaan worden. Ook de hooiberg en de wagenschuur zijn dan weer in oude glorie hersteld.

Herberg Ommerhaar (Bisschopshaar)
De historie is dat op de plek van de huidige boerderij in 1662 een herberg verscheen. Eerst onder de naam “Grote Oude Haar” of “Ommer Haar”, genoemd naar de omliggende woeste gronden. De laatste kastelein van de herberg was Jan Bisschop en vanaf toen kreeg de herberg de naam “Bisschopshaar”. De herberg was strategisch gelegen aan de brede zandweg de Hessenweg met de kruising van de weg naar de Ommerschans. Om handelswaar in een z’n korte mogelijke tijd te kunnen vervoeren werd vroeger gebruik gemaakt van zogeheten Hessenrijders. Vanuit Duitsland trokken vol beladen wagens door paarden getrokken met als eindbestemming Zwolle of via de Achterhoek over de Veluwe naar Amersfoort, Utrecht of Amsterdam. Vaak was men in konvooien om struikrovers tegen te gaan. Om dorstige kelen te laven en hongerige magen te vullen verschenen aan de Hessenwegen verschillende herbergen. In de gelagkamers werd niet alleen gedronken maar ook geslapen. In de oude gelagkamer van de Bisschopshaar is de oorspronkelijke tekst op de muur van de toenmalige herberg teruggeplaatst:
“Door lange reizen over ’t veld wordt men ten leste ingesteld.
Maar overvalt de nacht u hier, treed binnen hier tapt men wijn en bier.
Hier tapt men nat, al uit het vat en dit ook zonder schromen.
Wie vloeken laat en borgen haat, mag hier vrij binnen komen.”

Einde Hessenrijders
Andere pleisterplaatsen aan de Hessenweg op Ommer grondgebied waren: “Het Zwarte Paard”, de “Roozeboomshaar” en de “Hongerige Wolf”. In de 19de eeuw werd begonnen met het verharden van zandwegen, zodat de speciale Hessenwegen overbodig raakten. Als de doorgaande route bij Ommen langs de Vecht komt te liggen is het einde herberg. Al gauw is het dan ook einde Hessenrijders.

Erve Slotman
In 1881 wordt Gerrit Jan Slotman eigenaar om van de herberg een boerenwoning te maken. De laatste officiële bewoonster was de ongetrouwde Gerritdina Slotman. Zij was als boerin volop actief totdat ze 5 januari 2003 op 81-jarige leeftijd komt te overlijden. De inwonende zuster Martha Aaltje Slotman overleed al eerder: op 16 april 1987. Sinds het overlijden in 2003 van Gerritdina heeft het pand leeg gestaan en was niet meer dan een bouwval.

Tot dus november 2017 toen was aan Vera, David en Rachel Schuurhuis de eer om de voorgeschiedenis af te sluiten met een gedenksteen in de muur van de boerderij met daarop de tekst: “Deze steen is gelegd door Vera – David- Rachel – November 2017 – 1662 Herberg Ommer Haar – 1881 Boerderij Erve Slotman”.

2006. Boerderij Erve Slotman.

Klik op deze link voor het verhaal over de Hessenrijders

Tekst/foto’s: Harry Woertink

Zundag weer verjöarsviseet

Heftan tattat

Zundag weer verjöarsviseet

en iej weet wa hoo’t dat geet:

Herman hef zoo zeek ewes,

Graads mut ok weer oonder t mes,

Trui hebt z’ alns a vort-enomn,

Kloas is oet de tied ekomn,

Leida hef zon pien in t lief,

oo, dat aarme, aarme wief.

En hoo is t dan noe met Bernard?

Heftan tattat! Heftan tattat!

Hee har völs te völ patat had

en doo hef e t dus an t hart had.

Dat genöal, oo man oo man,

doodzeek goa’j op hoes op an.

Willem Andries Wilmink (Enschede, 25 oktober 1936 – aldaar, 2 augustus 2003) was een Nederlandse neerlandicus en vooral dichter, schrijver en zanger. Vandaag zou hij 90 jaar zijn geworden. Ter ere van hem bovenstaand gedicht van zijn hand in het Twents.

