Categorie archief: Informatiebronnen

1903 – Ingekomen stukken Stad-Ommen

Ingekomen stukken Stad-Ommen 1903.

  • Op 11-12-1903 deelt de Dir. Gen. der Posterijen en Telegrafie mede dat het ontworpen post- en telegraafgebouw geheel binnen het eigen terrein in de richting der aangrenzende gebouwen zal worden geplaatst.
  • De 4e storting op het aandelenkapitaal de N.O.L.S. groot f. 10.000,— à f. 4.000,— vindt plaats.
  • Tol nrs. 1 en 2 van de weg Ommen-Hardenberg (verpacht) brengen in 1902 resp. op f. 340,02 en f. 240,—.
  • Tegenover het oude gesticht der voormalige Ommerschans staat een Rijksgebouw bestemd tot berging van stroo, rijs, enz. In dit gebouw zitten veel kleine ruiten. De schooljeugd gooit deze ruiten stuk (111 in totaal).
  • Een verzoek van het gemeentebestuur van Ommen om de winterdienstregeling 1903/1904 voor de trein (1955) van Zwolle-Ommen op dinsdag te Dalfsen (dorp) en Vilsteren te laten stoppen wordt niet ingewilligd.
  • Aan de Kerkeraad der Chr. Geref. gemeente te Ommen wordt een perceel grond kad. bekend sectie B, nr. 3446 voor f. 66,— verkocht (groot 4 are en 40 ca.) nabij de Geref. school.
  • Tol nr. 1 op de weg Ommen-Dalfsen (ie sektie) levert in 1902 op f. 1.215,13.
  • E. Wolfkamp is tolgaarder en G. Kamphof wegwerker (5 maand).
  • Tol nr. 1 van de weg Ommen-Goor (1e sektie) levert in 1902 op f. 438,76.
  • Ing. 7 juli 1903 wordt trein 1955 (Zwolle vertrek 6.40 v.m., Ommen aankomst 7.15) des dinsdags beschikbaar gesteld voor het vervoer van reizigers 2e en 3e klasse van Zwolle naar Ommen.
  • Uit de leden der Geref. Kerk te Ommen, die tot de Chr. Geref. Kerk zijn teruggekeerd wordt een kerkeraad gekozen en in de ambten bevestigd.
  • In de slagerij van Arn. de Haas worden 5000 kalveren per jaar geslacht.
  • Van der Bend heeft eveneens een varkensslagerij. Bij de woning van Van der Bend staat een gemeente pomp.
  • S. van den Hoek heeft een slachterij. Verder van Aalderen, G. de Levie en de gebr.s de Bruin.
  • Gerrit Steen onderhoudt een wagendienst van Ommen op Zwolle. Hij vervoert als vrachtrijder sedert de staking van de omnibusdienst op Zwolle kleine vrachtgoederen 2x per week naar en van Zwolle.
  • Herman Adriaan Kroone wordt benoemd tot gemeentebesteller van bestelgoederen bij het spoor.
  • De boeren van de Ommerschans brengen hun boter en eieren naar de Markt te Ommen. Zij krijgen voor dit marktbezoek vrijdom van de tol op Witharen.
  • Op 22-1-1903 deelt J.R.M. Jansen te Ommen mede, dat de omnibusdienst Ommen-Zwolle vice versa is gestaakt.
  • De weg Ommen-Hardenberg verkeert in slechte staat.

Bron: uit het archief van Jan Lucas – Map02-027+28

1902 – Verpachtingen gemeente-eigendommen

  • In 1902 wordt van het grasland “den Oord” o.m. openbaar verpacht:
    een gedeelte van de gedempte Burggraven, sectie B, nr. 3159 en een gedeelte van “den Oord” ten westen van de daardoor lopende sloot sectie B, nr. 3130 aan H. Oldeman (de zgn. kattensloot?)
    De Hofstedenweg lag vermoedelijk ten westen van het Ommerkanaal.
  • Een ongenummerd perceel, grenzend aan de kadastrale percelen gemeente Stad-Ommen, sectie B, nrs. 717 en 3175, groot ± 12 ca wordt door de gemeente overgenomen van Anton Cremer, pianomaker te Zwolle.

