1880 – Verpachtingen gemeente-eigendommen

Verpachting koeweiden in het koeveld Stad-Ommen.
De weiden in het koeveld, ten noorden van het oude kanaal, worden in 1880 aan de meest biedende verhuurd. De gehuurde weiden kunnen door koeien en kalveren, alsmede oskalveren, die niet gewisseld hebben, worden beweid. De tijd van inweiding loopt van 1 mei tot 1 november van ’s morgens 7 uur tot zonsondergang. Het vee dat vóór en na dien tijd zich in de weide bevindt zal worden geschut. Het vee hetwelk er ’s morgens vóór of ’s avonds na dat de koeherder er is in de weide mocht zijn zal aldaar door of vanwege den bezitter of opbinder worden gehoed. Voordat het vee de weide in mag moet het vóóraf met het door burgemeester en wethouders bepaalde merk zijn opgebrand. Het totaal aantal weiden bedraagt 135. De prijs bedraagt f6.25 per weide (koe, kalf of oskalf).

Hendrik Wilhelm Bodewitz is brigadier majoor titulair der rijksveldwacht.

Gerrit Schurink heeft 10 weiden.
Koop Nijhuis heeft eveneens 10 weiden.

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-217 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1879 – Verpachtingen gemeente-eigendommen

Bij raadsbesluit van 2 augustus 1879 wordt het Jachtrecht op de gronden der gemeente stad–Ommen, gelegen onder die gemeente groot ± 340 ha voor 6 opeenvolgende jaren ingaande 1 september 1879 tot 31 augustus 1885 voor f50,- per jaar verpacht aan: J. Buddingh, G.H. van der Veen en Mr. G.W. Baron van Dedem.

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1876 – Verpachtingen gemeente-eigendommen (1)

In de jaren 1876, 1877 en 1878 wordt het vuil en de mest van de openbare pleinen, de beesten- en schapenmarkt openbaar verpacht aan F.W.N. Baron Mulert, notaris te Ommen voor f5,10 per jaar. Elke zaterdag moeten vóór zonsondergang en onmiddellijk na elke marktdag de openbare twee marktpleinen goed en behoorlijk schoongeveegd worden.

Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-216 # Vertaling: Lenka Barteczkova

1874 – Uitgaande stukken Ambt Hardenberg

  • 29-09-1871Gedeputeerde Staten.
    Betaling uit den post onvoorziene uitgaven. Hierbij hebben wij de eer U ter goedkeuring aan te bieden: 1. een besluit van den Raad dezer gemeente tot betaling uit hoofstuk IV in uitgaaf der begrooting van 1871 eener som van f. 73,70 aan de gemeente Stad Ommen en eene som van f. 281,26 aan de gemeente Avereest wegens voorgeschotene verpleegkosten in de jaren 1868, 1869 en 1870. 2. een besluit als voren, om te betalen aan de gemeente-ontvanger J.A. Nijzink alhier de som van f. 9,90½ wegens in 1870 betaalde zegelgelden ten behoeve der gemeente.
  • 23-10-1874Het bestuur over den kunstweg van Hardenberg naar Ommen, te Ommen
    Ik heb de eer ter Uwer kennis te brengen dat tot gecommitteerden voor de weg van Hardenberg naar Ommen door de raad dezer gemeente zijn aangewezen de heren J. van Barneveld en J.B. Bolks.
  • 20-10-1874Officier van Justitie te Deventer
    Ik heb de eer U hiernevens te doen toekomen een proces-verbaal opgemaakt door de rijksveldwachter A. Scheper te Ommen, tegen Klaas Sterken te Diffelen, ter zake van overtreding der wet op de jacht en visserij.
  • 25-08-1874Commissaris des Konings
    Naar aanleiding van Uw missive d.d. 20e dezer, nr. 260, hebben wij de eer te berichten dat de commissie van de Kunstweg Ommen-Hardenberg, over de verhoogde bijdrage ad f. 80,- voor deze gemeente, over het jaar 1874 op 1 october a.s. kan beschikken, en dat er bij het opmaken der begroting voor het jaar 1875 op zal gerekend worden, zulks ook over dat jaar zal kunnen geschieden.
  • 19-07-1874Gedeputeerde Staten
    Wijziging van jaarmarkten te Stad Ommen
  • 23-06-1874Ambtenaar van ’t Openbaar Ministerie ten kantongerechte Ommen
    Hierbij heb ik de eer U te doen toekomen een proces-verbaal opgemaakt door de onbezoldigde rijksveldwachter Engbert Rutger van Faassen, tegen Gerrit Jan Overweg, schaapherder te Diffelen, wegens het doen lopen van een kudde schapen op de berm van de kunstweg van Ommen naar Hardenberg.
  • 19-03-1874Procureur-generaal bij het Provinciaal Gerechtshof in Overijssel
    U verschoning verzoekende voor het verzuim in de beantwoording van Uw missive d.d. 3e maart jl. nr. 11/365, heb ik de eer hierbij in te zenden het bewijs bij verandering van werkelijke woonplaats, indertijd door Frederik Bladder ingediend. Het zal U opvallen dat daarin de geboorteplaats van gezegde Bladder in het bewijs wordt vermeld, als zullende zijn Ommen hetgeen een bepaalde vergissing is. Daar Bladder reeds als kind met zijn ouders in Nederland is aangekomen kan hij niet zeggen of verzekeren dat zijn vader de verklaring bedoeld in art. 8 sub nr. 2 B.W. heeft afgelegd, hij zelf heeft zulks niet gedaan, althans niet in deze gemeente. Ik voeg hierbij een op mijne ambtseed opgemaakt proces-verbaal, constaterende de echtheid van het bewijs van verandering van woonplaats en tevens dat het betrekking heeft op Fredrik Bladder, als de persoon in kwestie.

