Invloedrijke devoot Johannes van Ommen geboren in Ommen

Johannes van Ommen werd in 1350 geboren in Ommen. Veel mensen kennen Johannes van Ommen niet, toch is hij heel belangrijk geweest voor Overijssel.

 Johannes van Ommen geboren in Ommen, waar is niet bekend.
Tekening: Ommen in de middeleeuwen naar een idee van Luuk Vogelzang.
Zie voor meer afbeeldingen het album “Johannes van Ommen” met foto’s van Het Fraterhuis en Sint Jansklooster.

Hij stond aan de basis van het eerste Fraterhuis van de Broeders des Gemeenen Levens in Zwolle, was medestichter van het Fraterhuis en het latere klooster op de Agnietenberg. Verder heeft Johannes een klooster gesticht bij Vollenhove, het Sint Jansklooster (Sint Janskamp), en ondersteunde hij zusterkloosters van de Moderne Devotie in Hasselt, Kampen en Almelo. Overijssel vormde de bakermat van de Moderne Devotie, de grootste hervormingsbeweging van kerk en samenleving die Nederland ooit heeft gekend.

Blind
Het bijzondere aan het verhaal van Johannes is het feit dat hij blind was, en overal werd ondersteund door zijn moeder. In het eerste Fraterhuis in Zwolle bestierde zij het huishouden van de vijf devote broeders. Johannes van Ommen (in die tijd Jan van Umme genoemd) werd geboren als zoon van Esseke (van Ommen) en Regelande. Waar het gezin van Ommen in de plaats Ommen heeft gewoond is niet bekend. Johannes bracht een groot deel van zijn kinderjaren in Zwolle door en genoot daar onderwijs. In zijn jeugdjaren kreeg hij te kampen met een oogziekte waardoor hij voor de rest van zijn leven blind was. Als jongeman trok hij aan de hand van zijn moeder naar allerlei bedevaartplaatsen en bezochten moeder en zoon frequent de kerkdiensten in de eigen omgeving. In deze jaren werd het gemis aan licht in de ogen steeds meer vergoed door de groei van een innerlijk licht in zijn leven. Johannes was ongeveer dertig jaar oud toen hij in 1380 Geert Grote, de geestelijke vader van de Moderne Devotie, in Zwolle hoorde preken. Hij sloot zich aan bij deze nieuwe manier van leven en stopte met de bedevaarten. Waar Johannes maar de gelegenheid kreeg, luisterde hij naar de preken van Geert Grote en deze op zijn beurt koesterde een bijzondere genegenheid voor de blinde volgeling. Mensen met vragen of problemen werden door Geert Grote vaak naar Johannes doorgestuurd voor verdere hulp. Lees verder Invloedrijke devoot Johannes van Ommen geboren in Ommen

Hoogste punt nieuwbouw CCO officieel gemarkeerd met vlag

OMMEN – Met het hijsen van een bouwvlag is woensdagmorgen 2 september 2020 het hoogste punt gemarkeerd van de nieuwbouw van het Cultuurhistorisch Centrum Ommen (CCO).

 Hoogste punt bereikt. Wethouder Ko Scheele hijst de vlag.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s de album “2020 – Uitbreiding Streekmuseum” en “8. Hoogste punt bereikt”.

Deze eer was weggelegd voor wethouder Ko Scheele. Dat deed hij in tegenwoordigheid van de aannemer Bas Herbrink van het bouwbedrijf Salbam uit Vilsteren en het bestuur van het CCO.

Schatten van Ommen
Bij de plechtigheid van het bereiken van het hoogste punt liet wethouder Scheele liet weten erg ingenomen te zijn met de komst van een nieuw museum. “We kunnen nu de schatten van Ommen onthullen”. Aan het CCO-bestuur deed de wethouder de oproep om behalve de bekende voorwerpen ook met nieuwer ideeën te komen. “Ommen heeft zo veel te bieden. We zijn een toeristische gemeente. Daar hoort ook een mooi museum bij”, aldus de wethouder.