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-221+223 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1896 – Ingekomen stukken Stad-Ommen

  • Jacobus Johannes Arendsen is lantaarnopsteker van Stad- en Ambt- Ommen.
  • L. van Strik, oud 30 jaar, wordt ingaande 1-10-1896 benoemd tot hoofd o.l.s. Stad-Ommen.
  • De verpachte tollen nrs. 1 en 2 op 5de weg van Ommen-Hardenberg brengen in 1895 resp. op f. 418,83 en f. 317,–.
    H. de Lange en A.J. van den Berg zijn wegwerkers.
  • J.G. Kramer, koopman, voert 2.000 kg onbewerkte wol in uit Pruissen.
  • G.J. Podt hoofd o.l.s. wordt op 1-8-1896 eervol ontslagen wegens ziekte. In het najaar 1895 is hij geopereerd en sedertdien zwak en sukkelend. Hij is vanaf 1-8-1866 hoofd der o.l.s. geweest.
  • Jan de Jonge Pzn., oud 26 jaar, wordt ing. 1-6-1896 benoemd tot onderwijzer.
  • Tol nr. 1 op de weg Ommen-Goor (Ie sektie) levert in 1895 f. 406,04 op. J.F. Veldhuis in tolgaarder en D. Zwinselman wegwerker.
  • Tol nr. 1 op de weg Ommen-Dalfsen (Ie sektie) levert in 1895 f. 987,505 op. E. Wolfkamp is tolgaarder en wegwerker.
  • Ingaande 1-6-1896 wordt aan J. de Jonge Pzn. ontslag verleend als onderwijzer.
  • In maart 1896 verzoeken de bewoners aan de Achterstraat om een stadspomp te plaatsen in de buurt van Kerver of verder naar de Roomsch-Katholieke Kerk, omdat de dichtstbijstaande pomp bij de Israëlische Kerk is gelegen.
  • Ingaande 15-11-1896 wordt weer het huis en erf kad. bekend gem. Stad-Ommen, sektie B, nr. 3176, voor f. 500,– per jaar verhuurd gedurende 5 jaar, aan het Rijk om te dienen tot post- en telegraafkantoor en direkteurswoning.
  • Tol nr. 1 en 2 (verpacht) van de weg Ommen-Hardenberg brengt in 1894 resp. op f. 426,– en f. 324,–. H. de Lange en A.J. van den Berg zijn wegwerkers.
  • In 1895 heeft het Rijkstelegraafkantoor te Ommen verzonden 759 telegrammen en 54 telegrammen ontvangen.
    De opbrengst is f. 243,90, zodat de gemeente f. 156,10 moet betalen.
  • H.C. Kerver is kleermaker (Bouwstraat)
  • H.J. Fikkert is kleermaker (Markt)
  • G. Kottier is kleermaker (Vrijthof)
  • E. Jansen is kleermaker (Klokkensteeg).

Bron: uit het archief van Jan Lucas – Map06-341

1889 – Verpachtingen gemeente-eigendommen

Stad-Ommen verpachting Koeweide.
Op 26 maart 1889 wordt overgegaan tot openbare verhuur van weiden in de Ommerkoeweide, ten woorden van het Ommerkanaal. De beweiding mag plaatsvinden door koeien, pinken, kalveren en ossen.
De weide is gemeenschappelijk en de tijd van beweiding loopt van 1 mei – 1 november (dag en nacht). Het aantal weiden is vast gesteld op 80 weiden en brengt op f 1060,75
In 1890 is de opbrengst f 609,50
In 1891 is de opbrengst f 846,-
In 1892 is de opbrengst f 1102,50
In 1893 is de opbrengst f 1207,50
In 1894 is de opbrengst ?
In 1895 is de opbrengst f 868,-
In 1896 is de opbrengst f 781,25 (78 weiden)
In 1897 is de opbrengst f 1065,75 (80 weiden)
In 1898 is de opbrengst f 1151,50 (80 weiden)
In 1899 is de opbrengst f 1089,- (80 weiden)
In 1900 is de opbrengst f 876,- (80 weiden)
In 1901 is de opbrengst f 1100,25 (80 weiden)
In 1902 is de opbrengst f 1111,25 (80 weiden)
In 1903 is de opbrengst f 934,- (80 weiden)
In 1904 is de opbrengst f 1104,- (80 weiden)

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-219+220 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1885 – Verpachtingen gemeente-eigendommen

Stad-Ommen
Op 4-7-1885 wordt het jachtrecht voor 6 jaar (1-9-1885 tot 31-8-1891) verpacht in twee percelen:
a. De Woeste-koeweide nabij de Ommerschans groot 160 ha aan Arend van der Veen, koperslager te Stad Ommen voor f 37,-
b. Het Ommerbosch groot ± 160 ha aan Gerhardus Schuttert zonder beroep, te Stad-Ommen voor f 42,-

