Adri Knappert postuum geëerd voor hulp aan Joodse kinderen tijdens de oorlog

Aan Adri Knappert (1904-1991) is postuum de Legion of Honor Award toegekend. De officiële uitreiking vindt plaats op 12 september 2026 op Landgoed Eerde.

1943. Adri Knappert met een aantal van haar onderduikertjes in ’t Weversnest aan de Steile Oever in Ommen.
Klik op deze link voor meer foto’s van Adri Knappert en ’t Weversnest

Scouting
De award is toegekend door de Four Chaplains Memorial Foundation Neder land voor de bijzondere verdiensten van Adri Knappert tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Ze heeft tijdens de oorlog dertien Joodse kinderen onderduik verleend, zodat zij allen de oorlog hebben overleefd. Na de oorlog heeft zij kinderen opgevangen van NSB’ers die gevangen waren gezet. Adri Knappert heeft geen familieleden in leven. Een groot deel van haar leven heeft zij gewijd aan Scouting. Céline Blom zal als voorzitter van Scouting Nederland de award in ontvangst nemen.

Baron Philip van Pallandt
De levensloop van Adri is voor een groot deel bepaald door Philip baron van Pallandt. Adri kwam met hem in contact in de tijd dat zij in Den Haag woonde en trainingen gaf op Landgoed Eerde voor de Nederlandse Padvinders. Philip van Pallandt is in 1889 geboren in Den Haag en heeft daar de eerste jaren gewoond. Tijdens zijn reizen was Van Pallandt bevriend geraakt met Robert Baden-Powell, de oprichter van Scouting. Hij werd een scoutleider in de beginjaren van de Nederlandse Scouting. De groep die hij in Den Haag begon, werd jaren later en na een aantal fusies de HWS Baron van Palllandtgroep in Den Haag. In 1913 erfde Van Pallandt op 23-jarige leeftijd het landgoed en kasteel Eerde nabij Ommen. Hij ging er wonen en liet al in dat jaar de eerste padvinders op Landgoed Eerde kamperen. In 1923 deed Van Pallandt de Ada’s Hoeve, de padvindersboerderij en omliggende terreinen over aan de Nederlandse Padvinders. Ook in Ommen werd een Scoutinggroep naar hem vernoemd.

’t Weversnest
Knappert kon haar vaardigheden als padvindster goed toepassen bij de opvang Hulpverlening Al direct na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog pakte Adri haar taak als scout in de hulpverlening op. In de meidagen van 1940 hielp ze samen met leiding en de padvindsters van haar groep vluchtelingen en zette ze zich in voor vervolgde landgenoten.
Op 2 april 1941 werden alle Nederlandse Scoutingorganisaties verboden. Adri, die bij het NPG werkte als beroepskracht, raakte hierdoor haar baan en dus haar inkomen kwijt. Met haar trainingen kwam ze al regelmatig op landgoed Eerde, waardoor ze daar bekend was met de omgeving en eigenaar Philip baron van Pallandt. De baron bood haar aan om naar het landgoed te komen en liet haar het huis ’t Weversnest aan de Steile Oever op het Landgoed huren. Het was aanvankelijk de bedoeling dat ze daar inkomsten had door kamers te verhuren aan toeristen.

Quakerschool
Op Kasteel Eerde, niet ver van haar huis, was voor de oorlog een Internationale Quakerschool gevestigd. Op die school zaten 22 Duits-Joodse kinderen die in de jaren 30 uit Duitsland waren gevlucht. Van Pallandt was betrokken bij het Utrechts Kindercomité, een organisatie die Jood se kinderen liet onderduiken. Maclaine Pont was hier actief en bevriend met Philip. Hij hielp mee met het vinden van onderduikadressen en bracht Maclaine in contact met Adri. Adri had een groot hart. Van de kamerverhuur aan toeristen is het nooit echt gekomen. De toeristen werden vervangen door Joodse kinderen. Enkele kinderen bij ‘t Weversnest. Uiteindelijk verbleven er tijdens de periode 1943-1944 dertien kinderen in ’t Weversnest, van wie negen voor langere tijd. Hun leeftijd varieerde van 5 tot 13 jaar.

