Hotel “De Zon”

Reeds voor 1881 heeft op de plaats, waar zich thans Hotel de Zon bevindt een huis gestaan, waarin het beroep van café-en logementhouder werd uitgeoefend.

1e eigenaar
Hier woonde toen Lambertus KOGGEL (geb. 13-3-1841), gehuwd met Maria Bosch (geb. 11-11-1842). Maria Bosch was eerder gehuwd geweest met Gerrit Spijker-bos, die toen op de boerderij in Het Laar woonde. Zij hadden een zoon Gerhardus Spijkerbos (geb. 3-11-1873). Na het tweede huwelijk van zijn moeder bleef deze Gerhardus bij hen wonen. Op 1-5-1881 werd door Lambertus Koggel reeds sterke drank in het klein verkocht. Hij overleed 26-5-1883, waarna zijn weduwe Maria Bosch op 12-2-1885, dus voor de derde keer, trouwde met Johannes.

2e eigenaar Lees verder Hotel “De Zon”

Beschrijving van de STAGHOUND, type T17E1

De STAGHOUND, type T17E1. Medium “armoured car”, 4×4.

Fabrikant: Chevrolet Motor Division, General Motors Corporation, Detroit Michigan, Verenigde Staten van Noord-Amerika.
Krachtbron: twee 6-cylinder motoren, model: Chevrolet/GMC 270 elk van 97 pk bij 3000 toeren.
Brandstof: benzine.
Bandenmaat: 14.00 – 20, 18 ply
Electrische installatie: 24 Volt, 4 Accu’s
Afmeting: De hoogte bedroeg 2362 mm, de breedte 2692 mm, de lengte 5385 mm, wielbasis 3048 mm.
Gewicht ruim 15 ton.
Bepantsering van de Staghound was ongeveer als volgt:
de romp: voorzijde 15,875 mm tot 22,225 mm, zijden 19,05 mm, de achterzijde 9,525 mm, het voor- en achterdek 12,7 mm en de bodem 12,7 tot 6,35 mm de toren: de voorzijde 44,45 mm, de achterzijde en de zijkanten 31,75 mm, het schild 25,4 mm en de bovenzijde 12,7 mm. Lees verder Beschrijving van de STAGHOUND, type T17E1

Korte geschiedenis van het 18th Armoured Car Regiment of de XII MANITOBA DRAGOONS

Het Regiment werd op 15 mei 1941 gemobiliseerd. Het werd in verband met de verradelijke inval op 7 december 1941 door de Japanners op Pearl Harbour, toen in Canada het zogenaamde Westkust-alarm afkwam, van het vaste land van Canada overgeplaatst naar Vancouver Island, gelegen voor de westkust van Canada, waar de trainingen werden voortgezet. Op 18 mei 1942 keerde het Regiment terug naar het vasteland, reisde per trein dwars door Canada en werd aan de oostkust van Canada gelegerd. Van hieruit vond op 19 augustus 1942 te Halifax de inscheping aan boord van de “Letitia” plaats en werd in convooi naar Europa gevaren, waar men op 31 augustus 1942 op de rede van Glasgow aankwam. In Engeland werden de trainingen voortgezet en werd het Regiment volledig georganiseerd en uitgerust, ook met de toen zeer moderne pantserwielvoertuigen van het type Staghound T17E1, een General Motors product. Men was er volledig klaar voor de grote taak! Het Regiment werd bezocht door de Engelse koning, King George VI, maar ook door Generaal Dwight D. Eisenhower, “the General of the Army” (vijf sterren-generaal), en Generaal (later Veldmaarschalk) Bernard L. Montgomery, de commandant van de 21 th British Army Group onder welke Legergroep onder meer het llnd Canadian Corps ressorteerde en waartoe het Regiment behoorde. In de nacht van 7 op 8 juli 1944 werden het Regimentshoofdkwartier en het B-squadron te Portsmouth op de Amerikaanse LCT ( = Landing Craft Tanks) Nr. 168 ingescheept en de rest van het Regiment te Gosport op 8 juli 1944 op de LCT Nrs 169, 170 en 171, waarna men op 8 juli 1944, men onder meer 72 Staghounds, op Juno-beach, bij het Normandische havenplaats Courseulles-sur-Mer, landde en werd opgewacht door een ambulance die Trooper Archibald C. Doan met zijn op zee geconstateerde blindedarmontsteking naar een veldhospitaal bracht en daar geopereerd werd. Lees verder Korte geschiedenis van het 18th Armoured Car Regiment of de XII MANITOBA DRAGOONS

