Categorie archief: Informatiebronnen

Museum ‘t Bakhuis geeft inzicht over het leven en werken van de gebroeders Borger

WITHAREN – Museum ’t Bakhuis in Witharen geeft een kijkje in het leven en werken van de vroegere bewoners, de gebroeders Borger. Met foto’s, oude gereedschappen, oud keukengerei en oude papieren maakt het museum de geschiedenis van de boerderij Witharenweg 24 zichtbaar.

’t Bakhuis nieuw museum in Witharen, Gerri Timmerman (rechts) heeft het museum officieel geopend.
Foto: Harry Woertink

De plek is heel bijzonder: het oude bakhuis, een stenen huisje, iets van de boerderij gelegen, dat vroeger werd gebruikt om de fornuispot te stoken. De familie Borger heeft hier ooit gewoond en geleefd. Na hun overlijden is de boerderij met schaapskooi gerestaureerd en wordt nu bewoond door het gezin van de kunstenaars Louis van Vilsteren en Thea Dijkema. Beiden timmeren al jaren aan de weg met hun atelier en expositieruimte. Er was genoeg te zien in de beeldentuin achter de boerderij, maar volgens Louis en Thea was de geschiedenis van de boerderij nog niet helemaal compleet. Sinds zaterdag 19 april 2014 is dat dan wel het geval met de opening van Museum ’t Bakhuis. De officiële opening werd verricht door Gerri Timmerman. Als buurmeisje kwam Gerri jarenlang over de vloer van de Borgers. Volgens Gerrie liep ze als kind elk dag wel een keer langs de boerderij. De Borgers hebben zelf vast nooit bedacht dat er nog een museum met hun naam en hun spulletjes zou komen. Maar volgens Gerri is het een geweldig idee.

Eerste bewoners
De eerste bewoner van de boerderij was Gerrit Borger samen met zijn vrouw Hilligje Snijder. Ze trouwden in 1875. Hun zoon kreeg ook de naam Gerrit. Deze trouwde in 1898 met Aaltje van Lenthe. Samen kregen ze 5 kinderen: vier jongens en een meisje. De jongens bleven allemaal vrijgezel. Deze broers: Gerrit, Hendrik, Berend en Herman blijven allen wonen aan de Witharenweg 24 en hadden allemaal hun eigen taken. Ze bewerkten samen het land en hielden schapen. Met de schaapskudde werd over de heide getrokken, die in Witharen voldoende aanwezig was. De gebroeders leefden heel sober. De oudste, Gerrit, had na het overlijden van vader in 1945 de leiding, Hij was goed ontwikkeld, in militaire dienst geweest en had dan ook wat van de wereld gezien. Gerrit was jager met een jachtakte en zat nog in het bestuur van het Waterschap. Na het overlijden van Gerrit bleek broer Berend, die altijd wat stil op de achtergrond was, toch veel capaciteiten te hebben. Hij wilde graag moderner boeren en had ook belangstelling voor wat er in de wereld gebeurde, vooral de politiek. En toen ze een televisie in huis namen was er op een avond van de verkiezingen niemand welkom, want Berend wilde de uitslagen volgen, ook al was hij jarig. Hij nam ook de jacht over en had een jachtvergunning. Zo lang Berend mee ging op jacht had hij het jachtgeweer in de hand, maar zoals later zou blijken, de laatste jaren met een geweer zonder patronen.

Hendrik Borger was van jongsaf de schaapherder. Jarenlang trok hij met de schaapskudde er op uit. Hij zag veel in het heideveld, maar vertelde niet alles. Hij had de gewoonte om het voorjaar der bermen van de sloten af te branden. Dat liep niet altijd goed af. De brandweer moest er aan te pas komen om te blussen. Heidebrand veroorzaakt door een brandglas, concludeerde de brandweer. Hendrik overleed begin 1990. Herman, de jongste, was, wat we nu noemen, verstandelijk beperkt maar wist wel wanneer hij jarig was: met de roggebouw, 6 augustus dus. Van zijn moeder had hij een beetje koken geleerd. Rijstepap koken kon hij goed. Berend heeft nog tot juni 1990 hier alleen in zijn boerderijtje gewoond. Toen dat, ondanks alle hulp, niet meer kon, werd hij opgenomen in verzorgcentrum Clara Feyoena Heem in Hardenberg . Daar paste hij zich snel aan. Hij kreeg er elke dag z’n borreltje en als de fles bijna leeg was, kreeg buurman Wermink opdracht voor een nieuwe te zorgen. Kort voor zijn overlijden is hem verteld dat zijn boerderijtje met Louis en Thea nieuwe bewoners zou krijgen, maar niet zou worden afgebroken. Zijn reactie was: “Hei jong, die oale prut, wat wult ze d’r toch met”. Lees verder Museum ‘t Bakhuis geeft inzicht over het leven en werken van de gebroeders Borger

