De zuidkant van de Vechtbrug in Ommen was tot 1900 nog weinig bebouwd.
De voormalige koetsierswoning van buitengoed Moesbergen na de verbouwing in 1908, eerst voorzien van een trapgeveltje die later verdween voor de bouw van een etage op het huis. Klik hier voor het fotoalbum: “Buitengoed Moesbergen“.
Sloop
Aan de Voorbrug stonden slechts enkele woningen. Verder waren er tapperijen en logementen, onder anderen logement Engbertus Mensink, tegenwoordig hotel De Zon. Een bakkerij, een schoenmaker, een kuiper, een schilder en een smederij. Opmerkelijk was het zogeheten buitenverblijf Moesbergen, gelegen op een bebost terrein tussen de huidige Stationsweg en de Wilhelminastraat met boomgaard, tuin en weilanden. De toegang was vanaf de Zeesserweg, waar een pad met een boogje voor de ingang van de woning liep.
Beroepen van vroeger van mensen ten dienste van de stad. In deze vervolgserie belichten we hun taak en bijzonderheden. In deel 3, de gemeentegeneesheer.
1902. Dokter Carel Johan Warnsinck met paard en rijtuig op weg naar een patiënt. Voor het paard staat stalknecht R. Bosscher. Verder op de foto een broer van de dokter, die zijn praktijk wel eens waarnam. In het wagentje dokter Warnsinck met zijn dochter. In de deuropening kijkt mevrouw P.H. Warnsinck-Bouwmeester toe.
De geneeskunde verkeerde in de 19e eeuw op het platteland in primitieve staat. Voor veel ziekten en kwalen gebruikte men huismiddelen, die van ouder op ouder werden aangeprezen. Ook de reizende kwakzalver, die op de Bissingh en andere markten kwam had voor veel kwalen een heilzaam middel.
Vereniging de Ommerschans organiseert ook dit jaar rondwandelingen met gids in Ommerschans. Wandel je ook mee?
2019. Wandelen op de Ommerschans en luisteren naar een bewogen geschiedenis.
Bedelaarskolonie Tijdens de anderhalf durende wandeling vertelt de gids over de geschiedenis van het gebied. Met onder meer verhalen over het zwaard van Ommerschans (dat te zien is in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden), de muiterij op de schans, de overval door de patriotten. Ook wordt er veel aandacht besteed aan de ruim 700 ha grote straf-en bedelaarskolonie Ommerschans. De gids vertelt ook over de geschiedenis van CTP Veldzicht in Balkbrug die zijn oorsprong vindt in de kolonie Ommerschans. Hoor hoe het dorp Balkbrug onlosmakelijk verbonden is met Ommerschans.
De start van de rondwandeling is om 14.00 uur op de parkeerplaats, bij het kanon, in hartje Ommerschans. Vooraf aanmelden via info@ommerschans.nl. of 06-13629524
De kosten zijn 5 euro per persoon (er is geen mogelijkheid om te pinnen). Basisschoolleerlingen en leden van de vereniging wandelen gratis mee.
De datums van de rondwandelingen zijn: 25 Januari 2026, 22 februari 2026, 29 maart 2026, 26 april 2026, 31 mei 2026, 28 juni 2026, 26 juli 2026, 30 augustus 2026, 27 september 2026. 25 oktober 2026 en 29 november 2026.
Beroepen van vroeger van mensen ten dienste van de stad. In deze vervolgserie belichten we hun taak en bijzonderheden. Dit is deel 2, de stadsklokkenluider.
1979. Stadsklokkenluider Hans Visscher (rechts op laarzen) met twee van zijn hulpen Gait Wunnink (midden) en Mans Kothuis (link) voor het klokkenhuis aan Kerkplein 2.