Tekst/foto: Harry Woertink – (Foto: ter illustratie)

Lezing over Kamp Erika

Op de najaarsvergadering, donderdag 19 november van het Cultuurhistorisch Centrum Ommen (CCO) houdt Jan Scholten uit Ommen een lezing over het gevangenkamp Erika.

1943. Gevangenen van kamp Erika werden veelal tewerkgesteld bij boeren. Een groep op terugweg naar het kamp marcheert hier door de Bouwstraat (links is een deel van de Gereformeerde kerk zichtbaar)

Besthmenerberg
De CCO-bijeenkomst wordt gehouden in De Kern aan de Bouwstraat en begint om 20.00 uur waar eerst enkele bestuurlijke zaken van de vereniging aan de orde komen.
Kamp Erika op de Besthmenerberg was tijdens de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) in handen van de Duitse bezetter. Tussen 1942 en 1945 zijn er talloze Nederlanders vernederd, gemarteld en vermoord.

Lees verder Lezing over Kamp Erika →

Landgoed Junne zondag te zien bij tv-programma ‘Vroege Vogels’

Landgoed Junne is zondag 25 oktober om 19.25 uur onderwerp van ‘Vroege Vogels’ het wekelijks tv-programma over natuur en milieu.

Doorkijkje in Junne richting de Vecht.

Steenanjer
Op Landgoed Junne aan de rivier de Vecht wisselen stuifzandvlaktes, uiterwaarden en productiebossen elkaar af. In het water zwemt de kleine modderkruiper. En aan de oevers van rivier grazen koeien en bloeit de iconische steenanjer. De schrale graslanden overstromen regelmatig, waarbij rivierwater wat extra zand en kalk op de bodem afzet. Dat is net genoeg voor een bijzondere plantengroep om zich te handhaven: de stroomdalflora. Natuur en milieu De Vechtstreek vrijwilliger Henk Ruiter weet er alles van.

Lees verder Landgoed Junne zondag te zien bij tv-programma ‘Vroege Vogels’ →

Oud Ommen gesloopt – Alles van waarde is weerloos

In 1969 voltrok het noodlot dat een groot deel van het oude Ommen werd gesloopt voor de aanleg van een nieuwe brug en weg over de Markt richting Zwolle. Gelukkig zijn de foto’s er nog.

Het rijtje winkelpanden aan de kop van de Brugstraat dat in 1969 werd gesloopt voor de aanleg van een nieuwe brug en weg.

Slopershamer
Aan de kop van de Brugstraat werden meerdere panden met de grond gelijkgemaakt. Achtereenvolgens ging het om de woning en winkel van horlogemaker van der Kolk en de winkel/woning en vroegere bakkerij van Stevens. De winkel en woning van schoenmaker Van Kesteren ontkwamen evenmin aan de slopershamer. Hetzelfde lot onderging de winkel en woning van de dames Corté. Dit alles om de aanleg van de nieuwe brug en de weg over de Markt te kunnen realiseren. Door de verlegging van de weg kwam het toenmalige gemeentehuis als het ware op een eiland te liggen, en nog erger, het markante gebouw op de Markt dat ooit als kantongerecht diende werd eveneens gesloopt evenals de woningen achter de hervormde kerk. Met deze rigoureuze sloop verdween voor goed een deel van mooi oud Ommen.

Lees verder Oud Ommen gesloopt – Alles van waarde is weerloos →

Reggedal: een waar wandel- en fietsparadijs

De Regge ontspringt in de nabijheid van Diepenheim en mondt uit in de Vecht bij Ommen.

De Regge bij Hancate met rechts het fietspad. Links is de woning van de toenmalige hoofdopzichter van het Overijsselse Kanaal Maatschappij deels zichtbaar.

Fietspad – Natuurherstel
Door de Regge had Twente over water een belangrijke verbinding met de Hanzesteden Zwolle en Kampen. De Regge is een regenrivier die ooit onbevangen door het Overijssels landschap meanderde. Eind 19e eeuw kwam daar verandering in. De rivier werd door kanalisatie getemd en zeventien kilometer werd afgesneden. Er werden stuwen aangelegd. Tot 1925 werden zompen gebruikt om mee over de Regge te varen, die langs de Regge in Enter werden gebouwd.