Onder één dak
Als het aan het CCO ligt volgt in de wintermaanden de inrichting van het vernieuwde onderkomen.
De verwachting is dat volgend jaar april het museum opent. Het Streekmuseum en de historische vereniging CCO komen dan samen onder één dak bij molen Den Oordt, op de plek waar eerder het Streekmuseum te vinden was. Ook komt er ruimte voor een toeristisch informatie punt (TIP) met een gemeenschappelijke balie om die functie te versterken. Het TIP moet zorgen voordat er goede verbindingen tussen de toeristische sector en toerist. Met de bouw is een bedrag gemoeid van 4,5 ton.

Bron: Harry Woertink – 2 september 2020

Komst nieuw bezoekerscentrum Ommerschans in zicht

De realisering van een nieuw bezoekerscentrum op de Ommerschans lijkt in zicht. Het bestuur van de vereniging Ommerschans heeft nu de pijlen gericht op de Veldzichthoeve, onderdeel van het Veldzichtcomplex.

 Het nieuwe bezoekerscentrum in de Veldzichthoeve.
Foto: Harry Woertink

Het gaat om de Veldzichthoeve aan de Balkerweg 72, gelegen aan de rand van de vesting op de grens tussen de gemeenten Ommen en Hardenberg.

Veldzichthoeve
In de Nieuwsbrief laat het bestuur van de vereniging Ommerschans weten dat de optie om in de boerderij van Hiemstra te gaan zitten van tafel is. “We richten ons nu op een plaats in de boerderij van Veldzicht. Er zijn een drietal opties, steeds met uitbreiding van de hoeveelheid ruimte”, aldus het bestuur. Het Centrum voor Transculturele Psychiatrie Veldzicht in Balkbrug gebruikt de boerderij voor hun eigen dagbesteding. Er is nu een rapport gemaakt uitgaande van een relatief fictieve hoeveelheid bezoekers. Op grond daarvan kon bepaald worden hoeveel ruimte nodig is voor het nieuwe bezoekerscentrum. Dit is besproken met de directie van Veldzicht, de wethouders van de gemeenten Hardenberg en Ommen en de programma coördinator. Er waren de nodige twijfels over de fictieve bezoekersaantallen, maar dankzij een rekenmodel is een snelle beslissing afgedwongen. Partijen gaan half september weer aan tafel voor een go/no-go beslissing. Belangrijke voorwaarde voor de vereniging is dat behalve de Veldzichthoeve er ook alternatieven op tafel komen zoals bijvoorbeeld nieuwbouw. De aansturing verloopt nu via Rijksvastgoed, eigenaar van de gebouwen en de grond van Veldzicht. Daardoor staan ook andere mogelijkheden open. Het streven is om in 2022 het bezoekerscentrum te hebben gerealiseerd. Dat is ook het jaar waarin de herdenking wordt gehouden dat het 350 jaar geleden is dag sprake was van het Rampjaar (1672). Deze aangelegenheid wil de Ommerschans niet onopgemerkt voorbij laten gaan.

­Europees Erfgoed Label
Dit voorjaar is aan de Ommerschans het prestigieuze Europees Erfgoed Label toegekend. Dit richt zich wat meer op immaterieel erfgoed, dan het Werelderfgoed van Unesco, vandaar dat de Ommerschans gemakkelijker door de beoordeling kwam. Een besluit over het Unesco Wereld Erfgoed voor de Koloniën van Weldadigheid wordt in het najaar verwacht. In de huidige aanvraag zijn de Ommerschans en Willemsoord niet meer opgenomen, maar de verwachting is dat bij toekenning kan worden meegelift op de Unesco-erkenning van de overgebleven Koloniën. De Koloniën van Weldadigheid zijn ’s werelds eerste, meest grootschalige en langst functionerende voorbeelden van landbouwkoloniën om armoede te bestrijden. Ze zijn voorlopers van onze verzorgingsstaat. Ruim een miljoen Nederlanders en Belgen hebben voorouders in de Koloniën van Weldadigheid. Lees verder Komst nieuw bezoekerscentrum Ommerschans in zicht

