Vrijdag 28 maart opent museum Palthehof in Nieuwleusen weer de deuren voor het publiek. De thematentoonstelling van dit seizoen heeft als titel “Bij de tijd”.
Uurwerken en andere tijdaanduidingen, 28 maart tot en met 25 oktober 2014.
Afb.: “Ni’jluusn van vrogger” / Museum Palthehof
Te zien zijn allerlei soorten kleine en grotere uurwerken en andere tijdsaanduidingen. Tevens zijn er enkele opstellingen gemaakt die met het thema tijd te maken hebben. Het materiaal is op de inbrengochtend op oudejaarsdag bijeengebracht door inwoners van Nieuwleusen en omgeving. Afgelopen periode is gebruikt om er een aantrekkelijke tentoonstelling van te maken.
Het ingebrachte materiaal is zeer verschillend en varieert van horloges en klokken tot kalenders en agenda’s. Bijzonder is een aantal agenda’s uit de twintiger jaren van burgemeester Backx. Deze liggen op een bepaalde bladzijde open geslagen zodat men kan zien hoe druk de burgemeester toen met sommige zaken was. Ook zijn er enkele bijzondere klokken zoals bijvoorbeeld een schakelklok, een stempelklok, een biljartklok en een tijdmachine te zien. Niet alle uurwerken lopen, maar sommige tikken de tijd rustig voort met het tiktak tiktak, zonder dat dit als storend wordt ervaren.
De tentoonstelling is geopend vanaf 28 maart tot en met 25 oktober op woensdag tot en met zaterdag van 13.30 tot 17.00 uur. Op Paasmaandag en Pinkstermaandag is het museum extra geopend op dezelfde tijden, evenals op zondag 6 april tijdens het museumweekend.
Bron: “Ni’jluusn van vrogger” / Museum Palthehof – 20 maart 2014

OMMEN – Door Oll Ommer en de Historische Kring Ommen (HKO) worden weer bustochten georganiseerd.



De naar Australië geëmigreerde Otto Broug heeft de hongertocht beschreven die hij en ongeveer 35 andere kinderen vanuit Rijswijk naar Overijssel maakten. Op 29 maart 1945 kregen ze in Nieuwleusen een bord pap waarvoor hij vandaag de dag nog steeds dankbaar is. De kinderen in leeftijd tussen 7 en 15 jaar kregen de havermoutpap, brood met boter en kaas en melk voorgeschoteld na een tocht van een week. Ze waren vanuit Rijswijk vertrokken, waar nog nauwelijks iets te eten was. Per schip waren ze naar Zwolle gereisd. In Nieuwleusen kwamen ze doodmoe en verhongert aan. Alleen voor de jongsten was er vanuit Zwolle een boerenwagen beschikbaar geweest, de oudste jongens hadden er de hele weg achteraan moeten gelopen. De kinderen waren op weg naar een nog onbekend gastgezin in Overijssel. Voor het vervolg van de tocht hadden de Nieuwleusenaren gezorgd voor een drietal boerenwagen zodat niemand naar de volgende halteplaats Balkbrug behoefde te lopen. De dank en waardering waren groot en zijn dat zelfs nu na bijna 70 jaar nog.

