75 jaar Molukkers in Nederland (3)

Dit jaar is het precies 75 jaar geleden dat in Rotterdam de eerste groep Molukkers voet aan wal zette. Er volgden nog elf schepen met zo’n 12.500 Molukkers.

 1959. Met dans en muziek werd gevierd dat op Laarbrug de Zuidoost Molukse Protestantse Kerk officieel was aangenomen als zusterkerk van de Generale Synode van de Nederlandse Hervormde Kerk.
Zie voor meer afbeeldingen de albums “Werkkamp – Woonoord Eerde” en “Kamp – Woonoord Laarbrug”.

Ommen
De opvarenden hadden als militairen in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) gediend. Vanuit de haven van Rotterdam reed men in bussen naar het demobilisatiecentrum in Amersfoort. Daarna vond de verspreiding plaats door heel Nederland. Ook in Ommen werden gezinnen gehuisvest: op kamp Laarbrug en kamp Eerde. Voor 1970 werden de Molukkers met “Ambonezen” aangeduid. Dit is deel 3 over de geschiedenis van de toenmalige kampbewoners.

Laarbrug
Op 12 mei 1951 kreeg de Ommer burgemeester mr. C.P. van Reeuwijk bericht dat binnen enkele dagen de aankomst van het schip de Asturias in de haven van Rotterdam werd verwacht. Intussen was al bedacht dat de (Zuidoost) Molukse passagiers van dit schip onder meer in het voormalige werkverschaffingskamp Laarbrug aan de Vilsterseweg in Ommen ondergebracht moesten worden. Het opvangkamp Laarbrug, later woonoord Laarbrug genoemd, bestond uit houten, tochtige en vochtige barakken. Een jaar later werd ook nog een groep Molukkers in het afgelegen barakkenkamp op landgoed Eerde ondergebracht. Door de slechte staat van de barakken werd Eerde later opgeheven en werd een deel van de bewoners overgebracht naar de Laarbrug. De Zuidoost-Molukse mensen werden bewust op afstand gehouden van de wooncentra; de bedoeling hiervan was de integratie van de mensen in de Nederlandse samenleving te voorkomen. Hierdoor zou de terugkeer naar Indonesië niet al te veel problemen opleveren, was de gedachte, ze zijn hier toch maar voor drie maanden. Ondanks de barre leefomstandigheden in de barakkenkampen hebben zij op eigen kracht hun draai in de Nederlandse samenleving gevonden. Lees verder 75 jaar Molukkers in Nederland (3)

75 jaar Molukkers in Nederland (2)

Dit jaar is het precies 75 jaar geleden dat in Rotterdam de eerste groep Molukkers voet aan wal zette. Er volgden nog elf schepen met zo’n 12.500 Molukkers.

 Archieffoto 2015. Onthulling monument kamp Eerde op 12 september 2015. Johannes Balubun bij het zojuist onthuld monument.
Zie voor meer afbeeldingen het album “Werkkamp – Woonoord Eerde

 

Vanuit de haven van Rotterdam reed men in bussen naar het demobilisatiecentrum in Amersfoort. Daarna vond de verspreiding plaats door heel Nederland. Ook in Ommen werden gezinnen gehuisvest: op kamp Laarbrug en kamp Eerde. Voor 1970 werden de Molukkers met “Ambonezen” aangeduid. Dit is deel 2 over de geschiedenis van de toenmalige kampbewoners.

Kamp Eerde
Van 1951 tot 1961 verbleven een aantal KNIL-militairen met hun gezinnen op kamp Eerde op het gelijknamige landgoed tussen Ommen en Den Ham. In eigen land waren ze niet meer veilig. Ze werden gezien als landverraders doordat ze samenwerkten met de Nederlanders, de bezetter van de kolonie. In eerste instantie zou het om tijdelijke opvang gaan, maar uiteindelijk hebben ze er zo’n tien jaar gewoond. Als grondeigenaar heeft Natuurmonumenten samen met de Molukse oud-bewoners van Kamp Eerde ervoor gezorgd dat op het voormalig kamp Eerde een plek van bezinning is gekomen. Het gaat om een dat monument dat herinnert aan de woelige periode dat de Molukse militairen die in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) hebben gediend met hun gezinnen op Eerde verbleven. Het monument is een voet van een oude vlaggenmast die jarenlang midden in het kamp heeft gestaan. Deze vlaggenmast stond symbool voor de gedisciplineerde wereld op het kamp. De tekst op de staander geeft veel weer: “De herinnering is het enige paradijs waaruit we niet verdreven kunnen worden”.

