In 1968 was het dat het Kerkplein in Ommen drastisch van aanzicht veranderde.

Kerkplein vóór 1968
Eiland
Het oude karakter van de binnenstad ging door sloop totaal verloren. Er moesten moderne zakenpanden komen achter de hervormde kerk, deels ook als vervanging van de drie winkelpanden die aan het begin van de Brugstraat gesloopt moesten worden voor verlegging en verbreding van de weg. De weg kwam van de zuidkant van het gemeentehuis aan de noordkant te liggen en zette het gemeentehuis als het ware op een eiland. De winkels die toen verhuisden naar het Kerkplein waren slagerij van Lohuizen en schoenhandel Van Kesteren. Horlogerie Van der Kolk trok naar een woonwijk en Dijks en Steen (later Hema) kon op de plek blijven zitten na bouwkundige aanpassingen van het winkelpand.
De bewoners rond de afbraak
Wat nu fietsmuseum is (en eerder van Kesteren) woonde in 1968 de familie Timmerman en daarnaast tijdschriftenbezorger Martend Makkinga. Voordat de steeg begint had je nog de woning van de familie Van Elburg-Meijerink. In de tuin was de woning van de familie Gort-Steen gebouwd, die via de Walstraat bereikbaar was.
Vrijthof
Links van het fietsmuseum, nu notariskantoor, stond eerder het gemeentehuis. Later werd het de woning van meester Oppedijk die aan de school op het Vrijthof verbonden was. Om de hoek, op het Vrijthof woonde schipper Hendrik van Elburg. Hij bouwde naast zijn ouderlijk huis een nieuw huis. Hendrik onderhield na eerst beurtschipper te zijn geweest een vrachtbedrijf. Toen dit stopte verkochten ze de beide huizen aan fotograaf Berend ter Haar, die Hendrik’s huis ging bewonen en in de andere zijn fotozaak begon. Later kwam daar een platenzaak en in de kelder een bar. Tot zover deel 1.
In deel 2 meer over de sloop van de Ommer binnenstad
Tekst: Harry Woertink – Foto’s: collectie OudOmmen.nl