Dodenherdenking op de Besthmenerberg

OMMEN – De Historische Kring Ommen organiseert in samenwerking met enkele oud-gevangenen van Kamp Erika op zondag 4 mei weer een dodenherdenking bij het herinneringsmonument op de Besthmenerberg aan de Hammerweg in Ommen.

 Herinneringsmonument op de Besthmenerberg
Foto: OudOmmen

In verband met de plechtigheden bij het gemeentehuis dezelfde dag is de herdenking op de Besthmenerberg in tijd iets vooruit geschoven. Zodoende heeft de burger van Ommen tevens de gelegenheid om de herdenking later op de avond bij het gemeentehuis bij te wonen.

Het programma voor zondag 4 mei 2014 ziet er als volgt uit:
17.30 uur verzamelen parkeerplaats Steile Oever
17.40 uur vertrek naar het herdenkingsmonument
17.45 uur declamaties/toespraken
17.58 uur The Last Post door Jan Veneman
18.00 uur twee minuten stilte
18.02 uur Zingen Wilhelmus, twee coupletten, gevolgd door defilé en bloemlegging
Vanaf 18.15 uur zijn de deelnemers uitgenodigd om koffie te drinken in het Natuurinformatiecentrum in de Besthmenermolen.

Ter informatie:
De slachtoffers van het kamp worden in herinnering gehouden met een houten kruis. Er is een informatiepaneel met de volgende tekst: ‘Herdenkings-monument Kamp Erika. Het gevangenenkamp Erika was van 1941 – 1945 een plek van ontberingen, pijn, vernedering en heel veel leed.’ In 1940 viel het kamp in Duitse handen en deed het eerst dienst als gevangenenkamp. Kamp Erika werd in 1942 in gebruik genomen als justitieel strafkamp om de overvolle gevangenissen te ontlasten. De gevangenen waren veelal zwarthandelaren en illegale slachters. De bewakers waren voornamelijk Amsterdamse werklozen, aangevuld met SS’ers die in Ommen een opleiding kregen tot kampbewaker. Mede door de afgelegen ligging van het kamp konden de bewakers ongehinderd hun gang gaan. Dwangarbeid, ziektes, ondervoeding, mishandeling en moord kostten veel levens. Hoeveel slachtoffers het kamp eiste is onbekend. Wel dat dit aantal in combinatie met strafkampen in Duitsland tussen de 170 en 200 ligt. Acht joden kwamen in dit kamp terecht, maar zij hadden het nog zwaarder dan de rest.

Bron: Harry Woertink – 15 april 2014

Fietstocht langs oorlogsmonumenten

 OMMEN – De werkgroep WO 2 van de Historische Kring Ommen houdt op zondag 4 mei een fietstocht langs de oorlogsmonumenten in de gemeente Ommen.

Deelnemers aan een in 2010 georganiseerde fietstocht langs oorlogsmonumenten. Op de achtergrond boerderij De Vosseboer, waar schietgaten in de muur de slag bij de Vosseboer in herinnering houden.
Foto: Hans Steen

Een 14-tal monumenten wordt aangedaan, zoals bijvoorbeeld de gedenksteen van Kamp Erika op de Besthmenerberg. Ook het graf van verzetsstrijder Frits Herbert Jordens wordt opgezocht. Jordens was actief in Eerde met het onderbrengen van Joodse kinderen en hielp bij de ontsnapping van neergekomen piloten. Verder gaat de tocht langs boerderij De Vosseboer, waar schietgaten in de muur de slag bij de Vosseboer in herinnering houden. De graven van de vier Engelse vliegers aan de Hardenbergerweg en de Joodse begraafplaats met een gedenksteen voor de Joodse samenleving in Ommen ontbreken evenmin.