Monument als blijvende herinnering aan woelige periode
Op 12 september 2015 is het monument onder grote belangstelling en met Molukse muziek officieel onthuld. Als oud kampbewoner mocht Johannes Balubun dit doen samen met de dames Erin Oudshoorn-van Palland en Irthe André de la Porte-van Pallandt en een vertegenwoordiger van Natuurmonumenten. Voor Johannes Balubun was de onthulling een emotionele maar ook een bijzondere dag. “Ik kwam hier als klein jongetje van zeven jaar. We moesten hiernaartoe omdat mijn vader had op de Molukken gediend voor de Nederlandse staat. Met dit monument geven we de liefde weer voor onze ouders die hier hebben gewoond en ons hebben opgevoed onder primitieve omstandigheden. Ik ben heel blij dat die mast bewaard is gebleven en de geschiedenis van het kamp vertelt”, aldus Balubun. Het monument is te bereiken vanaf de Meertjesweg en voert met een trappetje over een heuvel. Lees verder 75 jaar Molukkers in Nederland (2)

75 jaar Molukkers in Nederland (1)

Het is dit jaar 75 jaar geleden dat KNIL-militairen met hun gezinnen naar Nederland kwamen. Ook in Ommen werden Molukse gezinnen gehuisvest.

Archieffoto 2012: Het herinneringsmonument op Laarbrug met Hermiena Janwarin-Sedoesboen.
Zie voor meer afbeeldingen het album “Kamp – Woonoord Laarbrug

Houten barakken
Zo’n 12.500 Molukkers zette voet aan wal in Rotterdam. Vanuit de haven van Rotterdam reed men in bussen naar het demobilisatiecentrum in Amersfoort. Daarna vond de verspreiding plaats door heel Nederland. Ook in Ommen werden gezinnen gehuisvest. Voor 1970 werden de Molukkers met “Ambonezen” aangeduid. Dit is deel 1 over de geschiedenis van de toenmalige bewoners.
Tussen 1951 en 1966 verbleven de “repatrianten” uit het voormalige Nederlands-Indië die in Ommen aankwamen in de bestaande kampen in Eerde en Laarbrug. Beide locaties waren in de dertiger jaren in gebruik geweest als rijkswerkkampen voor werklozen. Het overgrote deel van de Zuidoost Molukse bevolkingsgroep die zich hier vestigde kwam van de eilanden Kei, Tanibar en Kisar (Dobo). Ze kwamen hier te wonen in houten barakken waar ze leefden onder zeer primitieve omstandigheden. Het onderhoud van de houten barakken liet te wensen over en de hygiënische omstandigheden waren slecht.

“Tijdelijk verblijf”
De voornamelijk 12.500 KNIL-militairen met hun gezinnen kwamen in 1951 met de boot voor een ‘tijdelijk verblijf’ naar het koude Nederland. Nederland was voor bijna iedereen een onbekend land. Bij aankomst wachtte geheel onverwacht een collectief ontslag voor deze aan Nederland trouwe soldaten. Een klap die generaties lang nog zou doordenderen. Met het ontslag verloren zij ook hun rechten als militair, soldij en pensioenen. De kampen Laarbrug en Eerde in Ommen en andere locaties in Nederland, moesten tijdelijk onderdak bieden. Zij leefden lange tijd geïsoleerd van de buitenwereld. Ze hadden geen inkomsten, mochten geen arbeid verrichten. Als vroegere bewoners van de eilanden in de gordel van de smaragd dachten de Zuid-Molukkers tijdelijk naar Nederland te kunnen. Maar het verliep allemaal anders: het bleek voor goed te zijn. De palmboom in de Molukken werd een slagboom in Nederland. Na drie jaar voer de regering ook nog een verandering in voor de Molukkers dat ze ineens in hun eigen levensonderhoud moesten voorzien.

