In 1909 wordt van 1-9-1909 tot 31-8-1915 het jachtrecht
1) van de Woeste, Koeweide en verdere aldaar gelegen percelen van Stad-Ommen groot ±160 ha en van
2) het zgn. Ommerbosch met daarbij liggende stadsgrond, groot ±100ha, openbaar verpacht. (de Woeste ligt nabij de Ommerschans)
Het eerste perceel krijgt de heer J.C. Duburg te Avereest voor f 55,- en het Ommerbosch de heer W.A. Salm te Ambt-Ommen voor f 49,75.
Als borgen voor de heer Duburg treden op:
D.H. de Loos te Avereest en Jhr. F.Th. Van der Wijck te Archem. Voor W.A. Salm: de heren A. van der Veen te Stad-Ommen en J.H. Schräder te Ambt-Ommen.
In 1903 het 1e perceel door Mr. P. Wildervanck de Blécourt te Stad-Ommen voor f 37,- per jaar, borgen zijn G.H. van der Veen en A. van der Veen te Stad-Ommen. Het 2ᵉ perceel door A. van der Veen te Stad-Ommen voor f 43,35 per jaar; borgen zijn de heren G.H. van der Veen en Mr. P. Wildervanck de Blécourt.
In 1876 voor drie jaar: het 1ᵉ perceel door Roelof Brink vervener te Dedemsvaart voor f 30,- per jaar. Het 2ᵉ perceel eveneens door Roelof Brink voor f 17,- per jaar. Borgen zijn: Jan Kramer, winkelier en Samuel de Haas, slager, te Stad-Ommen.
In 1873 voor 3 jaar:
1ᵉ perceel Wilhelmus Brink f 31,- (grondeigenaar aan de D’vaart)
2ᵉ perceel Wilhelmus Brink f 21,-
Als borgen treden op: Jan Kramer, winkelier en Willem Noordink, landbouwer te Stad-Ommen.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-221+222 # Vertaling: Lenka Barteczkova