Tante Adri
Ze gaf ze onderwijs in moed, uithoudingsvermogen, overleven en respect voor de natuur en de naasten. Door allerlei activiteiten met de kinderen te ondernemen, beleefden de kinderen een relatief onbezorgde tijd. De kinderen noemden haar Tante Adri. In het bos maakte ze een schuilplaats waar de kinderen zich konden verstoppen. De kinderen zelf wisten niet waar die schuilplaats voor was. Het is zeer opmerkelijk dat de onderduik zo’n twee jaar niet is ontdekt. Niet ver van ‘t Weversnest was concentratiekamp Erika. Adri zei daar later over dat anderen veel gevaarlijker werk deden en dat het voor haar vanzelfsprekend was. De situatie werd toch te gevaarlijk. Begin 1944 gingen Adri en de kinderen met behulp van Ankie Stork van het Utrechts Kindercomité naar Lemele en Hellendoorn. Op landgoed Eelerberg bij Hellendoorn was veel ruimte, maar na al te veel vragen reisde ze met de kinderen naar koloniehuis Zonneoord in Ede. Onderweg zorgde Adri voor een ontspannen sfeer en zongen ze Scoutingliedjes. Zonneoord was een tehuis voor kinderen met een geestelijke handicap. Om niet op te vallen moesten de kin deren bij bezoek van Duitsers net doen alsof ze een handicap hadden. Ze verbleven zes weken in Zonneoord. Bij terugkeer in Hellendoorn bleek dat de situatie niet verbeterd was. Ankie was in de tussentijd gearresteerd en dus moest Adri zelf naar alternatieve opvang zoeken. Het bleek niet mogelijk om de hele groep op één plek onder te brengen, dus werden de kinderen in de nadagen van 1944 verdeeld. Adri zelf dook onder bij de familie Stork in Nijverdal en later in Ede waar ze de bevrijding meemaakte. Alle dertien kinderen hebben de oorlog overleefd.

Yad Veshem
Na de bevrijding gaat Adri terug naar ’t Weversnest. Kamp Erika is dan in gebruik als gevangenis van NSB’ers die op hun veroordeling wachten. Opnieuw begint ze een noodopvang. Nu voor de kinderen van deze NSB’ers. Want Adri hielp ieder kind in nood. Scouting Na de oorlog was Adri één van de officieren die de Marva (Marine Vrouwenafdeling) hielp op te bouwen. In 1946 was ze het hoofd van de Marva in Huizen. Na haar diensttijd kwam ze terug bij het NPG als trainster en van 1946 tot 1948 was ze lid van het hoofdbestuur van de NPG. Ze woonde toen weer op Landgoed Eerde.
Op 31 mei 1988 ontving Adri, evenals enkele dappere personen uit Lemele, de Israëlische Yad Vashem onderscheiding Recht vaardige onder de Volkeren, voor hulp aan Joodse kinderen en volwassenen. Adri nam de onderscheiding niet persoonlijk in ontvangst. Haar gezondheid liet het niet toe. Adri is overleden op 5 mei 1991 in Ommen.

Tekst: Harry Woertink – Foto: OudOmmen.nl

Arrien heeft de brink terug

Dit jaar – anno 2026 –  is het exact 15 jaar geleden dat Arriën dankzij de vernieuwing van de Brink weer een aaneengesloten buurtschap is. Het verhaal over de officiële opening toen van de vernieuwde brink hier opnieuw geplaatst:

“De geschiedenis in de Ommer buurschap is weer tot leven gekomen. Op zaterdag 29 oktober 2011 werd de brink, op de kruising van de Hardenbergerweg, Brinkweg, Coevorderweg en Ridderinkweg, officieel geopend door wethouder Ilona Lagas.

Het kalf is zo juist op de sokkel geplaatst en het touw kan er vanaf waarmee het naar de sokkel was geleid door wethouder Ilona Lagas.

