De tweede dinsdag in juli: de Ommer Bissingh jaarmarkt.

Ommer Bissing 1921. De kachelpijp rookt op de Markt voor het Kantongerecht. De kinderen wachten op een warme oliebol bij de kraam van de familie Rotman. Een touwtje is gespannen om te voorkomen dat ze te dicht bij de frituur komen. Een groot deel van de in 1909 gebouwde Muziektent van Crescendo op de achtergrond.
Op de markt gilden de biggen
De tweede dinsdag in juli: de Ommer Bissingh jaarmarkt. De kranten schreven er vroeger uitgebreid over, zowel in de aanloop van de jaarmarkt als er na. Dit keer een verhaal uit 1939. Voor OudOmmen.nl voor nu de laatste serie over Ommen en de Bissingh, vroeger geschreven zonder de toevoeging van de ‘h ‘. Mooie Bissingh gewenst!
Bissing is de dag dat er zaken gedaan worden
De Stadsvoormarsch was één groote blanke oppervlakte. Zooveel kramen stonden er. De café’s zaten vol pratende en drinkende boeren, die er de gesloten koopen bezegelden of de vooruitzichten van het bedrijf bespraken en er hing daar tusschen menschen en dieren een scherpe baklucht, afkomstig van een vischkraam, waar bot gebakken werd in olie. En dan waren er de winkels en de kapperssalons, waarvan alle spiegels ingezeepte gezichten weerkaatsten, het notariskantoor en het gemeentehuis, waar menschen kwamen en gingen, want de bissing is van ouds de dag dat er zaken gedaan worden, groote en kleine. Dat is naar het uiterlijk de Ommerbissing. Een roezige drukke dag vol leven en geluiden en misschien daarom juist bissing genoemd. Over het ontstaan van dien naam zijn namelijk verschillende theorieën, maar een zeer verbreide is toch wel, dat bissen een oud Saksisch woord voor drukte is. Als de koeien des zomers hard door het land draven, zeggen de boeren, dat de dieren bissen. En zoo bissen de menschen op de Ommermarkt. Vandaar Ommerbissing. Hiermede zou ook het Engelsche business in verband staan. Hoe het echter ook is, de Ommer bissing is al zoo oud als Ommen zelf.
Druk bezocht
Reeds in het boek der stadswillekeuren in 1557 wordt melding gemaakt van de Ommerbissing, die een van de meest bezochte markten was in de geheele provincie. Zij werd op den tweeden Dinsdag in de maand Juli gehouden en op den volgenden Woensdag. Alle soorten van landbouwers-gereedschappen, linnen, vaatwerk, aardewerk en goud- en zilverwerk werden in groote menigte te koop aangeboden, zoodat de Stadsvoormarsch er mede bedekt was.
Huizen in herbergen herschapen
De meeste huizen waren dan in herbergen herschapen, omdat de gewone logementen de menigte vreemdelingen niet konden bergen. Weleer duurde de bissing slechts twee dagen, doch in 1830 is er tot het houden van de veemarkt een derde dag aan toegevoegd. Dit laatste is nu niet meer het geval, de Ommerbissing wordt traditioneel nog gehouden op den tweeden Dinsdag in Juli. Wel wordt traditiegetrouw de bissing nog ingeluid op den Maandagmorgen, voorafgaande aan den bissingdag, zooals dit ook dit jaar weer geschiedde. Vroeger was aan de bissing steeds een groote kermis verbonden, doch deze werd enkele jaren geleden „afgeschaft”. Slechts herinnerden mannen met gedresseerde apen gisteren nog aan die dagen van weleer. Met een groot bal, onder auspiciën van de club ,,’t Likt wel noatje”, werd de dag gisteren besloten.
Aanvoer vee
Op de Ommerbissing waren aangevoerd 204 paarden, 79 stuks groot rundvee en 18 stuks klein rundvee, benevens 1474 varkens, w.o. 882 biggen. De handel in paarden was vrij vlug, vooral voor goede werkpaarden werden flinke prijzen besteed. De rundveehandel was kalm met gelijke prijzen als vorige markten. De handel in varkens was goed met iets oploopende prijzen. 6-weeksche biggen golden f 16 a f 19; 8-weeksche biggen f 18 a f 22″.

Ommer Bissing 1937.

Ommer Bissing 1967 op de Voormars.
Tekst: Harry Woertink – Foto’s: collectie OudOmmen.nl