Het historisch tijdschrift “Overijssel toen en nu” is vanaf nu ook op de website OudOmmen.nl digitaal te zien en te lezen.
Het gaat om een interessant en ruim geïllustreerd tijdschrift met een interessante en gevarieerde inhoud die de historie van de gehele provincie Overijssel omvat.
Het tijdschrift – eerder bekend onder de naam MijnStadMijnDorp – is een kwartaaluitgave van Collectie Overijssel, voorheen Historisch Centrum Overijssel.
Collectie Overijssel
Collectie Overijssel legt zich toe op het behoud en het verbeteren van de (digitale) bruikbaarheid van Overijsselse erfgoedcollecties. Het doel is de geschiedenis van Overijssel voor iedereen beschikbaar te maken. Deze nieuwe koers wordt benadrukt door een nieuwe naam: Collectie Overijssel.
De Stichting Ommen 775 jaar stadsrechten heeft een nieuw logo laten ontwerpen door Luuk Vogelzang uit Ommen.
Het nieuwe logo van de Stichting Ommen 775 jaar stadsrechten.
Het gaat om een zegel met de tekst “Stichting Ommen 775 jaar stadsrechten” en “1248-2023”. Dit soort zegels werden vroeger gebruikt voor de bekrachtiging van officiële akten en andere documenten.
1248
In 1248 kreeg Ommen stadsrechten van bisschop Otto III van Utrecht. De oorspronkelijke akte is verloren gegaan, hetgeen bij heel wat steden het geval is. Een document dat daarvoor moest doorgaan wordt algemeen als onecht beschouwd: het handschrift is 17e-eeuws en bevat zelfs het verkeerde jaartal (1208).
Niettemin doet de inhoud authentiek aan. De naam van de bisschop wordt vermeld met een achttal getuigen, onder wie ridders en de toenmalige schouten van Salland en Vollenhove. Andere bewijzen voor de oude papieren van Ommen als stad zijn de brieven uit 1343 en 1346, waarin bisschop Jan van Arkel de rechten bevestigt. Aan een charter uit 1336 hangt het stadszegel van Ommen, waarvan het huidige gemeentewapen is afgeleid.
Stichting opgericht
Ommen viert volgend jaar 775 jaar stadsrechten. Enkele weken geleden is de Stichting 775 jaar stadsrechten opgericht. Het bestuur bestaat uit Hans Kersbergen, Jan Doedens, Alice Makkinga en Ria Kroon. Zij zullen zich de komende tijd gaan inspannen om het feestjaar 2023 in de steigers te zetten.
Tekst: Harry Woertink – Logo: Stichting Ommen 775 jaar stadsrechten
OMMEN – Een vaste kade als vervanging van de huidige drijvende steigers in de passantenhaven in de Vecht.
Jan Kortman van het ‘Ommer lied’ poseert hier op de drijvende steiger in de Vechthaven die WSV De Vechtstreek wil vervangen door een vaste kade.
Dit is de vurige wens van de Ommer Watersportvereniging De Vechtstreek. “Wat is de stad Ommen zonder bootjes”.
Voorzitter van De Vechtstreek, Ida van Oosten, deed deze week een dringend beroep op de gemeenteraad om in de begroting van 2023 rekening te houden met de wens van de watersporters. “Ommen is een belangrijke toeristenstad. De haven levert hieraan een belangrijke bijdrage. Zonder haven en de boten verdwijnt het karakteristieke beeld van het centrum van Ommen”, aldus Ida van Oosten.
Verfraaiing aanzicht
Watersport is populair op de Vecht, weet Van Oosten, vooral nu de boten door kunnen varen naar Hardenberg is de vraag naar een ligplaats toegenomen. Probleem voor de watersportvereniging is het jaarlijks voor het winterseizoen het moeten opruimen van de drijvende steigers uit de Vecht. Omdat de steigers aan vervanging toe zijn ziet De Vechtstreek liever voor het aankomende toeristenseizoen een vaste kade. Een vaste kade zou duurzamer en kosten besparend zijn en bovendien het aanzicht van de haven verfraaien.