Over hun bossen en velden langs de Vecht hebben de oude klokken van Ommen eeuwenlang hun stem doen horen. Bij het luiden kantelt de luidklok aan een as en doordat de klepel stil hangt, komt de klok tegen de klepel aan. De klok kantelt vervolgens terug en de andere zijde van de klok komt tegen de klepel. Zij riepen de landman terug van de akker, wanneer het middag en dus etenstijd was. Zij werden geluid als er brand was uitgebroken en de inwoners elkaar hulp en bijstand moesten bieden. In oude tijden werd des avonds om negen uur door het Ave-Maria kleppen bekend gemaakt, dat de poorten zouden worden gesloten en dat het tijd werd voor de avondmaaltijd. Daarom kreeg deze klok de naam van ‘brijklok’.
De stadsklokkenluider, de stadsomroeper, de stadswaagmeester, de stadsuurwerkmaker, de stadsdienaar, de nachtwacht en de lantaarnopsteker.
1928. In dit pand op de hoek Vrijthof/Kruisstraat was de bakkerij van de familie Lemmers gevestigd met de stadswaag. (tegenwoordig Kringloopwinkel). Op de foto een beer aan de ketting met twee ‘berentemmers’ (zigeuners getooid met hoed) die rondtrekken om de beer kunstjes te laten doen en aan het publiek om een bijdrage vragen. Een marechaussee (rechts) is in gesprek met een van deze mannen. Ook 2 militairen kijken mee.
Beroepen van vroeger van mensen ten dienste van de stad. In deze vervolgserie belichten we hun taak en bijzonderheden.
Dit is deel 1 over de stadswaagmeester. Vroeger maakten de boeren zelf boter van de melk en verkochten dat op de wekelijks botermarkt annex eiermarkt. Om te kunnen handelen moest vooraf het juiste gewicht bepaald worden. Dat was het werk van de stadswaagmeester. Het wegen gebeurde op grote weegschalen met balansen, schalen en gewichten.
Stadsrechten
In 1857 voerde de Stad Ommen een stadswaag in. Het recht op een waag was een van de stadsrechten. Handelaren werden verplicht producten zoals kaas en boter door de stadswaagmeester te laten wegen. Een waag bevorderde de eerlijke handel, want de gewichten waren officieel vastgesteld.
De eerste stadswaagmeester die werd benoemd en beëdigd door de stad was Roelof van Aalderen, een gepensioneerde belastingambtenaar, die aan de Schapenmarkt woonde, het tegenwoordige Vrijthof. Hij had thuis ruimte om de waag te stallen. Bij markten ging de waag dan naar buiten, soms hangend aan één van de lindenbomen rondom het plein.
Accijns op wegen
De stad hief waaggeld, een soort accijns op het wegen. Het laten wegen van boter kostte voor een vat 10 cent. Voor andere voorwerpen beneden de 50 kg moest 5 cent betaald worden, dat naar boven opliep met een maximum van 35 cent voor zaken boven de 100 kg.
Op 1 januari 1874 werd Van Aalderen als stadswaagmeester opgevolgd door bakker Hermanus Lemmers, die op de hoek van de Schapenmarkt en Kruisstraat een bakkerij en kruidenierswinkel had. Zoon Hendrik Jan Lemmers, eveneens bakker, volgde zijn vader op in 1888 als stadswaagmeester, op dat moment werd ook een wekelijkse botermarkt ingesteld.
Boterfabriek
Er was nog maar weinig te wegen voor de stadswaagmeester toen eind 1800 de vanuit de boerderij ontstane zuivelbereiding overgenomen werd door fabrieken. Boter werd bijna niet meer verhandeld op de botermarkt. De melk ging immers vanaf toen rechtstreeks naar een boterfabriekje, in 1897 ontstaan aan de Hammerweg. Dit boterfabriekje zou later uitgroeien tot de coöperatieve zuivelfabriek De Vechtstreek.