Oude brink terug
Een kunstwerk van oud ijzer, gevormd door beeldend kunstenaar Erik Schutte tot een kalfje, markeert de brink. Door de N34, de weg Ommen-Witte Paal, is Arriën lange tijd gespleten geweest. Een reconstructie van de weg in opdracht van de gemeente Ommen zorgde er voor dat de oude brink weer zijn centrale functie heeft terug gekregen. Echter, niet eerder dan nadat vanuit Plaatselijk Belang Arriën daar jaren lang is gepleit. Een brink was bedoeld als vergaarplaats voor vee. Daarom staan de schuren met de achterkant naar de brink gericht. Maar een brink was ook een plek waar mensen de laatste nieuwtjes met elkaar uitwisselden. Als het aan Plaatselijk Belang Arriën ligt krijgt de brink die functie weer terug. Op de centrale brink met gras en bomen staan bankjes en informatieborden over de buurschap en start een wandelroute.

Marke Arrien
De buurschap Arriën is van oorsprong een esdorp, met akkers op de hoge es tussen de Vecht en de buurschap en graslanden op de lager gelegen marsgronden. Later was sprake van de Marke Arriën. Op de hogere zandruggen langs de Vecht ontstonden al gauw buurschappen met een sterk gemeenschapsgevoel. Al vanaf 1381 is sprake van de buurschap ‘Eryen’, dat later ‘Arriën’ wordt. Een buurschap wordt gezien als de oudste lokale organisatievorm. Vaak is in buurschappen sprake van noaberschap, waar men elkaar bijstand bood bij geboorte, huwelijk, ziekte of dood, maar ook praktisch te hulp schoot bij de oogst of schade. Eeuwenlang waren er ongeschreven wetten, maar naarmate de bevolking toename ontstond een organisatie, de marke. De marke regelde het gebruik van de gemeenschappelijke gronden. Zij hadden hun eigen rechtspraak met een markerecht. Daarin werd het gebruik van de woeste gronden geregeld, zoals het hakken van hout, de voor- en naweide, het weiden van varkens op eikels in het bos, de veedrift en het schutten van vee. Lees verder Arrien heeft de brink terug

Veel te zien op Open Monumentendag in Ommen

Wie op zaterdag 12 september door Ommen trekt, hoeft zich geen moment te vervelen.

Kasteel Eerde.

Erfgoed
Van 10.00 tot 16.00 uur staat Ommen in het teken van Open Monumentendag. Het landelijke thema is dit jaar ‘Veerkrachtig erfgoed, in tijden van onzekerheid’. In Ommen krijgt dat thema op verschillende manieren vorm. Niet alleen door monumenten open te stellen, maar ook door verhalen, routes en bijzondere plekken opnieuw onder de aandacht te brengen.
Tijdens Open Monumentendag openen bijzondere gebouwen hun deuren, draaien de molens, zijn er wandelingen en fietsroutes, kunnen bezoekers binnenkijken bij Kasteel Eerde en valt er op allerlei plekken iets te ontdekken. Historie, natuur en cultuur komen deze dag mooi samen.

Lees verder Veel te zien op Open Monumentendag in Ommen

Varen waar geen water is

Vroeger ging het vervoer bij gebrek aan goede landwegen over water.

Een vooroorlogse zomp.

Zompen
Vervoer over water was dan ook van grote economische betekenis. De Vecht en de Regge vormden een belangrijke handelsverbinding met het Duitse achterland en Twente. De schepen waarmee werd gevaren waren zompen, een platbodem, ideaal voor ondiepe wateren maar kwetsbaar voor kapseizen. Met een beetje wind al heel snel. De zijkanten liepen heel breed uit waardoor ze een groot laadruim hadden bij minimale diepgang. Staand op hun schip kwamen de schippers bomend vooruit. Waar mogelijk werd zeil gebruikt. Langs delen van de Vecht lag een goed jaagpad waarlangs de schippers hun zompen voorruit konden trekken. Maar er waren ook perioden dat een schip vast vroor en de schipper op de schaats naar huis moest.