Wat deed de bevolking van Ommen omstreeks 1830 om aan de kost te komen.
1938. Horlogemaker Peter Oldeman aan het werk. Vanaf 1775 was de firma P. Oldeman en Zoon in Ommen gevestigd.
Onderzoek van toen laat zien dat de Ommenaren voornamelijk hun bestaan vinden in landbouw, ambachtelijk werk, zoals timmeren en metselen, enige industrie en kleinhandel.
Twee horlogemakers
Onder de gemeente Stad Ommen behoorde een olie- en pelmolen die tevens dienst deed als korenmolen. Verder een zaagmolen en een korenmolen. Ook was er in Ommen een jeneverstokerij te vinden, een tabakskerverij, twee grutterijen, vier drukkers en blauwververs van stoffen.
In 1233 werd op de plek van het huidige Zwartewatersklooster, tussen Hasselt en Zwartsluis, een klooster gesticht: het Mariaklooster.
Een ridder in harnas te bewonderen in een expositie rondom de Slag bij Ane in het Streekmuseum in Gramsbergen.
Het klooster werd gebouwd in de buurt van de locatie waar in 1227 gesneuvelde edelen, ridders en schildknapen van de slag bij Ane waren begraven. De Slag bij Ane was op 28 juli 1227. Het leger van bisschop Otto II van der Lippe werd in het moeras gelokt en vervolgens afgeslacht. De slag werd geleid door Roelof van Coevorden. Bij de Drenten, maar ook grote delen van Noordoost Nederland, ging het om het winnen van hun vrijheid en hun zelfstandigheid. De slag bij Ane in 1227 was voor die tijd een betekenisvolle en beruchte veldslag tussen de bisschop van Utrecht, Otto II en zijn leger. De bisschop was zoals in die tijd gebruikelijk ook wereldlijk heerser over Overijssel, Drenthe en Groningen.
“Ommerschans als verdedigingslinie” is op 8 november 2022 vanaf 19.30 uur onderwerp van een Webinar.
Deze online lezing via Zoom wordt gegeven door Jan Smits, verbonden aan de Vereniging Ommerschans. Jan Smits is gepokt en gemazeld in het onderwijs als leraar Nederlands en opleider. Verhalen vertellen vindt hij leuk en effectief. Na zijn pensioen is hij verhuisd naar Balkbrug waar hij nu in een 350 jaar oude, rijksmonumentale boerderij woont. Zijn vrouw is de dertiende generatie op die plek.
1923. Voorafgegaan door muziekvereniging Crescendo trekt hier Sinterklaas achtervolgd door een grote meute de Vechtbrug over. Op de achtergrond Hotel De Zon aan de Voorbrug.
Sinds 1900 mag Ommen zich verheugen op de jaarlijkse komst van de Goedheiligman. Altijd kan de jeugd van Ommen op Sinterklaas rekenen. De Ommer courant bericht in 1954 het volgende over de komst van Sint:
“OMMEN – Evenals het vorige jaar zal Sint-Nicolaas op verzoek van de Middenstandsvereniging een bezoek aan Ommen brengen en wel op Donderdag 25 Nov. des middags 3 uur. De kindervriend komt uit de richting Vilsteren en wordt bij het gemeentehuis officieel ontvangen door ’t gemeentebestuur. Voorafgegaan door de muziekvereniging Crescendo maakt de Sint een tocht door de stad, daarna stapt hij af bij de Eierhal, waar voor moeders met kleine kinderen gelegenheid bestaat de hoge gast te begroeten.
