Categorie archief: Harry Woertink

Konijnenbeltsmolen in Ommen op weg naar een maalvaardige korenmolen

OMMEN – Met een gerestaureerde kap en een nieuwe roede, koningsspil en bonkelaar is de Konijnenbeltsmolen in Ommen op weg naar een maalvaardige molen.

 Een grote kraan zorgde ervoor dat de kap weer op de juiste plek werd teruggezet.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “2018/2019 – Restauratie-werkzaamheden”.

Meer dan een half jaar is de kap van de korenmolen aan de Zwolseweg 5 er af geweest. Maar dinsdag 2 juli 2019 was het zover dat de kap weer teruggeplaatst kon worden op de molen. Het terugzetten van de kap trok veel bekijks. Een grote kraan zorgde ervoor dat de kap weer op de juiste plek werd teruggezet.

Burgemeester
In de molenkap is de windpeluw vervangen. Dit is de balk onder de as en de zogeheten burgemeester, de steunbalk die daaronder zit. Verder zijn een aantal gordingen vervangen en alle rietlatten zijn nieuw en is de kap voorzien van een nieuw rietdek. In de molen is het kruiwerk (mechanisme waarop de kap draait) nagekeken en herstelt. De Konijnenbeltsmolen heeft een zogenaamd ‘Engels kruiwerk’, bestaande uit twee rails: een onder- en bovenrail met daartussen de kruirollen. Simpel gezegd zit één rail gemonteerd bovenop de molen, de andere rail onderaan de kap. De onderrail is vervangen door een stevigere uitvoering en is tevens waterpas gelegd.

Zaanstreek
Voordat de Konijnenbeltsmolen in 1806 naar Ommen kwam deed deze dienst als olie- en pelmolen in de Zaanstreek. De Stichting Ommer Molens heeft als wens dat de molen ooit weer maalvaardig wordt. Zo ver is het nog niet. Daarvoor moeten eerst nog molenstenen geplaatst worden. Met een blik op de toekomst is de molen nu wel voorzien van een koningspil en bonkelaar. Die ontbraken tot nu toe. De koningspil is de rechtopstaande as midden in de molen. Deze rust op de zogenaamde ‘Donsbalk’. Deze eiken balk is gezaagd uit de oude lange spruit van molen ‘den Oordt’. De bonkelaar is het tandwiel wat bovenaan de koningspil wordt bevestigd, en zo een haakse overbrenging vormt met het bovenwiel wat rechtstreeks door de wieken wordt aangedreven. Om de molen ooit weer een functie te geven zijn deze onderdelen zeker nodig. Het tijdelijk verwijderen van de kap op de molen was een mooie gelegenheid deze onderdelen terug in de molen de plaatsen”, aldus Bastiaan Woertink, die als molenaar op de Konijenbeltsmolen trots is met het resultaat. Lees verder Konijnenbeltsmolen in Ommen op weg naar een maalvaardige korenmolen

Klederdracht ook in Ommen al lang voorbije mode (2)

Hoe waren de mensen in de achttiende en negentiende eeuw gekleed in Salland. Tegenwoordig moet je er voor naar het museum, vroeger was het in het dagelijks leven gewoon te zien op straat, op de markt, in de kerk of bij bijzondere gebeurtenissen. Een serie over klederdrachten.

bremmer-1.jpg1930. Op de voorgrond: Hendrikje Bremmer-Volkerink uit Giethmen met dochter Mina in de Brugstraat op weg naar de wekelijkse warenmarkt. Moeder in daagse schort; de knipmuts heeft ze thuis gelaten. Dochter Mina (5) draagt een lijf-en-rok combinatie met pofmouwtjes met daarover een hoge schort in wat we nu noemen ‘Ot-en-Sien-stijl’.
Foto: Harry Woertink
Zie ook het album “Klederdracht | Streekdracht”.