De fietstocht met begeleiding start om acht uur in de ochtend op de parkeerplaats van het gemeentehuis. Onderweg worden zowel in de kom van Ommen als in het buitengebied diverse monumenten aan gedaan die herinneren aan de strijd en verzet in de Tweede Wereldoorlog. De route is ongeveer 25 kilometer lang. Halverwege de ochtend zijn de fietsers weer terug. Opgave vooraf is niet nodig.
Bron: Harry Woertink – 15 april 2014

Wouter Vosjan winnaar van de Palmpasenoptocht in Ommen

OMMEN – Zijn er nog Paastradities in Ommen: Palmpasenoptocht, een Paasei-netje, eiertikken, eierzoeken en Paasvuren? Jazeker! Zaterdag 12 april 2014 werd met een Palmpasen optocht de spits afgebeten van de (eeuwenoude) tradities rondom Pasen.

 Een groepje van deelnemers aan de jaarlijkse Palmpasenoptocht in Ommen
Foto: Harry Woertink

“Palm, palm Pasen, ei koerei. Over ene zondag krijgen wij een ei. Eén ei is geen ei, twee ei is een half ei, drie ei is een paasei”, klonk het uit de mond van de kinderen. De opzet van de jaarlijkse Palmpasenoptocht in Ommen verschilde dit keer van opzet. De kinderen was gevraagd met hun versierde zwaantje op stok naar de oude Julianaschool te komen. Hier konden de versierde Palmpasenstok worden ingeleverd om vervolgens te laten beoordelen door een deskundige jury. Om de jury voldoende tijd te geven mocht het versierde zwaantje op stok een uurtje later weer worden opgehaald. Het is in Ommen gebruikelijk dat de mooist versierde zwaan op stok in aanmerking komt voor een Ereprijs. Een altijd fel begeerde prijs in de vorm van een klokje, beschikbaar gesteld door De Darde Klokke. Bovendien werden nog eens 9 deelnemers in de verschillende categorieën beloond met een geldprijsje. Alle deelnemers kregen als beloning een reep chocola en een sinaasappel. Totaal waren er 50 deelnemers, waarmee de organisatie prima tevreden was.

Door de jury van Oll Ommer werd kritisch gelet op gebruik van traditionele materialen zoals buxus, rozijntjes en kleine paaseitjes. Ook moet gebruikt gemaakt worden van een geschilde stok. Volgens de jury, bestaande uit Frouwke Doezeman, Gerrie Horsman en Aly Pot, lag het niveau van maken van de versierde zwaantjes dit keer erg hoog. Het versieren volgens traditie werd ook toegeschreven aan de informatie die door de organisatie vooraf aan de kinderen en hun ouders was verstrekt. Voordat de uitslag bekend gemaakt werd maakten de deelnemers met hun zwaantje op stok eerst nog een lange ronde door Ommen. Dit onder begeleiding van de muzikanten van Soli Deo Gloria uit Ommen. De kinderen, ondersteund door hun ouders of grootouders, hadden er goed de gang in. De weersomstandigheden met een mager zonnetje waren ook prima.

De Palmpasenoptocht voor de kinderen wordt in ere gehouden door de Gemienschop van Oll Ommer, een vereniging die zich inzet om Ommer tradities overeind te houden. Palmpasen is van oorsprong een christelijk feest, waarbij de palmtak verwijst naar de palmbladeren die de Joden neerlegden bij de intocht van Jezus in Jeruzalem. De palmtak is een kruis van twee dunnen stokken die aan elkaar worden vastgemaakt. Lees verder Wouter Vosjan winnaar van de Palmpasenoptocht in Ommen

Jade Brinkhuis tweede bij Junior Dictee Overijssel

Jade Brinkhuis van de Guido de Bresschool in Ommen is maandag 7 april in het ZINiN theater in Nijverdal tweede geworden in de provinciale finale van het Junior Dictee Overijssel.

Met zeven gemaakte fouten eindigde ze nipt achter winnaar Christiaan Tromop uit Holten. Samen met haar klasgenoot Matthijs van der Bent vertegenwoordigde Jade de gemeente Ommen in deze pittige eindstrijd. Wat te denken van een zin als Zodra je vliegtuig begint te taxiën, betreedt een hooggehakte stewardess in een nauwsluitende blazer het gangpad voor een veiligheidsdemonstratie. Drukcabines, crashhouding, koningspinguïns en begroeiing vormden lelijke struikelblokken voor de tweeëntwintig deelnemers uit de hele provincie. Derde eindigde Jada Hodge uit Enschede.