Einde
In 1925 werd de officiële functie van stadswaagmeester opgeheven. Nog lange tijd daarna waren de haken nog zichtbaar in de bomen op het Vrijthof waaraan de schalen en gewichten gehangen hadden. Een speciale waaggebouw heeft Ommen nooit gehad. Sommige cafés hielden er ook een waag op na, waar café Kouwen aan de Markt de laatste was met een waaginrichting voor het wegen van varkens.
In een volgend deel meer over een oud beroep ten dienste van de stad.
Tekst: Harry Woertink – Foto: collectie OudOmmen.nl
Op 12 januari wordt begonnen met de herinrichting van de Varsenerstraat.
Varsenerstraat van boven (foto uit de brochure van de gemeente Ommen/Van Gelder)
Stadscentrum Gas- en waterleidingen worden verwijderd uit de straat en maken plaats voor een nieuwe gasleiding in het trottoir. Daarnaast wordt een nieuw riool aangelegd. De herinrichting van de Varsenerstraat maakt deel uit van een omvangrijker plan om het stadscentrum aantrekkelijker, veiliger en toekomstbestending te maken. De werkzaamheden duren naar verwachting tot en met juni 2026.
De bewoners zelf realiseren het zich amper, maar Ommen was ooit een mekka voor spirituele zoekers. Uit de hele wereld stroomden mensen naar die groene stip in het Vechtdal om er een nieuwe wereldleraar, zeg maar een nieuwe Jezus, te ontmoeten.
Krishnamurti
Besthmenerberg Het lijkt nog altijd onwerkelijk dat die mensen, afkomstig uit de hele wereld, juist in het oosten van Nederland hun grote idealen vorm wilden geven. Notabene onder leiding van een uit India afkomstige man, Jiddu Krishnamurti (1895-1986), die in hun ogen de messias was. En het lijkt wel heel erg lang geleden dat er een grote wijsgeer rondliep in het Vechtdal. Er werd in die prachtige natuur daar door duizenden mensen uit vijftig verschillende landen gezongen, gemediteerd en gefilosofeerd over een betere wereld. En er werd ook flink gebouwd op het immens grote terrein op de Besthmenerberg, behorend tot het landgoed Eerde, door en voor de nieuwe gemeenschap. Experimenteel vormgegeven gebouwen, waaronder een ziekenhuis, een bank en een postkantoor zijn er uit de grond gestampt.
Hans Vroomen stopt na acht jaar als burgemeester van Ommen.
Hans Vroomen stopt als burgemeester van Ommen.
Nieuwe gemeenteraad Tijdens de nieuwjaarsontmoeting van de gemeente Ommen op donderdag 8 januari heeft Hans Vroomen bekendgemaakt dat hij op 10 april 2026 stopt als burgemeester. Hij heeft die rol dan acht jaar vervuld. Hans Vroomen (63) werd op 18 december 2017 burgemeester van Ommen. In december 2023 begon hij aan zijn tweede termijn. Het is voor Vroomen een bewuste keuze om in april van dit jaar te stoppen als burgervader: “Daarmee kan ik de gemeenteraadsverkiezingen in maart goed begeleiden en de nieuwe raad nog installeren. Daarna start een nieuwe raadsperiode. Een goed moment om mijn taken over te dragen.”
De vele droge sneeuw heeft de Lemelerberg, waarvan de hellingen gelegenheid bieden om anderhalve kilometer lange afdalingen te maken, tot een prachtig centrum voor skiliefhebbers gemaakt.
Skiën op de Lemelerberg
Wintersport Uit de krant van 25 januari 1963. “Dat januari de meest voordelige maand is om naar de wintersport te gaan, de échte wintersport in de Alpen en de Dolomieten en het Zwarte Woud, is voldoende bekend. Maar het is even bekend, dat een wintersportvakantie, zelfs in januari, een vrij prijzige affaire blijft. Nu zoudt u zich, om aan dat bezwaar te ontkomen, kunnen voegen bij de kleine schare enthousiaste skiërs, die regelmatig de koene afdaling van de Beabuorster Terp bij Tjerkwerd onderneemt, maar met alle respekt voor die wintersporters: het is toch niet helemaal je dat. Veel dichter kunt u de wintersport-werkelijkheid benaderen op de Lemelerberg, tussen Ommen en Hellendoorn, waar nu een heus Nederlands skicentrum is gevestigd.