School te Dalmsholte

Op 24 april 1912 wordt in de raad der gemeente Ambt-Ommen een adres van A.Wunnink e.a. te Dalmsholte behandeld, in welk adres wordt verzocht om, in verband met de grote afstand, welke de schoolgaande kinderen uit Dalmsholte moeten afleggen naar Lemelerveld, over te gaan tot stichting van een openbare lagere school te Dalmsholte. Dit adres wordt staande deze raadsvergadering in handen gesteld van een commissie, waarin de heren Rovers, Herbrink en Immink worden benoemd.

Op 25 juni 1912 brengt deze commissie rapport uit aan de raad. De commissie is van oordeel dat het kadastrale perceel gem. Ambt-Ommen, sectie G, nr.2556 ter grootte van 0.51.20 ha 9 op ongeveer 100 meter van de stopplaats Dalmsholte aan de spoorlijn Ommen-Raalte-Deventer, voor de stichting van een school het meest geschikt is. Op voorstel van de heer Herbrink wordt nog een tweede commissie benoemd voor onderzoek op het terrein, waarbij tevens rekening dient te worden gehouden met de kinderen afkomstig uit de buurtschap Vilsteren. Als leden van deze tweede commissie worden aangewezen de heren Grotemarsink, Haasjes, Henstede en Marsman.
Lees verder School te Dalmsholte

Beschrijving recreatie-terreinen in 1972

Ommen heeft voor recreatie in gebruik 452,30 HA, t.w.:

  • uitsluitend voor recreatie-woonverblijven – 143,65 HA
  • uitsluitend voor kamperen – 125,05 HA
  • mengvorm zomerhuizen en kamperen – 183,60 HA

Van de totale oppervlakte is 74,25 HA uitsluitend beschikbaar voor verenigingen als padvinderij e.d.

In gebruik zijn 38 kampeerterreinen en 618 recreatiebugalows.
In aanbouw zijn of worden op korte termijn in aanbouw genomen 75 recreatiewoonverblijven.
Herzien wordt een plan voor de bouw van ruim 100 bungalows.

Onderstaand volgt een toelichting op een aantal kampeerinrichtingen.

De “Beerzerbulten”. Oppervlakte 18,7 HA.
Wordt sinds kort na de oorlog geëxploiteerd door mevr. Hagedoorn-Koersen. Er staan 12 zomerhuizen, doch wordt overigens als kampeerterrein gebruikt en biedt plaats aan ongeveer 1000 kampeerders. Het is een nogal wat heuvelachtig terrein. Beschikbaar is een winkel, een kantine, een sportveld, een bad voor kleuters en een bad voor zwemmers. De baden zijn voorzien van een verwarmings- en zuiveringsinstallatie.
Lees verder Beschrijving recreatie-terreinen in 1972

Baron Mulert Stichting

F.E. Baron Mulert overlijdt op 26-2-1933 te Loosduinen. Als oud-inwoner van Ommen heeft hij “bij testament de gemeente Ommen benoemd tot universeel erfgenaam. De gemeente Ommen wordt hierdoor eigenaresse van het landhuis “Piet Hein” aan de Zeesserweg alsmede van de overige bezittingen.

De bedoeling van deze erfstelling is door de erflater in het testament als volgt omschreven:
“Uit mijne nalatenschap zullen allereerst moeten worden voldaan alle schulden en lasten daarop drukkende en alle kosten daaraan verbonden terzake de vereffening des boedels. Mijn landhuis “Piet Hein” met tuin en het verder saldo mijner nalatenschap zullen moeten worden benut of gebruikt ten bate van het algemeen belang. Zoo mogelijk zal daartoe genoemd landhuis met tuin en gemeld saldo mijner nalatenschap moeten dienen tot stichting of ingebruikneming van een inrichting voor verpleging van zieken of zoo het kapitaal daarvoor niet geheel voldoende is, als bijdrage kunnen streken te einde de daarstelling van zodanige inrichting te bevorderen. Zoolang het kapitaal tot voormeld doeleinde niet geheel is benut, zal het als een bijzonder fonds ten bate van het algemeen belang moeten worden beheerd en belegd.” Lees verder Baron Mulert Stichting

Postzegelclub Ommen treedt naar buiten – Eerste expositie groot succes

Ommen – De nog jeugdige Postzegelclub Ommen heeft ’t aangedurfd om zaterdag in de grote zaal van het Hervormd Centrum een tentoonstelling plus ruilbeurs te organiseren.