Winkelweek
Dit bezoek gaat gepaard met de opening der winkelweek, waaraan ook, nu weer vele attracties verbonden zijn. Gedurende deze week zullen des avonds diverse gebouwen en winkels extra verlicht zijn. Voorts zal elke middag tussen 3 en 5 uur en op de avonden dat de winkels geopend zijn tussen 7 en 9 uur telkens in een andere étalage een knikker worden verborgen, waarin een waardebon zit.”
Wös ie dat? Dat oktober de moand van de geschiedenis is.
Er achter kom’n hoe ’t gister was umme vandaage te begriepen.
Disse moand oktober had’n ze bi’j OudOmmen.nl -hol’d ow vaste- maar liefst 26 verhaal’n die met vrogger te maken had’n.
Vrogger
Dat doet ze graag! En as jullie ok wat hebt wat met vrogger te maak’n hef, dan mu’j ze dat loaten weten. Dan doet ze er wat met.
Goed goa’n
Wat zeg ie? Joa heur, ik hebbe ok ’n computertie woar ik alles op zien kan. A’j niet e dag he? Nou dat was’t.
’t Giet ow goed, bi’j al wa’j doet.
De Bode
Oktober ‘Maand van de Geschiedenis’
Landelijk is oktober de ‘Maand van de Geschiedenis’. Even stil staan bij: ‘Ontdek gisteren, begrijp vandaag’. Deze maand hadden we dan ook maar liefst 26 verhalen op onze website die met de historie van doen hebben.
Laat maar weten
De website OudOmmen.nl is de plek waar de geschiedenis van de regio Ommen samenkomt. Heeft u iets dat van doen heeft met de historie van Ommen en omgeving en/of foto’s of andere documenten, laat het ons dan a.u.b. weten.
Agenda
Ook biedt de website een agenda voor publicatie van activiteiten en exposities op historisch gebied in Ommen en omgeving.
Met vriendelijke groet,
Redactie OudOmmen.nl
(Opmerking redactie OudOmmen.nl: foto enkel ter illustratie)
Dit is deel 2 over de historie van de buurtschap Giethmen.
Erve Luttikhof, de hofboerderij in Giethmen met een zandstenen waterput.
Van het eerder overwegend agrarische Giethmen zijn lang niet alle boerderijen nog aanwezig. Die er nog wel zijn dateren van heel oud, maar zijn wel in vorm en gebruik in de loop van de jaren gewijzigd.
Erve Wolfscamp
Uit de geschiedenis blijkt dat deze hoeve al ter sprake komt omstreeks 1379. Aan deze monumentale boerderij aan de Koedijk 9 zijn de gebinten als vakwerk zichtbaar. Bovenin bevinden zich gaten waar steenuilen vrij spel hebben. Het gaat om de erve Wolfscamp, een oude erve die ook in het Markeboek van Giethmen wordt genoemd. Tot in de negentiende eeuw heetten de bewoners Wolfscamp en behoorde het toe aan de eigenaar van Landgoed Vilsteren. In 1870 wordt de erve gekocht door Peter Snel en in 1968 door de familie Van Dorsten.
Erve Luttikhof
In 1381 is sprake van een zogenaamde hofboerderij. Deze is beter bekend als erve Luttikhof. Bij de boerderij bevindt zich een zandstenen waterput en een met rode pannen gedekt bakhuisje. Ooit woonde hier de Hofmeijer van de Marke Giethmen, die namens de grondeigenaar het beheer uitoefende over de landerijen. De pachters moesten hier de jaarlijkse pacht betalen meestal in granen, wol en vlas dat werd opgeslagen in voorraadschuren. Tegenwoordig heeft de boerderij aan de Koedijk 3 een vakantiebestemming met Bed & Breakfast met de naam “Luttikhoeve” waar ook in het knusse “Bakhuisje” overnacht kan worden.
Kogelvangers
Niet meer functioneel maar nog wel zichtbaar in het landschap zijn de Kogelvangers van Giethmen Een viertal afgebakende heuvels op rij met steile zijkanten van tien meter hoog. Een drietal weggetjes ernaartoe. Dit alles gelegen in de natuur tussen de Oude Raalterweg en de Dalmsholterweg.