Mannenmode
Bij de kleding moet onderscheid gemaakt worden tussen werk- en zondagse kleding en tussen kleding van boeren en burgers. Door de week draagt de boer een zwaar en donker manchester, waaronder een zwarte trui en blauwe kiel. Het aantal onderkleren is zeer groot; er worden veel gebreide borstrokken gedragen. ’s Zondags verandert de garderobe. Dan trekt de boer zijn zwarte lakensepak aan, waaronder weer de trui. De pijpen van de broek zijn kort en nauw. Het geheel wordt gecompleteerd door zwarte sokken, de mooie wit geschuurde klompen en zwartzijden pet. De lakense kostuums zijn zeer degelijk en het komt vaak voor dat de boer zijn gehele leven hetzelfde kostuum gebruikt. Van de diverse modevoorschriften trekken de boeren zich nagenoeg niets aan. Confectiekostuums zijn in de dertiger jaren nog niet in zwang. Ook niet bij jongere boeren. De magazijnen voor confectiekleding vinden daarom ook hun klanten voornamelijk in de stad en een enkele keer onder de meer „verburgerlijkte” boeren. Het zondagse kostuum wordt alleen gedragen op zon- en feestdagen, bij visite en andere uitgangsdagen.

Vrouwenmode
De vrouwen gaan even stemmig gekleed als de mannen. Veel ondergoed, meestal van degelijke kwaliteiten en zelf gebreid; daarover twee of drie lange, wijde rokken en een jakje. Verder dragen ze zwarte gebreide kousen en buitenshuis werkklompen. Door de week wordt altijd een bontgekleurd schort gedragen. Het witte kanten mutsje wordt alleen ’s zondags opgezet bij de kerkgang en bij feestelijke gelegenheden. Zodra de vrouw van de kerkdienst is thuisgekomen, zet ze de muts weer af. De garderobe valt te onderscheiden in kleding voor ‘uit de rouw’ en voor ‘in de rouw’, daagsekleding, zondagse kleding, opknappersgoed en gelegenheidskleding. Lees verder Klederdracht ook in Ommen al lang voorbije mode (2)

Stand van zaken over viering 75 jaar vrijheid in Ommen

OMMEN – Achter de schermen wordt hard gewerkt aan de organisatie van het herdenken en vieren van 75 jaar vrijheid. In heel Nederland zijn activiteiten in het lustrumjaar 2020.

 Ook in Ommen. Voor de viering 75 jaar vrijheid in 2020 trekt de gemeente Ommen 25.000 euro uit. Er is een aparte stichting opgericht die zorg draagt voor de diverse activiteiten en feestelijkheden gedurende dit bijzondere jaar. De stand van zaken op rij. In november 2018 zijn diverse brainstormsessies georganiseerd op het gemeentehuis. Daar kwamen al veel enthousiastelingen op af en zijn er al diverse initiatieven gestart. Ook zijn de dagen voor de gemeente Ommen vastgelegd waarop we vieren, gedenken en herdenken. Daarnaast is de wens uitgesproken een educatief traject voor alle kinderen in Ommen te starten. Ook is er de wens een onderduikershol te maken voor educatiedoeleinden en rondleidingen. En een app te introduceren om tot in de verre toekomst de verhalen van toen te kunnen blijven vertellen: een app die je leidt naar de punten in Ommen met speciale betekenis in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Ook komt er een website komen, die op 15 augustus online gaat.