School
Op de kampen Laarbrug en Eerde zijn veel kinderen geboren. Ze gingen naar school in Ommen (Koningin Julianaschool) en Vilsteren (Sint Willibrordusschool). Het aantal bewoners schommelde telkens tussen de 250 en 350 personen met hoogtepunt op 1 juli 1963 toen 357 bewoners geteld worden. In 1953 was het aantal bewoners 231 (52 gezinnen met 210 gezinsleden en 21 alleenstaanden). Op Eerde waren dat er toen 120 (26 gezinnen met 117 gezinsleden en drie alleenstaanden). In 1958 lag het bewonersaantal op 297. Begin 1960 waren er op Laarbrug 317 bewoners en in 1962 kwam het bewonersaantal op totaal 350. De kleuters in het woonoord gingen eerst naar de Edith-school aan de Koesteeg. Later kon een kleuterschooltje in het kamp worden gebouwd; de jongste kinderen konden dan op kamp naar school en hoefden niet meer met de bus naar school in Ommen. Lees verder 75 jaar Molukkers in Nederland (1)

De Gemienschop van Oll Ommer al 75 jaar in touw voor de Ommer cultuur

Het 75-jarig bestaan van de Gemienschop zal voor de leden niet ongemerkt voorbijgaan. Op 11 april wordt het jubileum gevierd in zaal De Kern.

1985. Tot het illuster gezelschap van gewezen voorzitters behoorden Albertus Makkinga (links) en Martend Makkinga (geen familie)

Plat praten
Oll Ommers zijn al generatieslang geworteld in Ommen en maken zich sterk voor het behoud van de Ommer cultuur, taal, gewoonten, gebruiken en tradities. Aanleiding van de oprichting van de Gemienschop van Oll Ommer op 11 april 1951 was de grote bemoeizucht van buitenstaanders waardoor de eigen Ommer cultuur, gewoonten, gebruiken en tradities van Ommen verloren dreigden gaan.  Ook hier geldt: “De liefde tot zijn stad is elkeen aangeboren”. (Vondel)
Zowel formeel als informeel praten Oll Ommer plat met elkaar. De Ommer sproake is de voertaal tijdens vergaderingen en in het jaarverslag

Lees verder De Gemienschop van Oll Ommer al 75 jaar in touw voor de Ommer cultuur

Kasteel Rechteren, een middeleeuws kasteel in het Vechtdal

Wie zich tussen Vilsteren en Dalfsen beweegt kan kasteel Rechteren bijna niet missen.

Er is vanaf de weg mooi zicht op het kasteel.

Eilandje
Kasteel Rechteren in de gemeente Dalfsen is gesitueerd op een eilandje aan de Vecht. Een stenen boogbrug geeft toegang tot het kasteel. Het is het enige kasteel in de provincie Overijssel uit de middeleeuwen dat in z’n geheel bewaard is gebleven.

Gravin van Rechteren
Bewoonster van kasteel Rechteren tot haar overlijden in oktober 2016 was Elisabeth Marguerite Carola, gravin van Rechteren Limpurg (1938). Ze was dochter van Adolph Reinhard Zeger graaf van Rechteren Limpurg (1909-1962).
Gravin van Rechteren Limpurg overleed ongetrouwd en kinderloos. Zij liet het kasteel en omliggende landgoed achter aan een achterneef, te weten Christiaan Adolph graaf van Rechteren Limpurg. Al in 2014 streek hij zijn met zijn echtgenote en vier zoons vanuit Amsterdam neer op een woonboerderij op het landgoed. Aangezien hij kwam van het familielandgoed Huize Almelo wist hij als geen andere welke inspanningen het kost om een omvangrijk cultuurhistorisch ensemble als zodanig voor de verre toekomst in stand te houden.

Lees verder Kasteel Rechteren, een middeleeuws kasteel in het Vechtdal

Ommerbos groener: leerlingen planten bijna 1.000 bomen op Boomfeestdag

Het was feest in Ommen vanwege het planten van bomen op de Boomfeestdag.

Leerlingen van basisscholen OBS Het Palet en OBS Nieuwebrug steken hun handen uit de mouwen op de Boomfeestdag.

Eerste boom, een linde
Met veel enthousiasme staken de leerlingen van basisscholen OBS Het Palet en OBS Nieuwebrug deze dag hun handen uit de mouwen. Samen met gemeente Ommen, ROVA, Staatsbosbeheer en vrijwilligers van NME De Vechtstreek plantten ze bijna 1.000 nieuwe bomen in het Ommerbos aan de kant van Ommerkanaal Oost. Daarmee kreeg het gebied een flinke groene aanvulling. Als eerste plantte wethouder Bert Boerman symbolisch de eerste boom, een linde. Daarmee gaf hij het officiële startsein voor de ochtend.

