Toen de post nog post was

OMMEN – In uniform compleet met stropdas en pet. Een zwart uniform in de winter en in de zomer een vaal groen uniform.

 Deze foto is gemaakt in 1952 ter gelegenheid van het afscheid van postkantoordirecteur Aaldrik Klein. De namen staan verderop in dit artikel.
Zie voor meer materiaal van de PTT in Ommen het album “Markt 17 – Postkantoor”.

Het is bijna niet meer voor te stellen, maar zo kleedde zich vroeger een postbesteller van de PTT (Staatsbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie). En dan hebben we het over de jaren tot eind van de zestiger jaren toen de postbode behalve de postbezorging er ook voor zorgde dat in het buitengebied postwissels konden worden verzilverd. Vaak was dat het AOW-geld voor ouderen die toen nog niet over een bank- of girorekening beschikten. Bij de postbode kon je ook postzegels kopen of de post aan hem meegeven. Vaak waren dat voor de bestellers de koffieadresjes.

Eed
Een postbesteller mocht niet uit de school klappen van wat hij mogelijk las op briefkaarten of anders te weten kwam. Hiervoor moest aan het begin van de dienstbetrekking zelfs een eed worden afgelegd.

Alle correspondenties verliepen vroeger per post. Telefoons waren sporadisch. Telefoongesprekken liepen via de telefooncentrale op het postkantoor, waar de dames op de centrale voor de nodige doorschakeling zorgden.

De post kwam ’s morgensvroeg aan met de trein. De avond er voor was die al onderweg en in de trein gesorteerd. Elke morgen om kwart over vijf stond er een postbode klaar op het NS-station in Ommen om de postzakken in ontvangst te nemen om vervolgens op een bakfiets de postzakken naar het postkantoor aan de Markt te brengen. De postbode die in de wintermaanden dienst had meldde zich al tussen vier en vijf uur ’s morgens om de kachels in de verschillende vertrekken op te stoken.

Plichtsgevoel
In de sorteerzaal van het postkantoor werd de post verder gesorteerd op de wijken en buurtschappen. Om acht uur ’ s morgens stapte de postbode op de fiets om met volle tassen aan de wijkbestelling te beginnen. Bromfietsen – of zo als dat later het geval was, auto’s – om de post te bezorgen waren er niet. Koud of warm, storm of regen, het deerde de postbode niet. Ook niet als er tijdens strenge winters hoge sneeuwduinen lagen. De post moest en zou bezorgd worden. Het plichtsgevoel was groot!

Postkantoor
De post werd zes dagen in de week bezorgd. Zolang ook was de werkweek van een PTT-besteller. In de kom van Ommen werd tot begin van de zeventiger jaren ook ’s middags nog als een tweede bestelling post bezorgd van stukken die in de loop van de dag op het postkantoor waren gearriveerd. Het postkantoor aan de Markt werd gebouwd in 1907. Voor die tijd was het postkantoor aan de Kruisstraat gevestigd, maar werd daar te klein bevonden. De PTT bestaat niet meer. Het postkantoor in Ommen is gesloten en de bestellers van nu zijn elders ondergebracht. Op meerdere locaties wordt tegenwoordig gewerkt met balies zoals in boekwinkels om postzaken te kunnen doen.

 De foto is gemaakt in 1952 ter gelegenheid van het afscheid van postkantoordirecteur Aaldrik Klein. Voor het kantoor aan de Markt poseert hij hier samen met zijn gezin, de PTT-bestellers, de kantoormedewerkers, de telefonistes van de centrale en de schoonmaakster.

Foto v.l.n.r.
Voor: dhr. J. Upperman, telefoniste Truus van Elburg, Henk Klein, mevrouw Klein, Marietje Klein, Willem Smith en schoonmaakster Riek Schuurman.

Midden: Lex Sprik, Jan Naarding, Wim Smith, de partner van Marietje Klein, Jan Bolks, telefoniste Jansje Hellwich, Jan Willem Oldeman, directeur Aaldrik Klein, Gerard Horsman, telefoniste Bonna van Elburg, Henk Steen, dhr. Boezen, Herman Koggel, Gerard Koggel en Gerrit Hendrik Woertink.

Achter: Herman Doosje, dhr. Luttekes (met decoratie), telegrambesteller Gerrit Stegeman (16 jaar), Henk Luttekes, Hein Sprik, Mans Steen, dhr. Sprik, Bram Sybesma en dhr. Tusveld.

Tekst: Harry Woertink –  Foto: collectie OudOmmen.nl

2 gedachten over “Toen de post nog post was

  1. Erg leuk om oude foto’s weer te zien, en vooral leuk als je eigen pa er op ziet staan.Ik weet nog als het heel hard regende, hij een grote donkere cape droeg, die wou ik dan om maar die was zo zwaar dat ging gewoon niet.En als het heel hard vroor, en hij de boer opmoest hij bij thuiskomst eerst voor de kachel moest gaan zitten omdat de knoopsluiting bevroren was. ( Wat een tijd)

    Like

Geef een reactie op Geeske Spijkers- Woertink Reactie annuleren