Postzegelclubd---.jpgOndanks het bijzonder slechte weer en gladde wegen is deze in alle opzichten geslaagd. Er waren veel bezoekers sn liefst 54 inzendingen. Ook op ie ruilbeurs werden goede zaken gedaan. De expositie werd ’s morgens door burgemeester mr. C.P. van Reeuwijk geopend. Hij juichte het toe dat de club het initiatief tot deze tentoonstelling heeft genomen om hierdoor een stimulans aan het culturele leven in de gemeente wordt gegeven. Alhoewel in verband met slechte toestand der gemeentelijke financiën, de aanvrage voor subsidie moest worden afgewezen, moet men dit niet zien als een definitieve afwijzing. Namens het gemeentebestuur bood hij een erelegpenning aan voor een der bekroonde inzendingen.

Leerzaam
Voorzitter H.J.E. Horstink dankte de burgervader voor zijn vriendelijke woorden en de legpenning en zei dat de vereniging gemeend had deze expositie te moeten organiseren niet alleen voor de leden zelf maar ook voor de andere ingezetenen in de gemeente en omgeving. Ook propagandistische redenen hebben hierbij uiteraard een rol gespeeld. „Verder willen wij hiermede demonstreren dat postzegel verzamelen een mooie vrije tijdsbesteding is, die veel genoegen kan verschaffen, maar bovendien leerzaam en blikverruimend is. Men komt, erdoor in contact met heden en verleden en alle andere landen.” Lees verder Postzegelclub Ommen treedt naar buiten – Eerste expositie groot succes

Korte geschiedenis van het Besthmenertolhuis

De weg, waaraan het Besthmenertolhuis stond, was in vroeger jaren een zandweg. In plm. 1840 werd deze weg met grint, dat op de Lemelerberg voldoende voorhanden was, verhard en kwam in beheer en onderhoud bij Baron van Pallandt, eigenaar van het landgoed Eerde.

Om de kosten daarvan te dekken werd door Koning Willem III bij besluit van 27 october 1840 nr. 103, goedgekeurd het “Tarief der Tolgelden in te vorderen aan de Tolboom, gevestigd op den weg van Ommen naar het Huis Eerde”. Eenzelfde tol kwam ook aan de andere zijde van het landgoed, dus aan de weg van Den Ham, en wel bij de “Groene Jager”.

De Gouverneur van Overijssel stelde op 25 juni 1841 als eerste tolgaarder aan de Besthmenertol aan Gerrit Stapeberg. Deze was als arbeider werkzaam op Eerde en zijn vrouw zal toen wel de tolgelden hebben geïnd. Deze bedroegen voor de verschillende personen, dieren on voertuigen slechts enkele centen. Maar ook deze centen waren in die dagen schaars, en dus waren er altijd mensen, die trachtten te tol te ontlopen door de weg te verlaten en door het veld te gaan. Werden ze door de tolgaarder betrapt, dan kregen ze een boete te betalen. Lees verder Korte geschiedenis van het Besthmenertolhuis

1969 – Spoorwegen

Wegens ongunstige financiële uitkomsten van het wagonlading vervoer wil de NS de laad- en losplaats Ommen eind 1969 sluiten voor het vervoer van wagonladingen.
In de periode 1963 t/m 1968 is het wagonlading vervoer gedaald van 888 tot 142 beladen wagons per jaar, mede als gevolg van de voortgaande daling in het kolen verbruik.
De sluiting van de laad- en losplaats gaat in op 31 augustus 1970.

Bron: Archief van Jan Lucas – map3-144 # Vertaling: Bernard Jans