Lees verder Varen waar geen water is

Nieuwe uitgave De Darde Klokke (220) met historische verhalen

Het jongste nummer (220) van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke staat weer vol met verschillende verhalen met een knipoog naar het verleden.

1986. Afbraak van Jeruzalem, een zijstraat van de noordkant van de Varsenerstraat.

Eerde
Zo is er een verhaal over Maaike, ooit de buurvrouw van de Indische wijsgeer Krishnamurti op landgoed Eerde. In 1917 kregen Maaike en haar man Dirk van der Zwaag de kans om vanuit Friesland te komen wonen en werken op het landgoed. Op 19 april 1928 werd dochter Maaike op de boerderij naast het kasteel geboren. Of Krishnamurti toen ook met een krentewegge op bezoek zal zijn geweest is niet bekend, maar over en weer moeten de goeroe en haar familie elkaar hebben gekend. In 1931 verhuisde het gezin naar een nieuwe boerderij op de Wuuste in Witharen, een gebied dat grotendeels nog woest en onontgonnen was.

Lees verder Nieuwe uitgave De Darde Klokke (220) met historische verhalen

Landgoed Het Laar wordt verkocht: gemeente Ommen koper

“Landgoed Het Laar wordt verkocht”. “Bezittingen vallen uiteen”. Zo schreven de kranten in 1932 toen Het Laar in Ommen via advertenties te koop werd aangeboden.

 Huize Het Laar met Orangerie. Geheel rechts de woning van de beheerder Tokvoort. Ansichtkaart verzonden op 3 juni 1904 aan Clara van Pienbroek, Den Haag (getrouwd met baron Mulert).
Afb.: OudOmen

Verschillende gegadigden hadden al een bod uitgebracht. De Ommer burgemeester Nering Bögel wist echter met baron van Pallandt als eigenaar tot een akkoord te komen om het landgoed door de gemeente Ommen aan te laten kopen om zo het landgoed als één geheel voor Ommen te behouden. Baron van Pallandt werkte graag aan mee toen hij wist dat de gemeente het goed met Het Laar voor had en niet in handen kwam van speculanten.

Advertentie
De verkoopadvertentie in verschillende kranten luidde als volgt: “De Notarissen M. MEPPELINK te Zwolle en H. HOSPERS te Ommen zullen op Donderdag 21 Juli 1932 bij toeslag, in het Hotel STEGEMAN te Ommen, vcorm. 10 uur, publiek verkoopen: Het Landgoed „HET LAAR” zeer geschikt voor rusthuis, hotel, enz. met waterpartijen en zwaar opgaand geboomte, 3 boerderijen en uitmuntende landerijen, schitterend gelegen tusschen de rivieren de Vecht en de Regge, in de onmiddellijke nabijheid van het Station OMMEN (0v.)., alles te zamen groot ruim 103 H.A., in diverse perceelen en massa’s, in totaal ingezet op ƒ 69.909.—. De boomen zijn provisioneel verkocht voor ƒ 16.240.— met recht van benadering door de koopers van den ondergrond. Nadere informaties ten kantore van genoemde Notarissen, alwaar veilingsboekjes ad ƒ 0.50 en lijsten der boomen ad ƒ 0.10 verkrijgbaar zijn

Natuurbehoud
Behoud van de natuur was het belangrijkste argument voor de gemeente om in 1932 landgoed Het Laar aan te kopen. De gemeente Ommen was één van de eerste gemeenten in Overijssel die grond aankocht met het oog op natuurbehoud. Met name burgemeester Nering Bögel heeft zich ingezet om het landgoed niet in verschillende handen te laten komen. Het Laar was in 1930 weer in het bezit gekomen van Philip Dirk Baron van Pallandt van Eerde nadat hij het eerder (evenals landgoed Eerde) had geschonken aan de Eerdestichting waaronder de activiteiten vielen van Orde van de Ster van het Oosten met Krishnamurti. Lees verder Landgoed Het Laar wordt verkocht: gemeente Ommen koper

Boeren jagen elkaar op bij houtverkoop

Hout uit de bossen werd tot de zeventiger jaren verkocht via publieke verkopingen.

