Natuurmonumenten begint volgende maand met het herstel van een bijzonder onderdeel van het parkbos op landgoed Eerde. Het gaat om het zogenaamde ‘quinconcevak’, een speciaal ontwerp uit de Frans Classicistische stijl, die in 1715 in de mode was.
1956 – Landgoed Eerde met Kasteel vanuit de lucht.
Foto: OudOmmen
Vanaf de Hammerweg gezien ligt het parkbosvak waar het om gaat rechts voor kasteel Eerde. Het bureau SB4, gespecialiseerd in onderzoek van historische tuinen, parken en landschappen, concludeerde in 2010 dat landgoed Eerde uniek is in Nederland. “Eerde is een soort museum van tuinstijlen; een cultuurhistorische parel!”, aldus Eric Blok van SB4. De eiken in dit parkbosvak zijn destijds aangeplant in een strak vierhoeksverband. Deze stijl heet quinconce, omdat het oorspronkelijk ging om een patroon van 5 bomen, in de vorm van de vijf op een dobbelsteen. Bij latere toepassingen, zoals ook hier op Eerde, werd de middelste boom weggelaten, maar de naam quinconce bleef in gebruik. Van de oorspronkelijke eiken is nu nog een klein aantal over. Deze oude bomen zijn aan het eind van hun leven en takelen snel af. Met het oog op de veiligheid van bezoekers, moet er op niet te lange termijn worden ingegrepen. Dit biedt Natuurmonumenten de kans om het ontwerp uit 1715, een unieke cultuurhistorische parel, in ere te herstellen.
Nationaal belang
Het ensemble Eerde moet gezien worden als een totaalcompositie volgens het Frans Classicisme dat van oorsprong reeds zeldzaam en van hoge kwaliteit was en in de huidige tijd door haar gaafheid en nog aanwezige kwaliteiten een zeldzaam geworden voorbeeld. Daarbij is Eerde niet alleen van regionaal belang, maar zeker ook van nationale betekenis en mogelijk nog meer. (uit het rapport van SB4). Natuurmonumenten kiest er bij het herstel voor om alle bomen in het vak in één keer te kappen. Een pijnlijke ingreep in het parkbos, maar alleen op die manier kan het strakke karakter van de oorspronkelijke aanleg teruggebracht worden. Lees verder Natuurmonumenten herstelt quinconcevlak landgoed Eerde







Die zakjes werden door de melkrijder onder het deksel van een lege melkbus geklemd die weer leeg van de fabriek bij de boer aan de weg werd gezet en daar soms wel een halve dag bleef staan zonder dat er iemand aankwam. Ook werd een rek ingebracht waarin de melkzakjes in de fabriek werden klaargezet voor de melkrijders. De zakjes en het rek behoren tot het unieke materiaal dat op oudjaarsmorgen is ingebracht op de gehouden inbrengochtend voor de tentoonstelling “Met het gat in de boter”, die in 2016 in het Nieuwleusense museum wordt gehouden. Enkele tientallen personen brachten behoorlijk wat materiaal in of stelden grotere voorwerpen ter beschikking die in de komende weken worden bekeken en zo mogelijk voor een jaar naar het museum verhuizen.