Lees verder Reggedal: een waar wandel- en fietsparadijs →

Ommen historisch belicht (14) de warenmarkt (een wekelijks gebeuren)

Ommen kent sinds mensenheugenis een markt. Elke dinsdag komen de marktkooplui naar Ommen met hun waar om deze aan de man of vrouw te slijten. In tegenstelling tot vroeger is er tegenwoordig geen veemarkt meer. Het gaat nu alleen nog om een warenmarkt. Deze markt bestaat uit verschillende kramen, verspreid over de Markt van Ommen. De markt is een ochtendmarkt en wordt gehouden van 8 tot 13 uur.

De laatste varkensmarkt in 1990

Bissingh
De belangrijkste markt voor Ommen was ooit de jaarmarkt, de Ommer Bissingh. Uit de geschiedschrijving blijkt dat in 1567 al sprake is van de jaarmarkt op de tweede dinsdag in juli. De Bissingh voorzag stad Ommen en omliggende platteland van goederen en diensten. Hoewel nog steeds op de tweede dinsdag in juli een jaarmarkt wordt gehouden is deze niet meer zoals vroeger.

Varkensmarkt
De goederen- en warenmarkt was eerder verspreid over de binnenstad, met name Brugstraat, Kerkplein en Vrijthof. Op de Markt zelf werden de varkens verhandeld. In de dertiger jaren tot aan de oorlog behoorde de varkensmarkt in Ommen tot een van de grootste varkensmarkten in Overijssel. Behalve handel werd de markt later ook een groot toeristisch trekpleister. Marktkraampjes met (boeren)gereedschap, touwen, werkkleding en klompen maar ook kramen met (gebakken) vis of leverworst complementeerden de varkensmarkt. Op 18 december 1990 werd de laatste de varkensmarkt gehouden. Deze werd na zo’n 150 jaar door de gemeente beëindigd omdat er verlies werd geleden.

Na een grootscheepse renovatie en herinrichting van de Markt kon op 11 juli 2016 voor het eerst een nieuw marktterrein naast de Vechtkade in gebruik genomen worden. Daardoor verdween de wekelijks  warenmarkt uit de binnenstad en verhuisde naar een centrale plek, gelegen tussen Markt en Vechtkade, die daarnaast ook dienstdoet als parkeerplaats.

Meerdere markten
Tot 1940 kende Ommen meerdere plekken waar gehandeld werd. Op het Vrijthof, toen een mooi plein omzoomd met lindebomen, was de schapenmarkt. Het plein werd ontkracht met een doorbraak richting Julianastraat. Op de hoek van de Schapenmarkt/Kruisstraat woonde Jan Lemmers, die stadswaagmeester was. Op de straat langs zijn woning was de kippenmarkt. Hier werden, naar gelang van de jaargetijden, kippen en konijnen aangevoerd. Ook wild en huiden werden hier verkocht.

Om de hervormde kerk was de lappenmarkt waar ook andere spulletjes verkocht werden. Aan de noordzij van het Kerkplein was de eier- botermarkt. Hier verkochten de boeren hun eieren en boter. Later nam de zuivelfabriek het boter maken over.

Veemarkt
Tussen het gemeentehuis en de daarnaast staande huizen met tegenover bakker Sonnenberg tot het postkantoor was de veemarkt, ook wel ‘Biestenmarkt’ genoemd. Hier werden wekelijks runderen aangevoerd en verkocht. Het vee stond voor de huizen langs en daartussendoor liepen de veehandelaren. Tegenover Flater tot voorbij enkele huizen verderop was de biggenmarkt. De gemeente plaatste hier elke dinsdagmorgen grote houten bakken waar de biggen dik in het stro konden liggen. Aan de westkant van het gemeentehuis werden op “Grote markten” paarden aangevoerd op de paardenmarkt. Grote markten waren: de Palmmarkt, de Paasmarkt, de Meimarkt, de Pinkstermarkt, de Bissingh, de Kermismarkt, de St. Michaelsmarkt, de Zuidlaardermarkt, de St. Maartensmarkt en de St. Nicolaasmarkt.