De door kinderboekenschrijfster Tosca Menten geschreven tekst vergde uiterste concentratie van de schrijvende kinderen, na goed drie kwartier legden ze met een zucht van verlichting hun pennen neer. Het dictee werd nagekeken door een jury onder leiding van oud-gedeputeerde Jan Kristen en docent Alfons Lipman. De jury was zeer tevreden over de spellingskwaliteiten van de deelnemers die gemiddeld vijftien fouten hadden gemaakt.

De uitslag:
1. Christian Tromop van de Regenboog uit Holten met 6 fout
2. Jade Brinkhuis van de Guido de Bresschool uit Ommen met 7 fout
3. Jada Hodge van De Averbeke uit Enschede met 10 fout

De organisatie van het Junior Dictee is in handen van de gezamenlijke Bibliotheken Overijssel. Meer informatie is te vinden op de website van Junior Dictee Overijssel.

Bron: Bibliotheek Ommen – 8 april 2014

Verslag historische wandeling van De Darde Klokke in Kampen

Kampen/Ommen- Medewerkers van De Darde Klokke in Ommen hebben zaterdag 5 april een historische wandeling gemaakt door de stad Kampen.

 De Darde Klokke medewerkers in Kampen.
Foto: Hans Steen (meer foto’s op pagina 2)

In de Oudestraat werd in een oude sigarenfabriek koffie gedronken. Deze zaterdag was tevens een kunstroute uitgezet, zodat in de binnenstad van Kampen ook enkele woningen uit de middeleeuwen bezocht konden worden. Zelfs was er een bewoner die zijn huis open had gesteld, zodat het gezelschap uit Ommen zo in eens gezeten was in de woonkamer van een Kampenaar. Harry Woertink had de route uitgezet en vertelde daar waar nodig ook over de geschiedenis van de bezienswaardigheden. Tussen de middag was er een lunch in een oud pand aan de Plantage. Daarna volgde de wandeling door de stad met onder andere een bezoek aan museum de Stadsboerderij in de Groenestraat, waar te zien was hoe koeboeren zich in de stad stand wist te houden en het beeld van Kampen lange tijd bepaalden.

Tijdens de excursie bleek dat het Hanzeverleden van de cultuurhistorische stad Kampen overal in de stad nog terug is te vinden. Meer dan 500 monumentale panden, bijzondere gevels en drie van de oorspronkelijk 20 stadspoorten zijn de historische overblijfselen uit de gouden tijden van de stad. Geloof is van oudsher zeer aanwezig in Kampen. Tot aan de reformatie was Kampen een rooms katholieke stad. Er waren grote kerken en kloosters in de oude binnenstad. Na de reformatie werd Kampen protestant en er vestigden zich twee theologische universiteiten. Eén daarvan heeft in 2012 Kampen verlaten. In het centrum bevinden zich 11 kerken van de totaal 32 geloofsgemeenschappen die Kampen telt. Bekende jaarlijkse evenementen in Kampen zijn in het Paasweekeind Sail Kampen, in de zomer de Kamper Ui(t)dagen en Kerst in oud Kampen.

1. IJsselbrug
De nieuwe brug over de IJssel, met de gouden wielen, verving in 1998 de oude brug over de IJssel, die versleten was en ook niet langer voldeed aan de eisen van de scheepvaart. Uitgangspunt van de gemeente Kampen was een brug ontwerp met een eigentijdse vorm, die echter rekening diende te houden met het beschermde, monumentale stadsgezicht van de historische binnenstad. Uit oogpunt van veiligheid en stedelijke inpassing is gekozen voor een lage hefbrug met aan weerszijden verlaagde voetgangerspaden. Tussen voet- en fietspad is een glazen windscherm aangebracht. De brug heeft 4 stalen heftorens. De toppen van de heftorens buigen naar elkaar toe en dragen de as van de evenwichtswielen. De wielen zijn bekleed met bladgoud. Lees verder Verslag historische wandeling van De Darde Klokke in Kampen

Nieuw project voor basisscholen in Ommen: Oorlog dichtbij

OMMEN – “Oorlog dichtbij” is een nieuw project voor basisscholen in Ommen.