Nieuw cultureel seizoen Ccoba

Zoals elk jaar organiseert Ccoba een serie culturele activiteiten in de Bibliotheek in Ommen. Het nieuwe programma is nu bekend.

ccoba.JPGOp dinsdag 8 september start het seizoen met een wandeling in het prachtige, historische natuur- en cultuurlandschap van landgoed Den Woesten Heide. De gids neemt de deelnemers mee langs bijzondere plekken en vertelt alles over de historische achtergrond van het gebied. De wandeling start op dinsdag 8 september om 9.30 uur bij Landgoed Den Woesten Heide, Oude Woestendijk 1, 7731 RR Ommen.

Vanaf oktober tot en met maart is er elke tweede dinsdag van de maand een culturele avond. De thema’s variëren van muziek en schilderkunst tot architectuur, natuur en meer. In de Bibliotheek in Ommen is een gratis programmabrochure te verkrijgen. Het gehele programma is ook in te zien op http://www.bibliotheeksalland.nl/ccoba.

Door de coronacrisis kunnen heel veel culturele activiteiten niet doorgaan. Ook de Ccoba-bijeenkomsten op de bovenverdieping van de Bibliotheek in Ommen zouden in hun vertrouwde vorm onveilig zijn. In samenwerking met Theater Carrousel, gevestigd in hetzelfde gebouw, kan de programmering van seizoen 2020-2021 nu toch doorgaan. Er is bij de voorstellingen beperkt plek. Toegangskaarten kunnen online gereserveerd en afgerekend worden via http://www.bibliotheeksalland.nl/ccoba. Voor bibliotheekleden en Vrienden van Ccoba gelden gereduceerde tarieven.

Bron: Bibliotheek Salland – 28 augustus 2020

Vinkenbuurt van woeste grond tot hechte buurtschap

De buurtschappen van Ommen zijn ontstaan vanuit de vroegere Marken. Ommen telde 14 van deze (Boer)Marken. Toch is het aantal buurtschappen rond Ommen groter.

 Op de laatste schooldag in 2018 werd bij de openbare basisschool in Vinkenbuurt een monument onthuld met de voornamen van de 12 laatste leerlingen.
Zie voor meer foto’s het album “Vinkenbuurt”.

Totaal ging het om 23 buurtschappen, waaronder Vinkenbuurt. Ontstaan vanuit woeste gronden is Vinkenbuurt verworden tot een groene oase, met centraal de kerk en het buurthuis. Tot twee jaar terug behoorde daartoe ook nog de school, maar die moest sluiten vanwege te weinig leerlingen.

Varsenerveld
Vinkenbuurt lag vroeger officieel in het gebied Varsenerveld onder de gemeente Ambt-Ommen, deel uitmakend van het onmetelijk grote woeste Zuidelijk Ommerveld. Tot eind 1800 was nog sprake van heide, woester gronden, veen en moeras. Op de vroegere vesting de Ommerschans onder de gemeente Stad-Ommen was begin 1800 de Kolonie van Weldadigheid ontstaan. Van hieruit werden de woeste gronden rondom de schans in cultuur gebracht en zogeheten kolonieboerderijen gebouwd. Pioniers, voornamelijk boeren vanuit Nieuwleusen, hadden hun oog laten vallen op de woeste gronden van het Varsenerveld. Ze bouwden boerderijen of andere behuizingen op de hogere delen om zo een bestaan op te kunnen bouwen. Vanaf 1900 rukten schop en scheurploeg helemaal op om de nog overgebleven woestenij in te wisselen voor vruchtbare akkers en weidegronden. Zo werd de huidige buurtschap gesticht. Teunis Jansen begon er een kruidenierswinkeltje, Hassink een klein café en de fiets kon toen gemaakt worden bij Jan Tempelman.