“OMMEN (ANP) —Op de Lemelerberg te Ommen ligt een flink pak sneeuw. De grootste dikte is zelfs 50 cm, zodat het bij uitstek geschikt is om er te skieën, zo deelt de VVV te Ommen mede”, aldus een bericht die in verschillende kranten van begin 1958 te lezen is.
Situatie-schets van het natuurreservaat park 1813 op de Lemelerberg, uitgegeven door Hotel-Restaurant De Lemelerberg eind jaren 50.
Afb.: Harry Woertink
Bij besneeuwde hellingen kan er op de bijna 80 meter hoge Lemelerberg prima worden geskied, gelanglauft of worden gesleed. Ook zijn er regelmatig skiwedstrijden. Hoewel het berglandschap er maar miniatuur is, is de belangstelling voor dit Nederlandse wintersportgebeuren groot, zowel van deelnemers als kijkers.
Condities zijn reusachtig
Hotel-café-restaurant De Lemelerberg staat er sinds 1932. Eerst gelegen aan de zandweg met de naam Koningin Wilhelminalaan en later na verharding van de weg met het adres Kerkweg 32. Zomerdag een geliefd plekje voor ontspanning. In die tijd kon je hier zelfs overnachten. Zomers stopten fietsers en wandelaars voor een versnapering en in de winter sinds 1948 kwamen de eerste skiërs. In een folder van het hotel De Lemelerberg, waar Dirk Stegeman de scepter zwaait, worden belangstellenden opgeroepen om in de winter de besneeuwde Lemelerberg te bezoeken: “Met recht Neêrlands Zwitserland. Hét skicentrum van Nederland. De verwende reiziger weet dat bij dit alles een uitstekende maal, een parelende drank, een zacht bed en een internationale service op hem wachten in het onvolprezen hotel De Lemelerberg” aldus de tekst van de folder.
Met dikke letters kopt het dagblad Trouw op 31 december 1963: “De Lemelerberg: Nederlands paradijs voor wintersporten”. De krant vervolgt: “Door het prachtig besneeuwde landschap van de Overijsselse heuvelrug, maar speciaal op de Lemelerberg bij Ommen, glijden geruisloos de skiërs langs glooiingen omlaag. Donderdag viel er in het oosten van het land een flink pak sneeuw. Dat bedekte ook de beboste flanken van de Lemelerberg. Vrijdagmorgen verschenen de eerste winstersportliefhebbers al bij hotel de Lemelerberg, waar de heer Stegeman de skies al in de was had gezet.
„Vrijdag is het begonnen”, vertelde de heer Stegeman ons. “De condities voor het skiën zijn reusachtig. De ondergrond is hard en er ligt veel poedersneeuw”. De beheerder van hotel de Lemelerberg is tegen een grote stroom skiliefhebbers opgewassen: hij heeft ruim 300 paar skies gereed staan. Tegen betaling van een rijksdaalder mag men daarop drie uur lang over de prachtige bospaden van de Lemelerberg glijden. Of stumperen natuurlijk. Want hier komen veel beginnelingen. Zij die de grote steile en lange afdalingen in Zwitserland of Oostenrijk nog niet aandurven. Maar ook zij die straks nog van de wintersport gaan genieten en nu vast armen en benen los willen maken. Hier komen er ook tientallen die nog nooit op een paar lange latten door de sneeuw geschuifeld hebben. Zij vooral geven de besneeuwde hellingen een schilderachtig beeld. Soms steken er alleen nog kruiselings een paar heel erg lange latten boven de sneeuw uit. Hetgeen met hilariteit waar genomen wordt, zoals wij ondervonden.