  Aan de hand van materiaal in het museum vertelde museummedewerker Kees Wolfert ook zijn eigen oorlogservaringen als kind.
Foto’s: Harry Woertink

Een deel van de lessen over de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog speelt zich af in het Ommer Streekmuseum. Aan de hand van materiaal in het museum vertelde museummedewerker Kees Wolfert maandagmiddag 31 maart 2014 ook zijn eigen oorlogservaringen als kind. Het leverde hem een aandachtig gehoor op bij de kinderen van groep 6 van de school De Kardoen. Het was tevens de aftrap van het oorlogsproject. De scholieren werd verteld over het verzet in de Ommer buurtschap Stegeren dat als droppingsveld werd gebruikt door de Engelsen.

In het museum hangt een parachute uit de oorlog waarvan een wit zijden trouwjurk is gemaakt. Veel indruk maakte ook de geschiedenis over het Duitse gevangenkamp Erika dat tijdens de WO 2 op de Besthmenerberg was gevestigd. Vier weken lang gaan de kinderen van groep vijf tot en met acht met het thema aan het werk. Het is de bedoeling dat volgend schooljaar een groot aantal basisscholen in Ommen zal volgen. Streekmuseum Ommen en Bibliotheek Ommen zijn participanten in dit project dat met landelijke en provinciale subsidie tot stand is gekomen.

Bron: Harry Woertink – 31 maart 2014

Cultuur-educatief Project ‘Oorlog dicht bij huis’ van start in Ommen

Maandag 31 maart is de kick-off van het project ‘Oorlog dicht bij huis’ dat in het kader van cultuureducatie met kwaliteit voor de scholen in de gemeente Ommen is gemaakt.

 Een foto van verzetsstrijder Jan Hendrik Seigers, als jongeman in WOII en op latere leeftijd.
Foto: OudOmmen

Een al onder dezelfde naam bestaand project is door Bureau Tetem uit Enschede verder uitgewerkt en verdiept tot een doorgaande leerlijn voor de bovenbouw van de basisschool. Pilotschool CBS De Kardoen gaat als eerste van start met het lessenpakket dat speciaal voor Ommen is geschreven. Vier weken lang gaan de kinderen van groep vijf tot en met acht met het thema aan het werk. Het is de bedoeling dat volgend schooljaar een groot aantal basisscholen in Ommen zal volgen. Streekmuseum Ommen en Bibliotheek Ommen zijn participanten in dit project dat met landelijke en provinciale subsidie tot stand is gekomen.

Erfgoed
Doel van het project ‘Oorlog dicht bij huis’ is om het onderwerp erfgoed en het thema oorlog dichterbij de belevingswereld van kinderen te brengen door hen de lesinhoud te laten ervaren en beleven door middel van thematisch werken met verschillende disciplines van kunstzinnige oriëntatie. Zo gaan de kinderen van groep zes informatie vergaren over verzetsrijders in Ommen om vervolgens aan de hand van een familiepaspoort van de desbetreffende persoon een familieportret te maken. Voor groep zeven staat Kamp Erica centraal. Aan de hand van verhalen van overlevenden, afbeeldingen en voorwerpen maken zij een maquette van dit interneringskamp. Het project wordt aangevuld met algemene informatie over WOII waardoor de leerlingen in Ommen de historische gebeurtenissen in hun stad in een groter geheel kunnen plaatsen.

Kees Wolfert
In het Streekmuseum Ommen zal museummedewerker Kees Wolfert samen met de leerlingen van groep zes van De Kardoen de aftrap verrichten. Kees Wolfert was in de Tweede Wereldoorlog van dezelfde leeftijd als de leerlingen van groep zes nu. Met hen wil hij zijn ervaringen delen, vertellen over de oorlogsjaren. Ondanks de spanning die de oorlog meebracht de mooiste tijd van zijn leven. De aftrap vindt maandag 31 maart om 14.30 uur plaats in het Streekmuseum, Den Oordt 7 in Ommen.

Bron: Bibliotheek Ommen – 27 maart 2014

Geschiedenis van de parken Reggewold en Uniek, en camping Laarbrug – Deel 2

Kamp ‘Laarbrug’, genoemd naar de brug met dezelfde naam over rivier de Regge, gelegen tussen het Laarbos en Vilsteren, is in 1942 uit de grond gestampt als werkkamp om in de oorlogsjaren onderdak te bieden aan een afdeling van de Nederlandse Arbeidsdienst (NAD).