De kinderen uit de buurt gingen naar de school in Nieuwleusen. Toen de gemeente Nieuwleusen echter geen zin meer had om voor het onderwijs van Ommen op te draaien en de kinderen dus geen onderwijs meer kregen, moest de buurtschap stad en land bezeilen om een eigen school in de Vinkenbuurt te krijgen. Op 25 februari 1908 kon in de buurtschap de openbare lagere school ‘Varsenerveld’ geopend worden met twee lokalen en een ‘meesterswoning’ voor meester B.B. Neuteboom. Daarmee was ook een eind gekomen dat de kinderen in de winter door modderige wegen moesten baggeren om Nieuwleusen te bereiken. In 1928 werd de Koloniedijk verhard tot een klinkerweg. Toch was het altijd slecht gesteld met de toestand van de weg, zo erg zelfs dat in 1956 busmaatschappij EDS besloot de busverbinding met Vinkenbuurt te staken. Pas in de zeventig jaren van de vorige eeuw werd de weg verbreed en geasfalteerd. Lees verder Vinkenbuurt van woeste grond tot hechte buurtschap

Historische Koningsweg tussen de hoven Archem en Lenthe gemarkeerd

Met een groot blok Bentheimer zandsteen zijn in Hoonhorst, onder Dalfsen, twee historische wegen gemarkeerd. Het gaat om de Koningsweg uit het jaar 940 en de Twentseweg die uit 1276 dateert.

 Met een groot blok Bentheimer zandsteen zijn de twee historische wegen gemarkeerd. Op de achtergrond De Kapelle.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Schuilhut ‘De Kapelle’”.

De grote steen dient tevens als historische bewegwijzering met de vermelding dat het nog 1 kilometer te gaan is naar Ierthe en 179 km naar Essen (Duitsland). De afstand van hier naar Kampen is 31 km en naar Osnabrück is nog 147 km te gaan. Op het punt waar de historische wegen (nu Koelmansstraat en Molenhoekweg) kruisen is ook een schuilhut gebouwd als onderdeel van het project “DNA van Hoonhorst”. De houten schuilhut met de naam “De Kapelle” is naar historisch voorbeeld gereconstrueerd. De zware eiken staanders rusten op Bentheimer zandsteen blokken. Op het dak een serum beplanting. In de schuilhut bevinden zich borden met informatie over de historische wegen en Bentheimer zandsteen.

Koningsweg
Een “Koningsweg” was een weg die hoven met elkaar verbond en liep over hogere delen in het landschap. Op een kilometer afstand van de schuilhut lag “Hof Ierthe”. Tegenwoordig de buurtschap Lenthe. Dit hof hoorde bij het Stift (klooster) in het Duitse Essen. Het volgende hof, in Archem, onder Ommen, was via de Koningsweg in één dag te bereiken. Boeren pachtten het land waarop zij werkten van grootgrondbezitters, zoals kloosters. Die kloosters hadden op verschillende plaatsen een hof waar boeren hun pachtpenningen moesten betalen. Meestal betaalden de boeren in de vorm van landbouwproducten, vee of gebruiksvoorwerpen voor het klooster. Het vervoer van de boerderijen naar de hoven vond plaats met handkarren, ossenkarren of met paarden.

Twentse weg
De Twentseweg was vanaf 1276 een belangrijke handelsweg waar van Kampen naar Osnabrück kon worden gereisd. De weg liep door het centrum van Zwolle en het buitengebied van Hoonhorst langs Hellendoorn naar Duitsland. Op wagens die door paarden werden voortgetrokken werden allerlei producten vervoerd zoals vlas, linnen, specerijen en granen. Door de komst van de Rijksstraatweg (nu N35) in 1830 verloor de Twentseweg zijn functie als handelsweg.