De Ommer buurtschap Giethmen is een eeuwenoude buurtschap.
Op de woning van de familie Warmelink prijkt een bord met de tekst ‘Meisters Henduk’ verwijzend naar de hier wonende schoolmeester.
Er ligt nog een oud kerkpad, het Giethmenerkerkpad, dat via het Giethmenerkerkbrugje de Regge oversteekt. Momenteel zijn er nog slechts enkele praktiserende boeren in Giethmen. Verder in de buurtschap campings (Bergzicht, Dennenoord en ’t Voshuus) een ook een groot bungalowpark (’t Giethmenseveld) met vakantiehuisjes. In de vijftiger jaren van de vorige eeuw zijn de zandwegen in de buurtschap verhard, eerst klinkers en later asfalt. Een hele verbetering na de vaak modderige wegen.
Marke Giethmen
Het begin. Op de hoger gelegen gronden kwamen de eerste bewoners. Zo ook langs de Regge. Geleidelijk ontstond de buurtschap Giethmen. In de elfde- en twaalfde eeuw werden de buurtschappen ongevormd tot Marken. Ze hebben eeuwen lang gefunctioneerd en kunnen gezien worden als gemeenschap van eigenaren van landerijen met rechten op de aangrenzende onverdeelde en onbebouwde gronden. Eens per jaar, of soms vaker, werd er een vergadering van de erfgenamen van de Marke gehouden, de zogenaamde “Holting” of “Holtspraek”. De voorzitter hiervan was de Markerichter. Deze behoorde meestal tot een van de adellijke grootgrondbezitters in de Marke. De Markerichter werd eens in de 3 of 4 jaar opnieuw herkozen. In Marke-regelingen werd het gebruik van gronden, de essen en het woeste land geregeld. Met aangrenzende Marken werden de scheidslijnen vastgesteld, beschreven en ter plaatste gemarkeerd met grote veldkeien, sloten, wallen stouwen, palen en aanwezige bomen of grote zandkuilen.
Markeboek
Eigenaars van de Markegronden waren meestal de adel of kloosterorden. De administratie van de Marken werd bijgehouden in hand geschreven Markeboeken. Het Giethmens verleden begint met het bewaard gebleven Markeboek in het jaar 1551 met het opschrift ”Statuten ende Resolutién over die Buurschap Gietmen in het Carspel Ommen.” De oudste eigen geërfde, of ‘ghewaerde’ boerderijen die hierin genoemd worden zijn de erven Wermerink (later Warmelink), Bosch, Misvoorde, Wolffscamp, Mollink, Laarmans, Vliermans, Groothoff, Luttickhof, Brinkman, Deckkers, Timmerman, Poortman, Foeckert en Paalmans.
Veldnamen
Door de eeuwen heen gaven boeren, maar ook grootgrondbezitters, namen aan stukken grond, zoals de Giethemer Es, de rozenstukken, ’n Schinken, het breedende, de noamiddagweide en de Kerkenstukken. En in de buurt van de Regge: ’n Asvoart, ’n Belt, Schuttie zien moat, de Karmsemoat, de Koopmans moat, Dekkersmoat, Knieperskoeland, de Bekke, De lange stukken, ’n Stobben, de paereweide, meeuwes en de Rolle. En dan verder nog in de buurtschap: Praoshoek, De Fliermoaten, Het Leege Veld, ’n Anstoot, De Kogelvanger, ter Weeghel, ’n Kaamp en De Korte Voore.
Bier en wijn
De erfgenamen en pachters werden jaarlijks door de Markerichter opgeroepen voor de Holtings, om te horen wat de landheren te zeggen hadden. Bij zo’n Holting kwam uiteraard het nodige bier en wijn op tafel. De kosten hiervan werden hoofdelijk verdeeld onder de pachters of je nu wel of niet aanwezig was. Bier was in die tijd immers schoner om te drinken dan water.