Stichting
De Stichting Ommen 75 jaar Vrijheid bestaat uit de co-voorzitters Roos ter Beek en Frits Welink. Daarnaast zitten in het bestuur: Harry Woertink, Piet Horinga, Alice van den Nieuwboer, Ronald Bakker en Hans van Bruggen. De structuur van de stichting is gelijk aan de structuur van de Stichting Ommer Bissingh, zodat het bestuur regelt, communiceert en coördineert wat alle evenementencommissies op zeven verschillende dagen organiseren en uitvoeren. Het bestuur neemt opdrachten aan, begroot, betaalt, werft fondsen, doet de PR en communicatie, vult de website en is eindverantwoordelijk voor de uitvoering. Maar ze doen het uiteindelijk met alle inwoners van de gemeente. Enthousiaste vrijwilligers en commissieleden, verenigingen en individuen, iedereen doet mee, kan meedoen. Elk van ons bestuur coördineert één evenement op één van de dagen. Heel werkbaar en bewezen effectief. Na diverse bestuursvergaderingen om de structuur op te zetten, taken te verdelen en plannen te bespreken (en ons meelopen in de Koningsdagoptocht), was er op 14 mei een infosessie voor alle inwoners van de gemeente, die betrokken willen zijn bij de organisatie. Daar kwamen bijna 60 mensen op af. Daarnaast waren er nog 10 tot 15 personen die die avond niet konden, maar wel met ons gaan meedoen én er melden zich nog steeds mensen aan. De avond van 14 mei zijn evenementencommissies gevormd en de dagindelingen globaal uitgewerkt. “Plannen zijn er te over, kwamen wij achter. Wij gaan nu dus keihard aan de slag met een projectplan, de begroting en een communicatieplan. Dat moet er begin deze zomer liggen. Zo kunnen wij op zoek naar fondsen, sponsoren, samenwerkingspartners, bedrijven én nog meer vrijwilligers”, aldus Roos ter Beek van de Stichting Ommen 75 jaar vrijheid. Lees verder Stand van zaken over viering 75 jaar vrijheid in Ommen

College Ommen denkt aan aanleg pontje over de Vecht en verplaatsing oorlogsmonument

OMMEN – Er komt een pontje over de Vecht. De gemeente Ommen ziet kans om ergens binnen de gemeentegrenzen een dergelijke voorziening aan te leggen.

 Gebeeldhouwd herdenkingsmonument aan de muur van het gemeentehuis tijdens Dodenherdenking 2018.
Foto: Harry Woertink

Dalfsen heeft al een fietspontje en onder de gemeente Hardenberg is ook in de zomermaanden een pontje aanwezig om fietsers en voetgangers de Vecht over te laten varen. Door Ommen is het pontje over de Vecht al eerder aangedragen als project “Ruimte voor de Vecht”, maar kon in eerste instantie geen overeenstemming bereiken met de grondeigenaren over de locatie. Inmiddels is wel een kansrijke locatie gevonden om het pontje te realiseren. Hiervoor is een incidenteel budget nodig van 185.000 euro. Daarnaast wil Ommen de Vecht nog meer recreatief benutten. In het financieel Kadernota 2020 stelt het college dat de waterrecreatie wel een impuls kan gebruiken en gaat zich daarvoor inspannen samen met belangrijke stakeholders.

Het gemeentebestuur wil onderzoeken of het oorlogsmonument bij het gemeentehuis verplaatst kan worden naar een plek die meer centraal in de samenleving staat. Het gebeeldhouwd herdenkingsmonument bevindt zich aan de muur van het gemeentehuis. Ter herinnering aan de strijd voor de vrijheid tegen de onderdrukking in de oorlogsjaren 1940-1945. Sinds 2015 worden ook alle (71) uit de gemeente Ommen omgekomen burgers herdacht met hun namen bij dit monument. De huidige locatie (boven de ingang van de fietsenkelder) doet naar de mening van het college van B&W onvoldoende recht aan het respect dat dit monument verdient en ook aan de mensen die hiermee worden herdacht.

Voor de viering 75 jaar vrijheid in 2020 trekt Ommen 25.000 euro uit. De doelstellingen van het Nationaal Comité worden door het gemeentebestuur onderschreven. Deze gaan naast educatie ook over de betekenis van vrijheid en de kwetsbaarheid ervan. In het programma is ook een bijzondere viering van vrijheid. In Ommen is een aparte stichting opgericht die zorg draagt voor de diverse activiteiten en feestelijkheden gedurende dit bijzondere jaar. Op basis van het uiteindelijke programma komt het bedrag dan beschikbaar in de vorm van (gemaximeerde) cofinanciering.