Bentheimer zandsteen
Bij dit project is Bentheimer zandsteen gebruikt die in de 20e eeuw opgebaggerd is uit de Vecht bij Dalfsen. Bentheimer zandsteen werd vanaf 1450 tot 1850 van Bentheim in Duitsland over de Vecht vervoerd met zompen (platbodems). In Zwolle werden de stenen overgeladen in grotere schepen die naar Amsterdam en andere havens voeren. Omdat de Vecht toen nog niet gekanaliseerd was, vielen delen van de rivier in de zomermaanden vrijwel droog. Om bij ondiep water toch door te kunnen varen, gooiden de schippers soms wat ballast overboord. Dat zijn de blokken die gevonden zijn in de Vecht. Bentheimer zandsteen wordt ook wel het goud van Bentheim genoemd. Het was een belangrijk bouwmateriaal voor gebouwen en kastelen.

Bron: Harry Woertink – 21 augustus 2020


Naschrift redactie: zie album “Johan Overweg
Naar aanleiding van bovenstaand artikel laat Johan Overweg uit Ommen weten jaren geleden vlak langs de Vecht net buiten Ommen twee Duitse duiten van de stad Kleef gevonden te hebben. Beide munten zijn uit 1753. Het zal gaan om verloren duiten. Ook Duitse schippers voerden over de Vecht. Via Zwolle, de IJssel en de Zuiderzee was er aansluiting op andere havens. Kleef ligt vlak aan de Rijn bij Nijmegen.
Ook vond Johan bij laag water van de Vecht bij Zwolle zes stuiverstukken uit 1690 van Overijssel met klop, ook wel Rijderschelling genoemd. Langs de oude handelsroute, de Twentse weg vond Johan een gulden uit 1687 van Utrecht.

Canon van de Ommer: Geslacht Mulert (4)

De naam Mulert is historisch nauw verbonden met Ommen. In 1305 kwam ridder Hessel Mulert met een bende ruiters naar het Oversticht om namens de Bisschop van Utrecht in deze regio orde op zaken te stellen.

 Het geslacht Mulert in de reeks ‘Canon van de Ommer’.
Afbeelding: OudOmmen
Zie ook het album “4. Geslacht Mulert”, de verzamelplek voor alles over het geslacht Mulert.

In het jaar (1492) dat Columbus Amerika ontdekte was het de met Jonkvrouw Niesse van Ruyterborg gehuwde nazaat die voor een eerste vaste oeververbinding in Ommen zorgde. De nakomelingen van Hessel Mulert hebben op verschillende kastelen en havezaten in de omgeving gewoond, zoals de Cranenburg en de Leemcule bij Dalfsen. De familie Mulert evolueerde overigens in de loop van de tijd van roofridder tot notaris en kantonrechter. Het geslacht Mulert wordt nog steeds in herinnering gehouden met de naamgeving van de brug over de Vecht bij Ommen: Hessel Mulertbrug.

Twee takken
Het geslacht Mulert verdeelde zich in twee takken. Een tak trouwden met de Spaanse adel en de laatste afstammeling, waarmede deze tak uitstierf, was Don Mulardo, graaf van Auterippe. De andere tak bleef Overijssel bewonen en is door huwelijk aan nagenoeg alle riddergeslachten van Overijssel en Gelderland verbonden. Uit dezen tak zijn mannen voortgekomen, die op den loop van ’s landszaken hun stempel hebben gedrukt zoals onder andere Gerard Mulert, vermaard door rechtsgeleerdheid en kunde van krijgs- en staatszaken. Hij was rentmeester van Salland, had zitting in de Geheimen Raad van Keizer Karel V en was stadhouder ad interim onder George Schenk van Toutenburg in Groningen. Sommige van de Mulerts waren Drost en Schout te Lingen (in Westfalen), dat toen een bezit was van de Nassau’s.

