Voorjaar 1945. Vanuit het zuiden rukken onder andere Engelse, Canadese en Amerikaanse soldaten op om Nederland te bevrijden van 5 jaar onderdrukking. Ommen wordt bevrijd op 11 april.

11 april 1945. Canadese legervoertuigen trekken de brug over. Ommen bevrijd. Op de achtergrond zwaargehavende panden aan de Voorbrug.
Kamp Erika
De opmars van de geallieerden is ook de gewapende bewakers van het gevangenenkamp Erika op de Besthmenerberg niet ontgaan. Twente is al bevrijd en soldaten van het Canadese leger rukken verder op. In de nacht van 4 op 5 april wordt op kamp Erika groot alarm geslagen. Er zijn berichten dat de geallieerden op korte afstand zijn genaderd. “Alles inpakken en klaarmaken voor de afmars” klinkt het vanaf de appelplaats waar de gevangenen plotsklaps bij elkaar zijn geroepen. De groep krijgt te horen dat Westerbork hun nieuwe bestemming wordt, maar wel lopend. In colonne gaat het kort daarna in alle vroegte richting Balkbrug. Zij die nog even achterom kijken zien een vuurgloed boven het kamp uitstijgen. Het blijkt dat een munitieopslag in de buurt van het kamp is opgeblazen. Iedereen is bang onderweg. Nu ontsnappen betekent zondermeer de kogel van een van de gewapende bewakers. Als vliegtuigen over de groep scheren wordt gebruik gemaakt van dekkingsgaten langs de weg. In Hoogeveen wordt de nacht van 5 en 6 april doorgebracht in een door de Duitser leeggeroofd winkelpand. Op 6 april komt de colonne druppelsgewijze aan in het arbeidskamp de Pieterberg bij Westerbork (niet te verwarren met het noordelijker gelegen Kamp Westerbork). Het is bijna avond als de laatste gevangenen komen binnenstrompelen.