In het voorjaar werden onder de bomen naast de muziektent op de kalvermarkt kalveren aangevoerd. Naast en achter het Kantongerechtsgebouw was de varkensmarkt. Lopers, zouter, zeugen en beren kwamen in aparte hokken. Boeren voerden de varkens aan met paard en wagen. Om het lossen makkelijker te maken stond achter het Kantongerechtsgebouw een losplaats die 70 centimeter hoger lag dan het marktplein. De dieren die gewogen moesten worden gingen bij café Kouwen in de schuur op de waag.

Controle
Op marktdagen werden alle toegangswegen naar de veemarkt afgesloten en moesten de handelaren langs een controle voor het kopen van kaartjes die aan het verhandelen verbonden was. Door de mannen in dienst van de gemeente werd goed gekeken of ze niet meer varkens in de wagen hadden dan werd opgegeven.

Zomerfeest
Zoals gezegd, is de jaarmarkt niet meer wat het ooit is geweest. Wel wordt de Ommer Bissingh in ere gehouden met het gelijknamige zomerfeest ‘De Ommer Bissingh’. Aan de Ommer Bissingh zijn tegenwoordig een aantal feestdagen ‘gehangen’ verdeeld over meerdere woensdagen tot eind augustus. In de zeventiger jaren van de vorige eeuw ging het eerst om een feestweek. Om niet afhankelijk te zijn van het weer en ook om de vele toeristen iets te kunnen bieden zijn later de feesten verdeeld over zes of zeven woensdagen. Traditioneel als Ommen is wordt aan de vooravond van de jaarmarkt zelf, op de maandag er voor, de officiële openingshandeling gehouden met het luiden van de eeuwenoude bissinghbel.

Tekst: Harry Woertink- Foto: collectie OudOmmen.nl


Eerdere afleveringen uit de reeks: Ommen historisch belicht

Twee oude postkantoren nog steeds onderdeel van historisch Ommen

Ze zijn op de vingers van één hand te tellen: oude karakteristieke panden; gebouwd voor hun eigenlijke functie die eindigde, maar waar de gebouwen er gelukkig nog steeds staan.

1881. De postkoets komt aan bij het postkantoor in de Kruisstraat. De brievenbestellers en de postkarren staan er klaar voor.

Historisch Ommen
Het gaat om twee voormalige postkantoren: aan de Kruisstraat 6 en aan de Markt 17 in Ommen. Beiden historische- en mooie panden maken nog steeds deel uit van historisch Ommen. Hoe zat het ook alweer? Met de toeneming van het brievenvervoer en de uitbreiding van de postdiensten in de regio, werd de behoefte aan een postkantoor in Ommen steeds groter. De distributie van brieven was eerder ondergebracht bij de Magistraat van Ommen met brievengaarders op provisiebasis. In de aanvraag voor een eigen postkantoor bij de Minister werd het accent gelegd op de toeneming van het verkeer en de bloei van de grote weekmarkten die op dinsdag werden gehouden en waar rundvee, paarden, schapen, varkens en landbouwproducten werden verhandeld.

Lees verder Twee oude postkantoren nog steeds onderdeel van historisch Ommen →

Ommen historisch belicht (5) Ommer zuute plassies

Elk zich zelf respecterende stad of dorp heeft haar eigen specialiteit. Zo zijn er Bosschebollen, Dalfser moppen of Zwolse balletjes. En Ommen heeft al meer dan 150 jaar Zuute Plassies.

Stroop en anijs

Een zuute plassie is een typisch Ommer lekkernij. Het gaat om een klein rond broodje waar ‘zuute’ staat voor zoet en ‘plassie’ voor broodje. Als voornaamste smaakmakende bestanddeel bevat het broodje stroop en anijs. Het verhaal achter het zoete broodje.


Zuute plassies, zoete broodjes uit Ommen

De warme bakkers bakken de zuute plassies vanaf half oktober tot het einde van het jaar. Gedurende deze maanden gaan ze letterlijk en figuurlijk als zoete broodjes over de toonbank. Lees verder Ommen historisch belicht (5) Ommer zuute plassies →