 In 1951 veranderde de naam kamp Laarbrug in woonoord Laarbrug om tot 1966 Zuid Molukkers ‘tijdelijk’ te huisvesten.
Foto: Harry Woertink

Van kamp tot camping
Kort na het einde van de Tweede Wereldoorlog was Laarbrug vijf maanden een interneringskamp. Daarna heeft het ruim een jaar dienst gedaan als sportschool voor militairen. In 1949 bood Laarbrug tijdelijke woonruimte aan dakloze gezinnen. In 1951 veranderde de naam kamp Laarbrug in woonoord Laarbrug om tot 1966 Zuid Molukkers ‘tijdelijk’ te huisvesten. Na hun vertrek kwam Laarbrug leeg te staan. De houten barakken werden verkocht aan Ommenaar A. Vos, die ook het opstalrecht verkreeg. De eigendom van de ondergrond bleef bij Landgoed Vilsteren. Op 23 juni 1969 werd een planologische bestemmingsplanwijziging doorgevoerd: van kamp tot camping. Het terrein met de opstallen werd toen als camping verhuurd, tot dat Henk Langezaal zich aandiende en op 10 oktober 1969 eigenaar werd van de opstallen om samen met zijn vrouw en kinderen camping Laarbrug te beginnen.

NAD-kamp
In 1930 had Nederland ongeveer 100.000 werklozen en in de jaren daarna vervijfvoudigde dit aantal. De Nederlandse regering startte met werkverschaffingsprojecten. Voor de oorlog kwamen er op diverse plaatsen, vooral het noordoosten van ons land, speciale werkkampen. Deze kampen werden opgericht om mannen zonder werk, die veelal uit het westen van het land kwamen toch aan werk te kunnen helpen. Deze kampen werden Rijkswerkkampen genoemd. Ook in Ommen was nuttig werk te doen. Er waren rondom Ommen genoeg heidevelden die ontgonnen moesten worden tot landbouwgronden. De gemeente Ommen maakte dankbaar gebruik van de door de overheid gesubsidieerde werkverschaffingsprojecten. Op de hoek van de Balkerweg/Emslandweg stond tussen 1938 en 1942 het Rijkwerkkamp Alteveer. Werklozen plantten hier nieuwe bossen aan en legden wegen aan. Gelijksoortige werkkampen kwamen er in Arriën, Eerde en Junne. Lees verder Geschiedenis van de parken Reggewold en Uniek, en camping Laarbrug – Deel 2

Wethouder Scheele opent Taalpunt Ommen

Op donderdag 27 maart opent wethouder Scheele in de Bibliotheek aan de Chevalleraustraat het Taalpunt Ommen.

Samen met Aart Kleijer van de Stichting Lezen & Schrijven en bibliotheekdirecteur Frederique Westera opent hij deze unieke plek in Ommen waar iedereen die de Nederlandse taal beter wil gaan beheersen terecht kan. Een plek voor mensen die beter willen leren lezen of schrijven en voor anderstaligen. Het Taalpunt is een initiatief van de Stichting Lezen & Schrijven en de Bibliotheek Ommen en maakt onderdeel uit van de gemeentelijke aanpak in de bestrijding van laaggeletterdheid.

Taalcoördinator
Een professionele taalcoördinator en enthousiaste vrijwilligers staan vanaf donderdag klaar om de bezoekers van het Taalpunt uit te leggen welke materialen aanwezig zijn en bieden de nodige begeleiding. Het Taalpunt geeft een goed overzicht van al het taalaanbod in de gemeente zodat voor iedereen een passende oplossing kan worden gevonden. Jannet Enoch is de taalcoördinator in Ommen, zij is elke donderdagmiddag en om de week op woensdagavond aanwezig in het Ommer Taalpunt.

Vraag en aanbod
Het Taalpunt wordt de plek waar vraag en aanbod op het gebied van laaggeletterdheid worden samengebracht. Naast advies vanuit het Taalpunt biedt de Bibliotheek in dit kader ook een collectie boeken en andere materialen aan. Iedereen kan daar tijdens de openingsuren in de Bibliotheek gebruik van maken, lenen kan alleen met een geldig bibliotheekabonnement. De opening vindt plaats om 9.30 uur en is voor iedereen toegankelijk.
Bron: Bibliotheek Ommen – 21 maart 2014