De Ommer Bissingh kan voortaan rekenen op een structurele gemeentelijke bijdrage van 20.000 euro. Dat is de helft meer dan waar jaarlijks op gerekend kon worden. Maar dat heeft te maken dat het Bissinghbestuur heeft aangegeven dat de kosten van het jaarlijkse zomerfeest steeds stijgen. Met het bestuur van de Ommer Bissingh gaat de gemeente een overeenkomst aan voor meerdere jaren. De Ommer Bissingh is al decennia een begrip in Ommen en omstreken. Het is een belangrijke trekker voor de lokale economie en naamsbekendheid van Ommen. De Ommer Bissingh wordt ook voor onze eigen inwoners belangrijk geacht en draagt bij tot verbinding en sociale cohesie. Het bestuur van de stichting richt zich ook steeds meer op verbinding en afstemming tussen de evenementen in Ommen. Eerder werden de potjes van de Bissingh gevuld uit bijdrage uit de evenementen- en cultuursubsidies, maar daar wil Ommen nu van af.

Bron: Harry Woertink – 6 juni 2019

Klederdracht ook in Ommen al lang voorbije mode (1)

Tegenwoordig moet je er voor naar het museum, vroeger was het in het dagelijks leven gewoon te zien op straat, op de markt, in de kerk of bij bijzondere gebeurtenissen: klederdrachten.

 Trouwkostuum later ook als zondagskostuum. Links Hendrikje Volkerink (19) uit Giethmen tijdens haar huwelijk op 5 september 1924 met Derk Willem Bremmer (29) uit Archem. Hendrikje draagt hier de meest voorkomende jak-type en is getooid met een knipmuts met lange kanten achterstrook.
Afb.: Harry Woertink
Zie ook het album “Klederdracht | Streekdracht”.

Voor elke gelegenheid was er wel iets. Of het nu ging om werkkleding, gewoon overdag, naar de kerk bij rouw of bij trouw. Met name de bewoners van het platteland kon je herkennen in hun streekdracht. Maar dat wilde nog niet zeggen dat je direct kon zien uit welk deel van de streek ze kwamen. Was het Salland of misschien Twente? Klederdracht uit Staphorst kon iedereen wel direct herkennen. Duidelijk was wel dat oude en nieuwere dracht, voorzien van mode-elementen telkens door en naast elkaar werden gedragen.

En als we het over klederdrachten hebben bedoelen we niet alleen die van de vrouw. Ook man en kinderen gingen gekleed in dracht die hun omgeving typeerden: Ook sieraden als kettingen, snoeren en beugeltasjes behoorden tot de volksdracht. Echter, de klederdrachten zoals wij die in het oosten van ons land (Twente, Salland en het Kampereiland) hebben gekend is niet meer. Alleen in Staphorst en Rouveen zie je de klederdracht nog sporadisch. Tegenwoordig zijn klederdrachten geworden tot een toeristische folklore.

Eertijds maakten de mensen veel werk van hun kledij. Het was vanaf circa 1815 dat vrouwen en meisjes van het platteland op streekmarkten zagen dat hun eigen gemaakte en daardoor bijna onverslijtbare kleding afstak bij die van de burgerdames. Ze keken die goed af en gingen met hun eigen rok- en schootjakdracht combineren. Deze nieuwe dracht werd massaal aangenomen op het platteland. Van jak tot onderrok, van schort tot hoofddoek en van knipmuts tot hoed of pet. Vrouwen droegen veel kleren tegelijk zoal rokken, jakken, schorten, doeken en mutsen. Niet alleen om in soms barre winters warm gekleed te zijn, maar ook uit tradities en wellicht de zucht om uit te blinken en elkaar de loef af te steken door schoonheid en kostbaarheid van de kleren die men droeg of die men in de kast te kijk legde. Dit alles met vele varianten van stroken, strikken, plooisels, borduursels, randjes en kantjes.

Knipmuts
Het meest bekende streekdracht en misschien ook wel de belangrijkste bij de vrouw was de hoofdtooi in de vorm van de knipmuts, ook wel neepjesmuts genoemd en oorspronkelijk cornetmuts. Er werden nieuwe technieken voor het maken van de knipmuts ontwikkeld. Het ging dan om machinaal geborduurde stoffen of die gemaakt waren van echte kloskant. In het oosten werden doordeweekse visites zoals buurt- kraam- en Nieuwjaarsbezoek eenvoudige knipmutsbollen gemaakt van Zwitserse machinaal geborduurde katoen. Aan deze mutsen werden ook eenvoudige stroken gezet. Soms borduurden de vrouwen deze mutsen zelf. In de streken waar, al dan niet geplooide, knipmutsen werden gedragen, deed men een blauw zijden lint om de bol van de muts. Dit lint geweven in een breedte van acht à negen centimeter, had meestal een teer-blauwe of teer-turkooizen lint. In Salland werd vaak ook een goud-crèmekleurig lint gedragen. Het Streekmuseum in Ommen is een van de musea die een grote collectie Overijsselse klederdrachten in de expositie heeft opgenomen. In een volgend artikel meer over klederdracht.

Bron: Harry Woertink – 21 mei 2019

Ommer Molendag en Museum-Doedag op zaterdag 3 augustus

OMMEN – De vijf Ommer molens hebben zaterdag 3 augustus 2019 de deuren wagenwijd open staan tijdens de Ommer Molendag om bezoekers te ontvangen.

 De Ommer Molendag in 2018.
Foto: Harry Woertink

Ook het Streekmuseum, gevestigd in een van de Ommer molens heeft dan een Museum-Doedag met allerlei activiteiten in en rond het museum. De Stichting Ommer Molens heeft als organisator van de jaarlijkse Molendag samen met het Ommer Streekmuseum de handen in een geslagen om er een fantastische molen-promotingdag van te maken. De activiteiten beginnen om 10.00 uur bij de molens De Lelie, de Konijnenbelt, de Vilstersemolen, de Besthmenermolen en molen Den Oordt. In de laatste molen is ook het streekmuseum gevestigd waar 3 augustus het bruist van de activiteiten. Op het terrein van de Besthmenermolen zijn demonstraties met een antieke dormachine en wordt ovenvers brood gebakken. Bij alle molens is wat te doen. Vanaf alle molens is bovendien een fiets- en wandeltocht uitgezet.

De Stichting Ommer Molens heeft als doel de molens in goede staat te houden en zoveel mogelijk draagvlak te creëren. Vier van de vijf molens zijn eigendom van de gemeente Ommen. De oudste Ommer molen is de Konijenbeltmolen uit 1806 aan de Zwolseweg. Hendrik Konijnenbelt liet de molen herbouwen, nadat deze eerst in de Zaanstreek dienst had gedaan. De korenmolen aan Den Oordt in Ommen dateert uit 1824 en is gebouwd door timmerman Roelof Makkinga. Heel lang heeft deze molen als houtzaagmolen dienst gedaan. Molen De Lelie aan het Molenpad is een korenmolen en in 1846 gebouwd door Jan Mansier. Op De Lelie is Anton Wolters als professioneel molenaar actief. De Besthmenermolen aan de Hammerweg is er een uit 1862 en de Vilstersemolen, eigendom van Landgoed Vilsteren aan de Vilsterseweg is gebouwd in 1858. Voor alle molens geldt dat er molengidsen en molenaars actief zijn en dat kunnen er altijd meer worden. De Ommer Molendag op 3 augustus is dan ook bij uitstek geschikt om een kijkje achter de schermen te nemen en wie weet om zich als vrijwilliger op te geven.

Bron: Harry Woertink – 16 mei 2018

Drukke bijeenkomst invulling Ommen 75 jaar Vrijheid

OMMEN – Ruim vijftig vertegenwoordigers van verenigingen en instanties hebben woensdag 14 mei gehoor gegeven aan de uitnodiging van de Stichting Ommen 75 jaar Vrijheid om in het gemeentehuis van de gemeente Ommen mee te denken om verdere invulling te geven aan de evenementen en herdenkingen in het lustrumjaar 2020.

 Drukke bijeenkomst invulling Ommen 75 jaar Vrijheid.
Foto: Ronald Bakker

Na een inleiding en presentatie door de contactpersonen zijn verschillende commissies gevormd. Elk van de commissies is verantwoordelijk voor één van de herdenkingen of vieringen in 2020 als 75 jaar vrijheid wordt gevierd. Binnen de commissies zijn nu ideeën uiteengezet en gegevens uitgewisseld. Aan de hand hiervan gaat het bestuur van de stichting aan de slag met het binnenhalen financiële middelen en vergunningen die nodig zijn voor de uitvoering. In november van dit jaar is weer een gezamenlijke bijeenkomst. De commissies zijn nog niet helemaal compleet. Belangstellenden kunnen zich nog steeds aanmelden via emailadres stichtingommen75jaarvrijheid@kpnmail.nl

Voorlopig programma
Het programma voor 2020 ziet er voorlopig als volgt uit: maandag 27 januari: Holocaust Memorial Day met een herdenking en wandeling langs Stolpersteine; zaterdag 11 april: Bevrijdingsdag van Ommen met feest; maandag 4 mei: Nationale Dodenherdenking: Herdenkingen en stille tocht; dinsdag 5 mei: Nationale Bevrijdingsdag met feest en gezelligheid; zaterdag 4 juli: Veteranendag met vliegtuigdropping in Stegeren, optreden Militair Orkest en feest met bands in het centrum van Ommen; zaterdag 15 augustus: einde van WO II wereldwijd met feest en diverse activiteiten; zaterdag 24 oktober: oprichting van de Verenigde Naties met educatief programma voor Ommer scholieren, activiteiten en feest. Verder worden verspreid over het jaar 2020 doorlopende activiteiten gehouden zoals bijvoorbeeld een expositie in het Streekmuseum. Daarnaast wordt gewerkt aan een app voor wandel- en fietsroutes die voert langs markante punten uit de Tweede Wereldoorlog.

Bron: Stichting Ommen 75 jaar vrijheid – 16 mei 2019

Stadswandelingen van start bij Streekmuseum Ommen

OMMEN – Het Streekmuseum Ommen organiseert in de maanden juni tot en met augustus op donderdagmorgen 11.00 uur stadswandelingen met gids.

 Stadswandeling door Ommen met op de achtergrond het Streekmuseum met molen en tolhuis.
Foto: Harry Woertink

In een ongeveer anderhalf uur durende wandeling door de historische binnenstad wordt verteld over de rijke geschiedenis van Ommen. Minimale deelname per wandeling is zes personen. Kosten hiervoor zijn €2,50 per persoon. Kinderen tot en met 12 jaar gratis. In overleg is het ook mogelijk om op andere tijden of dagen een stadswandeling met gids te maken. Deelname uitsluitend na aanmelding via het Streekmuseum. Nieuw is ook dit seizoen dat tijdens de openingsuren van het Streekmuseum eerst met gids een wandeling door de historische binnenstad van Ommen kan worden gemaakt met aansluitend daarop een fotopresentatie in het museum. De totale tijdsduur van deze wandeling en fotopresentatie is ook circa 1,5 uur. Minimale deelname: 6 personen. Kosten hiervoor zijn €5,00 per persoon inclusief een bezoek aan het museum. Kinderen tot en met 12 jaar gratis. Deelname uitsluitend na aanmelding via het Streekmuseum.

Unieke expositie
Het Streekmuseum Ommen in molen en tolhuis is de plek bij uitstek om te verdiepen in de geschiedenis van het mooie Ommen en omgeving. Tal van voorwerpen uit de streek zijn hier bijeen verzameld. Het museum heeft een unieke expositie voor jong tot oud. Er is een grote verzameling aan streekklederdrachten te zien, verder huistafereeltjes uit vervlogen tijden en een oud schoolklasje. Ook wordt verteld over de geschiedenis van de bedelaarskolonie De Ommerschans en die van de Tweede Wereldoorlog. Een brandspuit uit eind 1800 of het oude uurwerk uit de oudste kerk van Ommen, zijn zo maar enkele voorwerpen die er te zien zijn. De nog werkende korenmolen is van binnen te bezichtigen en draait bij aanwezigheid van de molenaar. In het oude Tolhuis zijn enkele werkplaatsen ingericht over historische ambachten. De openingstijden van het Streekmuseum zijn: dinsdag t/m vrijdag van 10.00 uur tot 17.00 uur; zaterdag 13.00 uur tot 17.00 uur. Het Streekmuseum is te vinden aan Den Oordt 7, 7731 CM Ommen, telefoon 0529-453487. Mailadres: info@museum-ommen.nl. Website: http://www.museum-ommen.nl.

Bron: Harry Woertink – 16 mei 2019

Ommen herdenkt op waardige wijze slachtoffers WO 2

OMMEN- Op diverse plaatsen in Ommen is op 4 mei stil gestaan bij de slachtoffers die sinds het begin van de Tweede Wereldoorlog waar ook ter wereld zijn omgekomen door oorlogsgeweld of terreur.

 Een indruk van de Dodenherdenking op de Besthmenerberg.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Dodenherdenking 2019”.

Bijna 200 belangstellenden waren aanwezig bij het monument van kamp Erika op de Besthmenerberg. Onder de aanwezigen ook oud-gevangenen en hun familie. Na toespraken en gedichten werd twee minuten stil gehouden, gevolgd door het zingen van het Wilhelmus. Vervolgens was er bloemlegging met een defilé langs het monument dat de slachtoffers herdenkt van het gevangenkamp Erika.

Ellendigste kamp
Burgemeester Hans Vroomen zei in zijn speech dat de Besthmenerberg waar een moeilijke plek is om te gedenken. Dit niet alleen omdat kamp Erika het ellendigste kamp was van de Duitsers, maar ook een plek waar landgenoten beulen werden. “Het is geen plek van wij: “de goeden” en zij: ”de slechten”. Het is niet alleen een plaats van helden van het verzet of onderduikers. Het is ook een plek van landgenoten die hun medemenselijkheid lieten varen”, aldus Vroomen in zijn toespraak. “Wij staan op een plek van willekeur, een plek van onrechtvaardigheid. Een plek waar ook mensen uit onze eigen gemeenschap vreselijk mishandeld zijn. Enige tijd geleden sprak ik een kind van een van de slachtoffers. De pijn is in zijn generatie nog voelbaar. Iemand die de concentratiekampen overleefde zei: “Nergens anders ben ik zo systematisch lichamelijk mishandeld”. Vroomen: “Erika was het ellendigste kamp. Ieder had hier slachtoffer kunnen zijn. En daarmee is kamp Erika een betekenisvolle plek om te gedenken. Juist omdat je hier niet om de vraag naar je eigen morele kompas heen kunt. Bij uitstek is deze plek, dus een plaats om te gedenken en vooruit te kijken. Hier wordt een appel gedaan op ons allemaal samen, en ook op elk van ons als individu. Deze plek roept op tot compassie met de ander. Laten we elkaar helpen het moreel kompas te ijken.” Vervolgens werd een toepasselijk gedicht gelezen door Sophie Habers over twee minuten stilte. Twee minuten stilte om te laten zien wat het voor ons betekent dat wij vrijheid kennen, op een plek waar vrijheid is.

Wij zijn van na de oorlog
Het zijn dagen waarop we de wens uitspreken dat het nooit meer oorlog wordt. Er zijn steeds minder mensen die de Tweede Wereldoorlog, maar ook andere oorlogen, hebben meegemaakt. Het is belangrijk dat jonge mensen herdenken en vieren en nadenken over de vrijheid, zodat we blijvend kunnen zeggen: ”Wij zijn van na de oorlog”, aldus Harry Woertink die namens de organiserende historische vereniging CCO sprak. Lees verder Ommen herdenkt op waardige wijze slachtoffers WO 2

De Lelie in Ommen 11 mei open tijdens Nationale Molendag

OMMEN – Op zaterdag 11 mei en zondag 12 mei 2019 is het Nationale Molendag. Vele honderden wind- en watermolens in Nederland zijn dan open voor bezoek.

 Rita Wolters in de Proeverij van de molen De Lelie.
Foto: Harry Woertink

In Ommen is het molen De Lelie aan het Molenpad waar op zaterdag de molenaar bezoekers welkom heet. Bezoekers kunnen die dag bovendien lekker smikkelen en smullen van producten die van de molen afkomstig zijn. Want behalve heerlijke pannenkoeken worden ook lekkere koekjes, cake en broodjes gebakken om te worden geproefd in de speciale “Proeverij” van De Lelie. “Het bakken van brood, maar ook lekkernijen is nog altijd in”, zegt Rita Wolters van molen De Lelie. “Wij hebben een groot aanbod. Dat varieert van bananenbroodmix, koekjes tot verschillende soorten bakmeel voor cake. Wij stellen zelf de producten samen om mee aan de slag te gaan. We kunnen iedereen advies geven over de wijze van bakken”.

Beroepsmolenaar
Anton Wolters is sinds 1983 als beroepsmolenaar aan de Lelie verbonden. De ambachtelijk korenmolenaar maalt verschillende soorten meel voor bakkers, reformen en particulieren. De in de molen gemaalde meel is bestemd voor bakkers en particulieren. “Met een windmolen kun je pas echt goed meel malen. Dat is wat anders als een computergestuurde machine, waar geen vinger aan te pas komt”, legt molenaar Anton Wolters uit “Het meel zoals dat op een molen gemalen wordt komt ambachtelijk tot stand. Dat bakt voor de bakker ook veel beter. Daar komen geen broodverbeteraars of rijsmiddelen aan te pas. Het meel is een puur natuurproduct, zonder toevoeging van conserveringsmiddelen. Als het bij de basis goed gaat, dan ligt hier een stukje kwaliteit waar de natuur en het milieu wel bij varen maar wel betaalbaar zijn”. Onder de molen is de natuurwinkel gevestigd waar meel- en biologische producten worden verkocht. Nieuw in het broodassortiment is de “Wiekenbol” een broodje met als voornaamste bestanddeel rogge afkomstig uit eigen streek. Dit keer geoogst in de Ommer buurtschap Varsen. De tegenover de molen gelegen molenschuur is genoemd naar “Polevers”, de oude bijnaam van de familienaam Wolters.

Beeldbepalend
De molens zijn beeldbepalend voor Nederland en werden eeuwenlang gebruikt voor onder meer het malen van graan, het zagen van hout, het slaan van olie uit zaden en het maken van papier. Als gevolg van de technische ontwikkeling verdwenen molens vanaf het eind van de 19e eeuw steeds meer uit beeld en werden gesloopt. Die zijn gebleven en gerestaureerd zijn nog steeds te bewonderen en de Nationale Molendag is dé gelegenheid om deze waardevolle werktuigen te bekijken. Ruim 900 molens door het hele land zullen draaien en/of malen waarvan het merendeel ook de deuren voor je open zet. Bezoek ook een molen en ontmoet de molenaar!

Bron: Harry Woertink – 1 mei 2019