Leemcule
In 1640 kwam de Leemcule bij Dalfsen (toen nog een havezate) in het bezit van de familie Mulert. De laatste havezatebewoner was Joachim Ernst baron Mulert tot de Leemcule, gehuwd met Anna Petronella Gravin van Nassau Woudenberg. De havezate werd in 1812 afgebroken om in 1823 op dezelfde plaats te worden vervangen door het huidige landhuis. Uit het huwelijk Mulert/Woudenberg zijn vier zonen geboren. Twee zonen bleven in Overijssel wonen. De oudste, Jacob Adriaan Mulert tot de Leemcule, was de vader van Frederik Willem Nicolaas Baron Mulert die in Ommen notaris zou worden. De jongste zoon, Frederik Christiaan baron Mulert tot de Leemcule, werd burgemeester in Dalfsen. Uit zijn huwelijk met H.M.D.R. van Omphal is ondermeer geboren Frederik Hendrik baron Mulert, die zijn vader, sinds 1811 burgemeester van Dalfsen, in 1844 opvolgde als burgemeester en in dat ambt bleef tot 1903.

Notaris
Frederik Willem Nicolaas baron Mulert (25-2-1821) wordt in 1852 benoemd tot notaris in Ommen en blijft dat tot zijn overlijden in 1895. Hij laat Huize Olde Vechte aan de Zeesserweg bouwen om er vervolgens te gaan wonen met zijn gezin met er naast zijn kantoor. In de voorgevel van dit herenhuis bevindt zich een gedenksteen met de naam van zijn oudste zoon A.J.A. Mulert. De notaris kon rechtstreeks van zijn huis over ‘Mulertsdiekie’ richting de molen aan Den Oordt wandelen. De rivier de Vecht doorsneed toen nog niet het beukenlaantje, zoals dat na de ‘verbetering’ van de Vecht wel het geval was. Behalve notaris is Mulert vanaf 1877 tot 1887 tevens plaatsvervangend kantonrechter bij het plaatselijk Kantongerecht. In 1895 overlijdt F.W.N. baron Mulert en in 1910 overlijdt ook zijn vrouw Elisabeth Cornelia Overgauw Pennis. De in leven zijnde kinderen zijn: 1. Anne Jacob Adriaan baron Mulert; 2. Maria Johanna Elisabeth baronesse Mulert; 3. Frederik Eliza baron Mulert; 4. Geertruidis Pieter Christiaan baron Mulert; 5. Johan Petrus Antoine baron Mulert; 6. Otteline Nicole baronesse Mulert en 7. Adriaan Marinus Leopold baron Mulert. Huize Olde Vechte, toen bekend als Zeesseroever, komt in het bezit van de zoon Johan Petrus Antoine baron Mulert. Deze is griffier bij het Kantongerecht in Kampen en wordt in 1908 benoemd tot kantonrechter in Ommen. De zoon ruilt het rustieke ‘Olde Vechte’ in 1921 met Jonkheer Adriaan Stoop voor het statige pand ‘Benvenuta’ aan de Voorbrug 9. Lees verder Canon van de Ommer: Geslacht Mulert (4)

500ste Zoekplaatje Ommer Nieuws

Deze week wordt een bijzonder jubileum gevierd. Het gaat om het 500ste zoekplaatje in beeld aangeleverd door OudOmmen.nl.

 Circa 30 van de 500 zoekplaatjes die de afgelopen 10 jaar zijn gepubliceerd in het Ommer Nieuws.
Afbeelding: OudOmmen

In lijn met de doelstelling van OudOmmen wordt sinds 2008 gewerkt met de rubriek zoekplaatje van nostalgische plaatjes. In het Ommer Nieuws verscheen het eerste zoekplaatje op woensdag 29 april 2009. In samenwerking met het Streekmuseum was OudOmmen.nl vanaf 8 september 2010 verantwoordelijk voor de wekelijkse aanlevering. Van de vanaf 28 januari 2015 gepubliceerde trouwfoto’s, afkomstig van glasnegatieven uit het Streekmuseum, zijn via reacties op de krant-publicaties bijna alle namen en trouwdata aangeleverd. Het laatste door het Streekmuseum aangeleverde zoekplaatje (nummer 279) verscheen op 17 februari 2016. Aansluitend werd in overleg met Taxi Steen overgestapt naar de al eerder aangeleverde trouwfoto’s van Taxi Steen waarvan ook de meeste namen en data boven water zijn gekomen. De laatste jaren wordt om de week een zoekplaatje uit het archief van fotojournalist Herman Wigbels en een door derden aangeleverd zoekplaatje gepubliceerd.