Er is een tijd geweest dat het op de Holtings te schenken bier voor de Giethemer pachters meer aantrekkingskracht scheen te hebben dan het dienen van de Markebelangen. Wat bleek: de Holtings had meer weg van een lallend feest dan een officiële vergadering waar het wel en wee van de Marke werd besproken. Misschien valt dit wel te verklaren omdat in die jaren er weinig vertier was op de afgelegen boerderijen en de Ommer Bissingh en de Holtings de enige gelegenheden waren tot afwisseling in een eentonig bestaan.
Ongewenste toestanden
De behoorlijke voorraad bier heeft op de Holting van 24 mei 1637 ten huize van Lubbert Wolfcamp zelfs tot ongewenste toestanden geleid. Men had twee dagen te voren anderhalve ton bier gehaald voor de Holting. Maar wat bleek voor aanvang van de Holting was het bier al op. De verleiding van het gerstenat was kennelijk te groot voor de Giethemer pachters. Daarom liet men opnieuw een halve ton bier komen, want zonder bier geen vergadering, dacht men.
Nauwelijks was het bier op het erf van Wolfcamp aangekomen of de aanwezigen verdrongen zich wederom rond het biervat. Tijd om het bier in koppen of kroezen te tappen gunde men elkaar niet eens. Grote bierkannen werden staande voor de mond gehouden en leeg gedronken. In een kort ogenblik keek men opnieuw tegen een lege bodem aan. De Markerichter werd daarom verzocht een nieuwe hoeveelheid bier te halen, nog voordat de Markevergadering zou beginnen.
Veel bier
Echter, de Markerichter had samen met drostinne van Haexbergen en Johan van Laer het schouwspel op het erf van Wolfcamp gade geslagen. Het verzoek van de Giethemer pachters werd om twee redenen niet gehonoreerd: ten eerste, de mannen waren door teveel aan bier allemaal dronken. En ten tweede, er werd veel meer bier gedronken dan wat de gewoonte was in grotere Marken als die van de Marke Giethmen. De pachters van Giethmen ook niet bang, lieten tegen het advies en zonder medeweten van de Markerichter toch weer een halve ton bier aanrukken voor eigen gebruik.
En van het een kwam het ander. De erfgenamen op deze Holting lieten weten dat ze bepaald niet tevreden waren over de ijver van de pachters. De plichten in het belang van de Marke werden verzaakt, zo was hun oordeel. “Alle mannen in Giethmen willen wel bier drinken, maar zijn zeer traag en onwillig in het werk” werd opgetekend. Omdat niemand toezicht hield werden keuren ingevoerd waar de pachters zich aan moesten houden met als stok achter de deur boetes als de keuren niet werden nageleefd.
School
In bijna iedere Marke stond wel een kleine Markeschool. In Giethmen stond deze dicht bij de erve Brinkman aan de brink van de Marke Giethmen (nu Holtkampweg 3 en 4). Voor een boer die niet dom was volgde al gauw een aanstelling als schoolmeester om de kinderen in de wintermaanden het lezen, schrijven en rekenen te leren. Na het overlijden van meester A. Hekhuis in 1789, benoemde het Markebestuur als opvolger de boerenzoon Gerrit Jan Warmelink. Deze familie weet het onderwijzen drie generaties lang vast te houden. Daarom ook dat de familie Warmelink de bijnaam kreeg “de Meister”, vertaald als “de Meester”. De boerderij aan Dalmsholterweg 7 met de naam “Meisters Henduk” verwijst nog naar deze oude geschiedenis. Inmiddels bestaat de Markeschool al lang niet meer maar is verplaatst naar de nabijgelegen buurtschap Nieuwebrug.
Deel 2 over Giethmen, een eeuwen oude buurtschap is hier te lezen: