Ommer Bissingh (4) – volle herbergen en vallende pruiken

De Bissingh is van oudsher nauw verbonden met handel drijven. Voor de plaatselijke bevolking was het ook een belangrijke bron van inkomsten.

 Opening Ommer Bissingh 2006 met Johan Makkinga (links) en burgemeester Arend ten Oever.
Foto: HKO

Op de jaarmarkt kreeg men de kans om allerlei voorraden aan te vullen. Vaak werd ook een beroep gedaan op de reizende kwakzalver, die voor veel kwalen een heilzaam middel in petto had, juist in een periode dat de geneeskunst op het platteland nog in en primitieve staat verkeerde. Uit het boek der Stads willekeuren van Ommen, aangelegd in 1456, blijkt dat in 1557 al sprake is van de Ommer Bissingh (toen nog zonder h op het eind). Aangenomen wordt dat in de middeleeuwen de Bissingh “slechts” twee dagen duurde. In 1800 is sprake van drie dagen aaneen. Op maandagochtend 11 uur luidde het Bissinghklokje op het stadhuis de jaarmarkt in. Hierna werden de standplaatsen van de markt verloot. Op maandag was de linnenmarkt, op dinsdag de jaarmarkt en op woensdag de veemarkt.
Herbergen
Op zondagavond na kerktijd liepen de herbergen al vol. “De meeste huizen zijn alsdan in herbergen herschapen, omdat de gewone logementen op lange na niet kunnen toereiken tot verblijf voor de menige vreemdelingen”, aldus een beschrijving uit die tijd. In de negentiende eeuw was door het grote aantal kleine winkels de nering niet druk. Zakenmensen, maar ook andere inwoners die daarvoor ruimte beschikbaar hadden, probeerden dan ook tijdens de jaarmarkt er iets bij te verdienen door bijvoorbeeld verkoop van koffie met krentenbrood. Voor het raam had met dan een bordje hangen met de tekst: “Hier zet men koffij”. Ook werd van de gelegenheid gebruik gemaakt om op de Bissingh sterke drank te verkopen. Voor 10 cent per vierkante meter was het vrij toegestaan een tent te plaatsen, waar de vooraf reeds ingeschonken borrels klaar stonden. De Ommenaar Peter Poes (Peter van Elburg) had in 1856 ook zo’n jenevertent. Hij maakte er reclame met de tekst: Lees verder Ommer Bissingh (4) – volle herbergen en vallende pruiken

Het witte landhuisje bij Beerze

Op het landgoed van Huis Beerze staat een lief klein houten huisje. Het ligt verscholen in de bossen, net achter Huis Beerze.

 ‘Het witte landhuisje bij Beerze’ met daaronder het huidige aanzicht.
Foto: Harry Woertink
Zie ook het album “Het witte landhuisje”.

Van hieruit bereikbaar met een trap de heuvel op. Vanaf de openbare weg niet te zien. De woning wordt momenteel bewoond door een schaapherder van het Overijssel Landschap. Laatstgenoemde is ook eigenaar van de houten woning en het landgoed.

In 1923 kocht baron Bentinck een groot deel van de beboste stuifbelten aan de poort naar Beerze. Een zomerhuis, bekend als Woudhoeve, maakte in 1925 plaats voor de bouw van Huis Beerze. Uit de tijd van Bentinck dateert ook het nog bestaande houten huisje. Hiervoor werden destijds planken gebruikt van een directiekeet die gestaan heeft aan de spoorlijn in Beerze . De keet deed dienst bij de aanleg van de spoorlijn Ommen-Marienberg. De kleine houten woning bood onderdak aan de tuinman die in dienst was van Huis Beerze. In de begin jaren waren de planken van het huisje nog wit geschilderd. Dat hield in dat regelmatig de verfkwast gehanteerd moest worden. Daarom werden later de planken bruin geverfd.

Toen de heer en mevrouw Bentinck waren overleden kwam het landgoed in het bezit van hun nichtje, mevrouw E. Roëll-Bentinck. Deze was getrouwd met jonkheer E.W. Röell. Willem Kremer die in 1965 in dienst kwam bij de familie Röell heeft veertig jaar in deze houten woning gewoond. Toen de familie Kremer gezinsuitbreiding kreeg werd de houten woning uitgebreid. De veranda verdween en beide kanten van de woning kreeg een kleine uitbouw.

Bron: Harry Woertink – 19 juni 2015

Palthehof fietstocht

Op zaterdag 27 juni 2015 organiseert museum Palthehof in Nieuwleusen alweer voor de twaalfde keer haar jaarlijkse fietstocht.

voorkantpalthehofb-fiets2.JPGDit keer is het een rondje Witharen over een lengte van ongeveer 32 km. De tocht gaat via Oudleusen naar Witharen en vervolgens via Ommerschans en Balkbrug weer terug naar Nieuwleusen.

De fietstocht start zoals gebruikelijk bij museum Palthehof en gaat nagenoeg geheel door het landelijke gebied. De beschrijving brengt de deelnemers langs diverse mooie bekende en onbekende plekjes in het genoemde gebied. Onderweg is een rustpunt ingelast bij Atelier Het Ravelijn in Ommerschans waar de fietsers een consumptie wordt aangeboden. Bij het rustpunt zijn tekeningen, antieke poppen en curiosa te bezichtigen.

Er kan gestart worden tussen 10.00 en 13.00 uur bij museum Palthehof aan het Westeinde 3 te Nieuwleusen. Deelname kost € 3,50 per persoon. Hiervoor krijgt men een routebeschrijving met interessante achtergrondinformatie, een consumptie onderweg en na afloop een bezoek aan de tentoonstelling “Vijf donkere jaren” in museum Palthehof.
Bron: Museum Palthehof / Ni’jluusn van vrogger – 17 juni 2015

Ommer Bissingh (3) – Jennechiesmarkt en drukte

De jaarmarkt in Ommen wordt tegenwoordig gehouden op de Voormars en op het Marktplein. Eerder was de weide gelegen dicht aan de Vecht – de Stadsmars, toen ook Bissinghweide genoemd – decor van de jaarmarkt.

 Het bestuur van de Stichting Ommer Bissingh Evenementen in 1987 met v.l.n.r. Henk van Heuveln, Marinus de Jonge, Piet Hindriks, Evert Daman. Zittend Ria Kramer, Gerrit Grit en Tineke de Groot.
Foto: Harry Woertink
Zie voor meer foto’s het album “Ommer Bissingh”.

Behalve over de weg was er ook aanvoer met sompen over de rivier, die dan in een lange rij aan de Vechtoever lagen afgemeerd. De Ommer Bissingh is ook altijd een ontmoetingsplek geweest voor de mensen die elkaar niet zo vaak spraken. Een soort “Jennechiesmarkt” voor jongens en meisjes, die daar hun geliefde voor altijd vonden. De verlegging van de toenmalige Rijksweg in de zestiger jaren heeft de Bissingh verdreven naar De Voormars.

De jaarmarkt trekt al eeuwen lang duizenden bezoekers naar de Bissinghstad en zorgt voor leven in de brouwerij. De jaarmarkt is meer dan een markt. Voor sommigen heeft de Bissingh de betekenis van een jaarlijkse bedevaart. (Oud)inwoners komen bij elkaar op bezoek of bij familie, toeristen en mensen uit de hele regio zijn te gast. Het is ook een plek waar men (oude) vrienden ontmoet, waar veel gepraat wordt over vroeger en nu en waar ook onder het genot van een drankje en hapje vriendschap wordt gesloten.

De Ommer Bissingh is een begrip. Al eeuwen lang. De Bissingh voorzag stad Ommen en omliggende platteland van goederen en diensten. Ook de wekelijkse markten waren van groot belang. Er waren een groot aantal winkeliers en kramers in Ommen gevestigd en bovendien was er elke dinsdag een veemarkt. Alle soorten van landbouwgereedschappen, linnen, lapjes, vaatwerk, aardewerk en goud en zilverwerk werden te koop aangeboden, terwijl kermisattracties de markt nog aantrekkelijker maakten.

De jaarmarkten in Ommen zijn sinds mensenheugenis belangrijke bronnen van inkomsten geweest voor de plaatselijke bevolking. Lees verder Ommer Bissingh (3) – Jennechiesmarkt en drukte

Uitgebreid onderwijs van oude pastorie naar nieuw college

Na de oorlog 1940-1945 leefde er bij velen in Ommen de wens om een christelijke school voor uitgebreid lager onderwijs te starten.

 Klas 4 Groen van Prinsterer ULO aan de Maat in 1963/64, zie albumfoto “CS0101” voor de namen.
Foto: Harry Woertink

Het bestuur van de Gereformeerde schoolvereniging richtte zich in 1946 tot de gemeente. Die ging voortvarend te werk, zodat in de voormalige Gereformeerde pastorie aan de Lagen Oordt op 16 december 1946 de school officieel geopend kon worden. De school begon met 37 leerlingen, verdeeld over twee klassen. Tot hoofd van de school werd benoemd R. Postma uit Coevorden, die vanaf 1 februari 1947 assistentie kreeg van H. Stolmeijer uit Vriezenveen. Toen vanuit Hervormde kring ook gekozen werd voor christelijk onderwijs kwam er een samenwerking voor de ULO-school en werd met de Gereformeerden op 21 maart 1947 opgericht de vereniging: “Vereniging tot oprichting en instandhouding van een school met de Bijbel voor uitgebreid lager onderwijs in Ommen”.

In 1955 bij de opening van een nieuw schoolgebouw aan de Maat kreeg de school de naam: “Groen van Prinsterer”, genoemd naar een belangrijke staatsman en historicus. De nieuwe school bleek al binnen een paar jaar te klein te zijn. Daarom werden de leerlingen ook ondergebracht in de Edithschool aan de Koesteeg en in het verenigingsbouw d’Olde Wheeme, op de zelfde plek waar ooit in 1946 de school als ULO-school was begonnen.

In 1962 kwam een uitbreiding van het schoolgebouw aan de Maat tot stand. De heer A.A. Oudenaarden uit Harderwijk was op 1 januari 1958 Postma al opgevolgd. De school kreeg toestemming voor de bouw van 3 lokalen, een aula en een grote fietsenkelder. Door de Mammoetwet van 1968 werden de ULO-scholen MAVO-scholen. Door de sterke toename van het aantal leerlingen werd het gebouw aan de Maat wederom te klein. Na veel bouwperikelen kon uiteindelijk op 17 november 1976 een nieuw schoolgebouw aan de Baron van Fridaghstraat officieel in gebruik genomen worden. Het schoolgebouw aan de Maat werd toen een onderkomen voor het voortgezet speciaal onderwijs.

In 1982 werden voor de MAVO nog drie noodlokalen gebouwd aan de Van Reeuwijkstraat. Omstreeks 1990 werd het schoolgebouw aan de Maat afgebroken. Het voortgezet speciaal onderwijs verhuisde toen naar de Baron van Fridaghstraat, die inmiddels door de Groen van Prinsterermavo was verlaten.

Fusie
Op 1 januari 1989 ging de Groen van Prinsterermavo een fusie aan met de Vereniging voor Protestants-Christelijk en Rooms-Katholiek voortgezet en lager beroepsonderwijs te Ommen. Lees verder Uitgebreid onderwijs van oude pastorie naar nieuw college

Studenten maken oorlogsfilm

voorkantpalthehofb6.jpgDrie studenten van hogeschool Windesheim in Zwolle hebben in het kader van hun stage voor museum Palthehof een film gemaakt met interviews van vijf Nieuwleusenaren die de oorlog hebben meegemaakt.

In de film vertellen Gé Bijker, Grietje Kreule, Hendrik Jan Klomp, Klaas Krul en Hendrik Schoemaker over hun ervaringen in de Tweede Wereldoorlog. De film is onderdeel van de tentoonstelling “Vijf donkere jaren” die nog tot en met oktober in het museum in Nieuwleusen is te zien.

De studenten zijn alle drie 2e jaars. Ferdinand Boessenkool, Hielke Eggink en Chris Eilander studeren geschiedenis aan de hogeschool. Zij namen in maart de interviews af en hebben uit het twaalf uur opgenomen beeldmateriaal een film samengesteld van veertig minuten.

In aanwezigheid van de geïnterviewden werd vrijdag de film overgedragen aan het museum. Na de vertoning waren alle genodigden enthousiast over het resultaat van de studenten. Het is een mooie film geworden die een beeld geeft van wat er in Nieuwleusen en omgeving in de oorlog is gebeurd.

Hoewel de verhalen ernstig zijn en ze in het geheugen gegrift staan alsof het gisteren gebeurd is, zitten er ook een paar vrolijke momenten in de film. Kortom, een uitstekende aanvulling op de oorlogstentoonstelling in het museum.

Bron: Museum Palthehof – 13 juni 2015

Vanwege grote belangstelling extra bustocht op woensdag 8 juli

OMMEN – De bustochten in Ommen trekken veel belangstelling. Ook de reacties van de deelnemers zijn na terug komst heel positief. Deze week ging opnieuw een gevulde bus op weg om de passagiers te wijzen op het mooie van de omgeving.

hko-oll-ommerb.jpg“Wat mooi is hoef je niet ver te zoeken”, is het idee van de jaarlijkse bustochten georganiseerd door de Historische Kring Ommen en de Gemienschop van Oll Ommer. “We stippelen de mooiste routes uit, maar toch dicht bij huis. Vaak blijkt dat de deelnemers ergens komen waar ze het bestaan niet van weten”, aldus Henk Soer, één van de organisatoren. De bustochten staan dit jaar voor het zevende achtereenvolgende seizoen op de agenda. “De belangstelling is altijd groot. Onderweg geven we uitleg over bezienswaardigheden en de omgeving. Dat wordt altijd erg op prijs gesteld”, aldus Soer.

Afgelopen woensdagavond vertrok om 6 uur weer een luxe touringcar vanaf het Ommer Streekmuseum. De route liep door de buurtschappen Witharen en Ommerschans. Verder via het Reestdal, de Pieperij met hun historische boerderijen richting De Wijk. De Havixhorst werd aangedaan en volgde een koffiestop bij café De Vergulde Ros in Halfweg. Na IJhorst, Punthorst en de Rollecate ging de tocht via Nieuwleusen, Vinkenbuurt en Varsen weer terug naar Ommen. Onderweg waren er soms bijzondere uitkijkjes, vooral bij verzamelaars van tuindecoraties en kopjes en schoteltjes.

Vanwege de grote belangstelling rijdt er op woensdag 8 juli een extra bus. Opgave hiervoor is mogelijk bij Henk Soer, telefoon 0529-455654; email: soersa@12move.nl.

Bron: Harry Woertink – 10 juni 2015

Ommer Bissingh (2) – Bizzen en Bissinghlied

De Ommer Bissingh droeg in 1979 een bijzonder karakter. Dat jaar was het voor het eerst dat de Bissingh werd georganiseerd door de Stichting Ommer Bissingh Evenementen, in het leven geroepen door de Handelsvereniging Ommen.

 Het (oude) logo van de Ommer Bissingh.
Foto: Harry Woertink

Het stichtingsbestuur bestond toen uit voorzitter J. Beniers, secretaris J.J. Grootenhuis-Wessels en penningmeester H. van Rees. Verder uit de leden R. van Lindenberg, H. van de Vaart, J. van der Boon, F. Troost, T. Bakker, J. Jonkers. A, Makkinga en J. Keizer. De Ommer Bissingh vierde in 1979 bovendien een zilveren feest omdat het 25 jaar geleden was dat voor het eerst sinds 1918 weer een “Mallemölle” (draaimolen) op de Bissingh werd toegelaten. Aanleiding om de draaimolen te weigeren was dat iemand een klap van deze kermisattractie had gekregen. Pas in 1954, na verzoeken van kermisexploitanten, ANWB, VVV en de vereniging van Neringdoenden, besloot de gemeenteraad weer in beperkte mate kermisvermakelijkheden toe te laten.

Bizzen
De Ommer Bissingh – de tweede dinsdag in juli – is altijd een te goeder naam en faam bekend staand jaarlijks evenement, een folklore dat in ruime omgeving bekend is. In 1830 omschreven als: “Niet te stijf, niet te uitspattend”. De drukte en het gewoel op zo’n (jaar)markt verklaart het woord “Bizzing” verbasterd naar Bissingh met een h. Dat de dag waarop de Ommer jaarmarkt wordt gehouden ooit ‘Bisschopsdag’ genoemd zou zijn is een fabel. De jaarmarkt is geen privilege ooit verleend door de Bisschop van Utrecht. Woordenboeken van destijds staven de uitleg dat het woord “Bissingh” de betekenis heeft van drukte, kermis en jaarmarkt. Bij warm en broeierig weer kan het voorkomen dat koeien met de staart in de hoogte door de weide hollen. Dat hollen wordt ook bizzen genoemd. De betekenis van de naam “Bissingh” is dus afkomstig van het woord “Bizzen”. Het woord “Bizzen” is een vroeger gebezigd woord als het gaat om drukte en heen en weer lopen. Op het eerste logo van de Stichting Ommer Bissingh Evenementen komt dan ook een bizzende koe voor. Verder siert een (Ommer)molen het logo evenals een gevulde mand met kersen en opeen gestapelde ronde kazen. En uiteraard een Ommer boer en boerin gestoken in Sallandse klederdracht.

De Ommer Bissingh heeft een eigen lied, deze werd gezongen bij de opening van de Bissingh evenementen: Lees verder Ommer Bissingh (2) – Bizzen en Bissinghlied

Rondwandeling Ommerschans

 Op zondag 14 juni a.s. organiseert vereniging de Ommerschans onder begeleiding van gidsen een rondwandeling door het gebied de Ommerschans.

De begraafplaats van de Ommerschans in september 2012.
Foto: OudOmmen

In het noorden van de gemeente Ommen, twee kilometer ten zuiden van het dorp Balkbrug ligt het voormalig militaire vestingwerk de Ommerschans. De gidsen vertellen u graag over de bewogen geschiedenis. Eerst als verdedigingsschans en tijdens de negentiende eeuw als straf-en bedelaarskolonie van de Maatschappij van Weldadigheid. Een uniek landschap. In het hart van de Ommerschans heeft de natuur meer dan 100 jaar haar werk gedaan. De lanenstructuur uit de bedelaarstijd is nog goed zichtbaar. De fundamenten van de gebouwen uit die tijd zijn overwoekerd met klimop en bodembedekkers. De bossen en de gracht doorbreken het open landschap en creëren stille, mysterieuze plekjes, waar je de verhalen voelt. Reeën, vogels en vleermuizen voelen zich er thuis. Net als veel verschillende bomen en planten. De Ommerschans is niet voor niets ook een beschermd gebied.

De start van de rondwandeling is bij de historische boerderij van de familie Hiemstra, Balkerweg 72 te Ommerschans, aanvang 14.30 uur. De rondwandeling is gratis, maar een vrijwillige bijdrage is welkom. Opgave is niet nodig, meer informatie kunt u vinden op de website http://www.deommerschans.nl, via de mail info@deommerschans.nl of telefonisch op nummer 06-13629524.

Bron: Vereniging de Ommerschans – 7 juni 2015

Ommer Bissingh (1) – Bissinghbel

Op de tweede dinsdag van de hooimaand (juli) wordt in Ommen weer de Ommer Bissingh gehouden. Een jaarmarkt vermoedelijk zo oud als de stad Ommen zelf, mogelijk nog ouder.

 De eeuwenoude Bissinghbel.
Foto: Harry Woertink

Een oud-Bissingh gebruik is het luiden van de Bissinghbel, een klein koperen luidklokje aan de vooravond van de Ommer Bissingh. Dat klokluiden is in de loop der eeuwen altijd gebleven. Het tijdstip waarop niet (meer). Vanaf dit jaar wordt de Bissinghbel geluid op de dag van de jaarmarkt zelf: 14 juli 2015 om 9.30 uur. Dit inluiden wordt gezien als officiële opening van de Ommer Bissingh. Aangezien de financiën voor de organisatie steeds minder worden lukt het de stichting Ommer Bissingh Evenementen niet meer om aan de vooravond van de Bissingh-jaarmarkt een (muziek)programma in te vullen. Redenen om de vanouds gebruikelijke openingshandeling te verschuiven.

Sinds 1975 wordt de Bissingh ingeluid met de eeuwenoude Bissinghbel, die speciaal voor deze gelegenheid wordt gehangen in een verplaatsbare klokkenstoel. Dat inluiden gebeurde vroeger ook exact op de plek waar de Bissinghklok ooit heeft gehangen: in het oude stadhuisje aan het Vrijthof, ter hoogte waar nu een notariskantoor is gevestigd. In de loop van de tijd werd met de Bissingh-klokkenstoel geschoven zodat ook Vrijthof, Kerkplein en Markt als decor dienden voor het in- en uitluiden van de Bissingh.

In de 19de eeuw was de Ommer Bissingh één van de drukst bezochte markten in Overijssel. In een beschrijving uit die tijd staat te lezen: “De toevloed van menschen is voor zulk een kleine plaats verbazend groot, komende koopers en verkoopers uit zeer afgelegen gewesten hier te samen. De meeste huizen zijn alsdan in herbergen herschapen, omdat de gewone logementen op lange na niet kunnen toereiken tot verblijf voor de menige vreemdelingen.” Lees verder Ommer Bissingh (1) – Bissinghbel