Afslager Gerard Stegeman (links): éénmaal, andermaal, verkocht.

Ommerbos
In Ommen bijvoorbeeld door de eigenaren van verschillende landgoederen. Maar ook de gemeente Ommen verkocht als eigenaar van verschillende bossen jaarlijks hout als de jonge bomen uit de kluiten gewassen waren tot dikke bomen. Een verhaal uit 1962 als in het Ommerbos weer een publieke houtverkoop gehouden wordt.

Lees verder Boeren jagen elkaar op bij houtverkoop

‘Ommen ingedroogd stadje’

‘Ommen is een klein, ingedroogd stadje met een paar pleinen (Markt en ’t Vrijthof), waarop de bekende jaarmarkt (Ommer bissing) wordt gehouden.’

De Brugstraat eind 1800 met op de achtergrond de oude brug over de Vecht.

Vilsteren
Lezers van kranten werden vroeger regelmatig ‘getrakteerd’ op reisverslagen door de provincie. Dit keer een fietstocht dwars door Overijssel opgetekend in de hete zomer van 1899, die in Zwolle begint en ook Ommen aandoet. We pakken de reis op zodra Vilsteren in zicht is.

“Vanaf Hessum tot Vilsteren is de weg prachtig, aan weerszijden twee rijen boomen, waarachter bosschen. Dan zie ik enkele woningen, een molen, twee kerkjes (een oude en een nieuwe), beide RK en een kasteel, bewoond door den heer Cremers. Dit is het dorpje Vilsteren. Vóór ik het zag, had ik nooit van dit dorpje gehoord. En toch verdient het bekend te zijn, daar het behoort tot een der mooiste plekjes van ons land. Geïsoleerd als het is, is zijn mooie ligging zeker aan weinigen bekend. Dit zal zeker anders worden, de fiets toch kent geen geïsoleerdheid en welk wielrijder zou er niet een tijdje trappen voor over hebben om een bezoek te brengen aan dit heerlijk dorpje!

Lees verder ‘Ommen ingedroogd stadje’

Expositie ‘Twee vrienden’ (Van Pallandt en Krishnamurti) in het Tobsvoort-huis

De gemeente Ommen heeft aan Stichting de Twee Vrienden het tijdelijk gebruik gegeven van het Tobsvoort-huis op Landgoed Het Laar.

1904. Rechts van Het Laar staat het pauwenhuis, dat vroeger diende als oranjerie en rentmeesterwoning, in de volksmond aangeduid als het Tokvoortshuis, genoemd naar de toenmalige rentmeester Tobsvoort.

Nieuwe Wereldleraar
Stichting Twee Vrienden gaat hier een expositie houden over het leven van Krishnamurti en de historie van Het Laar. Het gaat om de benedenverdieping en het terras. De huur gaat in op 1 oktober 2026 en eindigt op 1 september 2027.
Stichting Twee Vrienden (Van Pallandt en Krishnamurti) zet zich in om het gedachtengoed van baron Philip van Pallandt en Jiddu Krishnamurti opnieuw zichtbaar en beleefbaar te maken en duurzaam te borgen in Ommen. Zoals bekend was Ommen ooit een mekka voor spirituele zoekers. Uit de hele wereld stroomden mensen naar die groene stip in het Vechtdal om er een nieuwe wereldleraar te ontmoeten. Dat Ommen plotsklaps op de wereldkaart terechtkwam had alles te maken met de spirituele belangstelling van baron Philip van Pallandt, eigenaar van het landgoed Eerde en lid van de, wereldwijd actieve, Theosofische Vereniging. In 1921 schonk hij het complete landgoed aan de toen nog jonge Krishnamurti. Krishnamurti, die werd gezien als een goeroe, was er vanaf 1924 vaak het middelpunt. Hij moedigde mensen aan te komen tot zelfinzicht en innerlijke bevrijding en in schoonheid en liefde het leven te leven.

Lees verder Expositie ‘Twee vrienden’ (Van Pallandt en Krishnamurti) in het Tobsvoort-huis