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-220 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1882 – Verpachtingen gemeente-eigendommen

Van 11-11-1882 – 11-11-1888 worden Stads landerijen verpacht opbrengst f 180,25.
Van 11-11-1888 – 11-11-1894 idem, opbrengst f 183,-
Van 11-11-1894 – 11-11-1900 idem, opbrengst f 155,75
Van 11-11-1900 – 11-11-1906 idem, opbrengst f 136,75
Van 11-11-1883 – 11-11-1889 idem, opbrengst f 428,75
Van 11-11-1889 – 11-11-1895 idem, opbrengst f 428,25
Van 11-11-1895 – 11-11-1901 idem, opbrengst f 393,-
Van 11-11-1901 – 11-11-1907 idem, opbrengst f 390,75

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-220 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1874 – Uitgaande stukken Ambt Hardenberg

  • 29-09-1871 – Gedeputeerde Staten.
    Betaling uit den post onvoorziene uitgaven. Hierbij hebben wij de eer U ter goedkeuring aan te bieden: 1. een besluit van den Raad dezer gemeente tot betaling uit hoofstuk IV in uitgaaf der begrooting van 1871 eener som van f. 73,70 aan de gemeente Stad Ommen en eene som van f. 281,26 aan de gemeente Avereest wegens voorgeschotene verpleegkosten in de jaren 1868, 1869 en 1870. 2. een besluit als voren, om te betalen aan de gemeente-ontvanger J.A. Nijzink alhier de som van f. 9,90½ wegens in 1870 betaalde zegelgelden ten behoeve der gemeente.
  • 23-10-1874 – Het bestuur over den kunstweg van Hardenberg naar Ommen, te Ommen
    Ik heb de eer ter Uwer kennis te brengen dat tot gecommitteerden voor de weg van Hardenberg naar Ommen door de raad dezer gemeente zijn aangewezen de heren J. van Barneveld en J.B. Bolks.
  • 20-10-1874 – Officier van Justitie te Deventer
    Ik heb de eer U hiernevens te doen toekomen een proces-verbaal opgemaakt door de rijksveldwachter A. Scheper te Ommen, tegen Klaas Sterken te Diffelen, ter zake van overtreding der wet op de jacht en visserij.
  • 25-08-1874 – Commissaris des Konings
    Naar aanleiding van Uw missive d.d. 20e dezer, nr. 260, hebben wij de eer te berichten dat de commissie van de Kunstweg Ommen-Hardenberg, over de verhoogde bijdrage ad f. 80,- voor deze gemeente, over het jaar 1874 op 1 october a.s. kan beschikken, en dat er bij het opmaken der begroting voor het jaar 1875 op zal gerekend worden, zulks ook over dat jaar zal kunnen geschieden.
  • 19-07-1874 – Gedeputeerde Staten
    Wijziging van jaarmarkten te Stad Ommen
  • 23-06-1874 – Ambtenaar van ’t Openbaar Ministerie ten kantongerechte Ommen
    Hierbij heb ik de eer U te doen toekomen een proces-verbaal opgemaakt door de onbezoldigde rijksveldwachter Engbert Rutger van Faassen, tegen Gerrit Jan Overweg, schaapherder te Diffelen, wegens het doen lopen van een kudde schapen op de berm van de kunstweg van Ommen naar Hardenberg.
  • 19-03-1874 – Procureur-generaal bij het Provinciaal Gerechtshof in Overijssel
    U verschoning verzoekende voor het verzuim in de beantwoording van Uw missive d.d. 3e maart jl. nr. 11/365, heb ik de eer hierbij in te zenden het bewijs bij verandering van werkelijke woonplaats, indertijd door Frederik Bladder ingediend. Het zal U opvallen dat daarin de geboorteplaats van gezegde Bladder in het bewijs wordt vermeld, als zullende zijn Ommen hetgeen een bepaalde vergissing is. Daar Bladder reeds als kind met zijn ouders in Nederland is aangekomen kan hij niet zeggen of verzekeren dat zijn vader de verklaring bedoeld in art. 8 sub nr. 2 B.W. heeft afgelegd, hij zelf heeft zulks niet gedaan, althans niet in deze gemeente. Ik voeg hierbij een op mijne ambtseed opgemaakt proces-verbaal, constaterende de echtheid van het bewijs van verandering van woonplaats en tevens dat het betrekking heeft op Fredrik Bladder, als de persoon in kwestie.