Ter gelegenheid van het 12-jarig bestaan van het Jeugdkamp Eerde commandant de heer Willems, werd aldaar een feestavond gegeven, waarvoor zeer veel belangstelling bestond.
In zijn openingswoord, wees de Commandant op de prettige verhouding tussen de bevolking en het kamp. In de afgelopen 12 jaren heeft het kamp ruim 6500 jongens opgeleid, eerst jeugdige werklozen, later wilszwakke jongens en thans a.s. schippers. Tenslotte deelde spreker mede, dat hij met ingang van 1 Januari een betrekking heeft aanvaard bij het Christelijk Nationaal Vakverbond en derhalve zijn functie als commandant zal neerleggen. Het afscheid, aldus spreker, valt mij zwaar, maar in verband met mijn leeftijd, heb ik gemeend dit aanbod niet af te mogen slaan.
Nadat de anwezigen twee coupletten van het Wilhelmus hadden gezongen, werd door de leerlingen een komisch schetsje opgevoerd, o.l.v. de heer G. van Doorn. Dan was de beurt aan de zangclub van Eerde, aan de piano door mej. Willems begeleid. Tijdens de pauze werden verversingen aangeboden. – Door de staf van het kamp werd vervolgens de klucht „De Huistyran” opgevoerd, eveneens o.l.v. de heer G. van Doorn. Het wakkere troepje kreeg een dankbaar applaus. Na een dankwoord van de heer Willems, dankte de heer Schats namens het Departement van Onderwijs de heer Willems en sprak de hoop uit, dat deze ook in zijn nieuwe taak veel goeds zou kunnen verrichten.
Bron: Krantenknipsel uit het archief van Jan Lucas – 4 november 1947
De heer Willems is namelijk ook commandant van dit kamp, evenals vóór de oorlog van het kamp voor jeugdige werkelozen en later voor wils-zwakke jongens. Nu is het een selectiekamp voor de schippers-internaten te Dieren, Dordrecht en Vlaardingen. Deze internaten leiden op voor de kustvaart, Rijnvaart en desgewenst voor de grote vaart. Schipperszoons kunnen rechtstreeks naar het internaat; de andere jongens, die interesse voor de scheepvaart hebben, komen via de arbeidsbureaux eerst in het kamp te Ommen. Zij moeten hier 3 maanden verblijven en krijgen gedurende die tijd onderricht in bankwerken, timmeren en schilderen en herhalingsonderwijs in taal, rekenen en aardrijkskunde. Aan de culturele vorming wordt eveneens aandacht besteed; volkszang, muziek, toneel, enz. Voor de lichamelijke ontwikkeling worden verschillende sporten beoefend, zoals voetbal, handbal, turnen. Het kamp en de internaten staan op algemeen Christelijke grondslag. De geestelijke verzorging is in handen van Protestantse en Rooms-Katholieke geestelijken, waarvoor wekelijks een dag gereserveerd wordt. De voornaamste taak is karaktervorming en het aankweken van gemeenschapszin. 