Lees verder Ommerbos groener: leerlingen planten bijna 1.000 bomen op Boomfeestdag

Senioren uit Recke (D) te gast in partnergemeente Ommen

OMMEN – De Ommer werkgroep Stedenband Ommen–Recke (STOR) ontvangt donderdag 16 april – samen met het CCO – een grote groep senioren uit de Duitse partnergemeente Recke.

Helen Rutten en Margit Tamminga, gangmakers van de Stedenband Ommen-Recke.

Jumelage
De Duitse gasten worden om 10 uur ontvangen in het Toeristisch Informatiepunt in het Historisch museum. Vervolgens wordt met de bus een rondrit gemaakt door de omgeving van Ommen. Daarna volgt een lunch in het museum en wordt ’s middags een stadswandeling gemaakt onder leiding van een gids.

Lees verder Senioren uit Recke (D) te gast in partnergemeente Ommen

Oude karakter van Ommer binnenstad door sloop verloren (2)

Waar was het historisch besef van Ommen in de zestiger jaren?

1968. Afbraak van de panden tussen Walstraat en Kerkplein.
Klik op deze link voor foto’s van de sloop van de Ommer binnenstad

Sloop
Van waar die sloopwoede om tal van karakteristieke panden in Ommen te laten verdwijnen? Aan de Voorbrug, aan de kop van de Zeesserweg en Brugstraat zorgde de slopershamer dat alles tegen de vlakte ging. Ook de Markt en het Kerkplein werden niet ontzien. Het oude karakter van de Ommer binnenstad ging verloren.

Lees verder Oude karakter van Ommer binnenstad door sloop verloren (2)

Oude karakter van Ommer binnenstad door sloop verloren (1)

In 1968 was het dat het Kerkplein in Ommen drastisch van aanzicht veranderde.

Kerkplein vóór 1968

Eiland
Het oude karakter van de binnenstad ging door sloop totaal verloren. Er moesten moderne zakenpanden komen achter de hervormde kerk, deels ook als vervanging van de drie winkelpanden die aan het begin van de Brugstraat gesloopt moesten worden voor verlegging en verbreding van de weg. De weg kwam van de zuidkant van het gemeentehuis aan de noordkant te liggen en zette het gemeentehuis als het ware op een eiland. De winkels die toen verhuisden naar het Kerkplein waren slagerij van Lohuizen en schoenhandel Van Kesteren. Horlogerie Van der Kolk trok naar een woonwijk en Dijks en Steen (later Hema) kon op de plek blijven zitten na bouwkundige aanpassingen van het winkelpand.

De bewoners rond de afbraak
Wat nu fietsmuseum is (en eerder van Kesteren) woonde in 1968 de familie Timmerman en daarnaast tijdschriftenbezorger Martend Makkinga. Voordat de steeg begint had je nog de woning van de familie Van Elburg-Meijerink. In de tuin was de woning van de familie Gort-Steen gebouwd, die via de Walstraat bereikbaar was.

Lees verder Oude karakter van Ommer binnenstad door sloop verloren (1)

Nieuwste uitgave van De Darde Klokke weer bol met historische verhalen

OMMEN – De oorlog, bevrijding en Ommer bijnamen, zomaar enkele onderwerpen die deel uitmaken van het nieuwste nummer (218) van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke.

Onder op de foto de omslag (gestencild) van het eerste in 1954 uitgegeven nummer van De Darde Klokke.

Tweede Wereldoorlog
In 1942 stortte een Brits bommenwerper neer aan de Dwarsweg in Arriën. Van de acht inzittenden waren er vier op slag dood. In De Darde Klokke meer achtergrondgegevens van de acht vliegers. Verder een verhaal over onderduikers aan het Ommerkanaal. Hoofdonderwijzer Korf en zijn echtgenote Dina sloten zich in stilte aan bij een netwerk dat Joodse onderduikers hielp. In de woning naast de school werd in de oorlog onderdak gevonden voor twee joodse jongens, die zodoende de oorlog overleefden. In 1978 werd de moed van deze gewone, maar buitengewoon dappere mensen officieel erkend toen de staat Israël hen eerde met de titel Rechtvaardigen onder de Volkeren en de toekenning van de onderscheiding van de Yad Vashem.

Lees verder Nieuwste uitgave van De Darde Klokke weer bol met historische verhalen