1873 – Ingekomen stukken Stad-Ommen

  • Ing. 1-2-1874 vertrekt A. van Buren als hoofdonderwijzer de o.l.s. Hoogengraven.
  • Door de Rotterdamsche Bank c.s. wordt een Concessie aangevraagd voor een reeds lang gewenste verbinding Meppel-Ommen naar Almelo en van Ommen naar Zwolle.
  • De gemeente Ambt-Ommen betaalt voortaan jaarlijks een vergoeding van f. 40,- voor het gebruik van het stadhuis van de gemeente Stad-Ommen (dit is een vergoeding voor het gebruik der gemeentesecretarie, raadkamer, kadastrale kamer, enz. waarvoor tot dan f. 15,- per jaar werd betaald).
  • In Lemelerveld wordt de vereniging tot bevordering van de volksweerbaarheid opgericht.
  • De heer O.O. van den Berg te Lemele neemt ontslag als lid van het bestuur der bijz. school te Lemelerveld. De heren H.H.G. Isebree Moens en M. Kingma nemen verder alleen de bestuurstaak op zich.
  • In 1872 levert tol nr. 1 van de weg Ommen-Hardenberg f. 543,16 op en tol nr. 2 f. 375,74.
  • Wegens herstelwerkzaamheden van de zgn. Nieuwebrug over de Regge is m.i.v. 1 juli 1873 de doorvaart van schepen met staande mast door die brug tot nader order gestremd. De passage voor voetgangers, rij- en voertuigen geschiedt via een noodbrug.
  • De school te Beerzerveld aan het Overijssels Kanaal is in 1872 gereed gekomen.
  • Antony van Buren wordt aan de school te Hoogengraven benoemd als hoofd der school in de vakature L. Bras.
  • Tol nr. 1 op de weg Ommen-Goor, 1e sectie levert in 1872 op f. 320,87.
  • Aan de wed. Jan Snel te Mariënberg wordt op 10-4-1873 toestemming verleend tot het oprigten van een windkoren- en pelmolen in de buurtschap Beerse op het perceel kad. bekend sectie E, nr. 463.
  • In 1873 is J. Greeven vroedvrouw en zijn A.A.H. Kramer en A.A. Middendorp arts te Stad-Ommen, woonachtig.
  • G. Wollevenne is postbode te Ambt-Ommen.

Bron: Archief Jan Lucas – Map006-221