Interessante informatie
Vanaf het begin is de belangstelling groot voor de verzamel-site die alles wat met de historie van Ommen en omgeving te maken heeft”, zegt Tjeerd de Leeuw, initiatiefnemer en webmaster van website OudOmmen.nl. “In de lijn met de doelstelling van OudOmmen.nl leveren we graag nostalgische foto’s voor publicatie in het Ommer Nieuws aan. Met de zoekplaatjes wordt veel interessante historische informatie binnengehaald. Wij zorgen voor beschikbare tekst bij de foto en een oproep aan de lezers om te reageren. Het kan gaan om de personen op de foto of de vraag waar de foto is gemaakt. Ook zijn er wel eens geen reacties omdat gewoonweg niemand het weet. We merken dat het bij de lezers leeft. Er zijn lezers die de stukjes in de krant doorsturen aan familie buiten Ommen voor een reactie”.

Familie stambomen – Canon van de Ommer
OudOmmen.nl is sinds 17 april 2006 online en wordt door een breed publiek gewaardeerd. Voor geïnteresseerden in de historie dan ook een veel bezochte website. De website wordt regelmatig ‘ververst’ met interessante historische (nieuws)artikelen en foto’s over Ommen en omgeving. De webredactie van OudOmmen.nl zit ook niet stil. Lees verder 500ste Zoekplaatje Ommer Nieuws

Nieuwste uitgave De Darde Klokke over Ommer Indiëgangers 1945-1949 – eerste exemplaar officieel aangeboden aan burgemeester Hans Vroomen en Rink Lantinga

OMMEN – De nieuwste uitgave van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke (nummer 196) staat dit keer in het teken van de Ommer Indiëgangers.

 V.l.n.r. Sir Schokkenbroek, Alex Schuurman, burgemeester Hans Vroomen en de heer en mevrouw Lantinga.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Stichting De Darde Klokke”.

Tussen 1945 tot 1949 werden tienduizenden dienstplichtige Nederlandse soldaten (en vrijwilligers) naar ‘Indië’ – het huidige Indonesië – gestuurd om daar ‘orde en vrede’ te brengen. Het gaat om verschillende verhalen van mannen uit de gemeente Ommen, die in dienst van Nederland in het verre, onbekende “Indië” verplicht of vrijwillig hun leven en jonge jaren in de waagschaal stelden. Sommige verhalen zijn uit eerste hand, anderen uit overlevering. Uit de gemeente Ommen zijn 132 mannen uitgezonden geweest.

Eerste exemplaar
Burgemeester Hans Vroomen en Rink Lantinga mochten het eerste exemplaar van De Darde Klokke officieel in ontvangst nemen van Alex Schuurman en Sir Schokkenbroek namens De Darde Klokke. Dat gebeurde bij het oorlogsmonument aan de muur van het Ommer gemeentehuis. De 90-jarige Rink Lantinga uit Rotterdam was hiervoor speciaal uitgenodigd om naar het gemeentehuis te komen samen met zijn echtgenote, zoon Wietse en dochter Marja en aanhang.
Lantinga, toen wonende in de buurtschap Junne, heeft een dagboek bijgehouden gedurende zijn verblijf in Nederland-Indië. Daarin beschrijft hij zijn militaire rol niet meer dan het “passen op de winkel”, vooral omdat politionele acties toen al voorbij waren. Dat gold niet voor alle Indiëgangers, die wel te maken hadden met het handhaven van orde en rust door middel van bewapende patrouilles.

Vermissing Bertus Stam
Lubbertus (Bertus) Stam vertrok in de zomer van 1947 vanuit Rotterdam met het schip “Volendam”. Na een lange bootreis van bijna 3 maanden werd Bertus bij aankomst in Nederlands-Indië gelegerd in Batavia. Bertus stuurt regelmatig brieven naar huis. Maar dan komt er een moment dat zijn brieven uitblijven. Zijn familie in Nederland en zijn broer in Batavia delen hun zorg aan de legerleiding. De ongerustheid bij de ouders wordt al maar groter. En dan bereikt een triest bericht van de legerleiding de ouders: “Uw zoon wordt vermist”. In de brief staat dat Bertus gesneuveld is op een nachtelijke patrouille te Srojo. Dat geschreven wordt “gesneuveld” was wellicht bedoeld als verzachting, want werkelijk blijkt dat Bertus Stam als vermist wordt opgegeven om nooit meer teruggevonden te worden, behalve dan enkele kledingstukken op de plek waar hij samen met enkele andere militairen die nacht patrouilleerde. Na een half jaar vol onzekerheid wordt de vermissing bevestigd. Alleen zijn bagagekist van Bertus keert terug naar Ommen. Geen laatste rustplaats voor Lubbertus Stam; wel wordt hij op de Militaire Begraafplaats Menteng Pulo in Djakarta herdacht met zijn naam en 5 augustus 1949 als overlijdensdatum. Lees verder Nieuwste uitgave De Darde Klokke over Ommer Indiëgangers 1945-1949 – eerste exemplaar officieel aangeboden aan burgemeester Hans Vroomen en Rink Lantinga

De stuw in Junne meer dan een eeuw oud – Toekomst brug onzeker

De stuw in de Vecht in Junne is in gebruik sinds 1915. In datzelfde jaar komen ook de schottenloods en de stuwwachterswoning gereed.

De stuw in Junne, toen nog met een looppad tussen Junne en Stegeren.
Foto: OudOmmen
Zie voor meer foto’s het album “Junne – Stuw”.

Dat is twee jaar later als in Vilsteren, waar ook een stuw, een schutsluis, een schotttenloods en een stuwwachterswoning worden gebouwd. Over de stuw verbindt een brug de buurtschap Junne met de buurtschap Stegeren. Echter, de brug over de Junner stuw is er niet altijd geweest. Het was ooit niet meer dan een looppad. De vaste oeververbinding van nu is er sinds 1966.

Stuwwachter
Om het water op een specifiek peil te houden bepaalde de stuwwachter aan de hand van de waterstanden de hoogte of diepte van de stuwschotten. In de schottenloods bevond zich het mechanisme voor het optakelen van de schotten. Vanuit de loods reed de takelinstallatie over een rail naar de stuw. Toen het waterpeil automatisch en op afstand bediend kon worden kwam een einde aan de functie van de stuwwachter. De stuwwachterswoning in Junne werd verkocht en particulier bewoond. Die in Vilsteren werd overigens afgebroken. De huidige Junner stuw, in combinatie met de schottenloods en woning zijn als ensemble een gemeentelijk monument.

Fietspad Junne – Stegeren
Vanuit de buurtschappen Junne en Stegeren was vanaf het begin al de wens geuit om vanuit de buurtschappen richting de stuw een fietspad aan te leggen om beide buurtschappen te verbinden. De gemeenteraad van Ambt-Ommen zag daar ook wel wat in. Er werd een commissie uit de raad ingesteld die de mogelijkheden van het aanleggen van een fietspad zou onderzoeken. Maar in de gemeenteraadsvergadering van 10 juni 1921 rapporteerde de commissie dat de toenmalige eigenaar van landgoed Junne, de Duitse fabrikant en grootgrondbezitter Lüps, geen medewerking wil verlenen. De wegen en paden in Junne zijn enkel voor de buurtschap Junne, was zijn oordeel. Dat over en weer toch gebruik gemaakt werd van de stuw als oversteekplaats werd door de gemeente oogluikend toegestaan. Een verzoek van de toenmalige eigenaar om het gedeelte van het inmiddels ontstane pad richting stuw te onttrekken van het openbaar verkeer, kreeg geen goedkeuring van de meerderheid van de raad van Ommen.

Lees verder De stuw in Junne meer dan een eeuw oud – Toekomst brug onzeker