-
1873 – Verpachtingen gemeente-eigendommen
In de jaren 1872 en 1873 wordt een gelijk aantal [redactie: zie “1871 – Verpachtingen gemeente-eigendommen“] koe– en kalverweiden verpacht.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova
-
1873 – Uitgaande stukken Ambt Hardenberg
- 08-09-1873 – Ambtenaar van het Openbaar Ministier ten Kantongerechte Ommen
Hierbij heb ik de eer U te doen toekomen een proces-verbaal opgemaakt door de onbezoldigde rijksveldwachter H. Buddenberg, tegen Jan Brandt, wonende in het Beerzerveld, gemeente Ambt Ommen, wegens het doen weiden van schapen op gronden toebehorende aan de Overijsselse Kanaalmaatschappij.
- 02-07-1873 – Militiecommissaris in Overijssel
Heden vervoegde zich bij mij de persoon Jacobus Hubertus Hendriks, milicien verlofganger der lichting 1870, uit de gemeente Bergeijk, provincie Noord-Brabant, onder vertoon van bijgaande brief. Genoemde verlofganger is den 16 april jl. naar deze gemeente vertrokken uit de gemeente Zuid-Schrawoude en heeft zich op den 14 mei jl. alhier aangemeld en is op dien dag in het register van verlofgangers alhier ingeschreven, waarvan onmiddellijk aan de burgemeester van gemelde gemeente, bij brief van 14 mei jl. nr. 189 is kennis gegeven. Daar gemelde verlofganger het onderzoek op den 7 juni jl. te Ommen heeft bijgewoond, neem ik de vrijheid U in zijn belang beleefd te verzoeken, daarvan een bewijs aan mij te willen doen toekomen of den heer militiecommissaris in Noord-Brabant er van in kennis te willen stellen.
- 19-06-1873 – Officier van Justitie te Deventer
Het mij toegezonden bevel om zich in hechtenis te begeven, heb ik den betrekkelijke Kars Bruins gisteren uitgereikt. Hedenmorgen vervoegde hij zich ter secretarie met het verzoek of ik bij U pogingen wilde aanwenden ten eersten dat hem tot het ondergaan der straf uitstel werd gegeven tot in het laatst der volgende week, en ten tweeden dat hem vergund worde de straf te Ommen te ondergaan. Bruins heeft nog kleine kinderen en zoude hij gaarne maatregelen nemen opdat die gedurende zijne afwezigheid verzorgd werden. Hij is weduwnaar. Mag ik U beleefd verzoeken mij te willen inlichten of het verzoek van Bruins voor inwilliging vatbaar is.
- 03-02-1873 – B&W van Ambt Ommen
In antwoord op Uw missive d.d. 29 januari jl. nr. 19, hebben wij de eer mede te delen dat ook wij van gevoelen zijn dat er tussen de gemeenten Ambt Ommen en Ambt Hardenberg behoorlijke aansluiting van grenzen bestaat.
- 08-09-1873 – Ambtenaar van het Openbaar Ministier ten Kantongerechte Ommen
-
1872 – Verpachtingen gemeente-eigendommen
In de jaren 1872 en 1873 wordt een gelijk aantal [redactie: zie “1871 – Verpachtingen gemeente-eigendommen“] koe– en kalverweiden verpacht.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova
-
1872 – Uitgaande stukken Ambt Hardenberg
- 24-07-1872 – Burgemeester te Ommen
Hierbij heb ik de eer U te doen toekomen 4 stuks kennisgevingen tot opkomst onder de wapenen van de navolgende miliciens – verlofgangers uit deze gemeente, verblijf houdende in uwwe gemeente als
C. Bouwhuis te Stad Ommen,
J. Eggink te Ambt Ommen,
J.H, Kampman te Ambt Ommen,
P. Bosch te Ambt Ommen,
met verzoek dezelve aan den belanghebbende te willen doen uitreiken.
- 15-07-1872 – Ambtenaar van het Openbaar Ministerie te Ommen
Hiernevens heb ik de eer U te doen toekomen een proces-verbaal opgemaakt door den tolgaarder Engbert Rutger van Faassen, tegen Hendrik Peters te Emlenkamp of Emlichheim (Pruissen), wegens ontduiking van tolgelden op den weg van Hardenbergh naar Ommen.
- 15-07-1872 – Burgemeester van Avereest
Ik geef U bij deze kennis dat de verlofganger uit Uwe gemeente, Berend de Hoop, der ligting 1870, op den 9e maart jl. mij heeft kenbaar gemaakt dat hij de gemeente wilde verlaten, met het voornemen zich in de gemeente Ambt Ommen te vestigen, alwaar hij zich, volgens ontvangen berigt op den 28e maart 1872 heeft gevestigd.
- 14-06-1872 – Ambtenaar van het Openbaar Ministerie ten Kantongerechte Ommen
Hierbij heb ik de eer U te doen toekomen een proces-verbaal door mij opgemaakt ten verzoeke van de weduwe H. Hamhuis Azn, pachtster van de bruggentol gelegen in den weg van Ommen naar Hardenbergh, wegens weigering van het betalen der tol door Seije de Jager, wonende te Meppel, van beroep stukadoor.
- 23-05-1872 – Commissaris des Konings
Militie.
In voldoening aan Uw besluit d.d. 13 april jl., 4e afd., nr. 1176/989 heb ik de eer mede te deelen:
a. dat de verzameling der manschappen plaats heeft voor het gemeentehuis alhier en vervolgens met die van Stad Hardenberg en Gramsbergen worden overgebragt naar Ommen onder geleide van den burgemeester van Stad Hardenbergh;
b. dat in de gemeente Stad Ommen huisvesting met voeding wordt genoten van waar zij den volgenden dag onder geleide van den burgemeester aldaar naar Zwolle worden overgebragt;
c. dat het verzamelen, geleiden en overbrengen steeds op voormelde wijze is geschied;
d. dat naar mijne meening het verzamelen, overbrengen en geleiden ook voortaan niet doelmatiger kan plaats hebben, aangezien de gemeente te ver van de spoorwegen verwijderd is.
- 10-01-1872 – Procureur-generaal bij het provinciaal geregtshof te Zwolle
Zekere Gerritdina van Tebberen, huisvrouw van Klaas Vredeveld, wonende in deze gemeente, in den loop des vorigen jaars door het provinciaal geregtshof veroordeeld tot eene gevangenisstraf van 14 dagen, deed ik voor eenige dagen door tusschenkomst van den rijksveldwachter Schut alhier een bevel uitreiken om zich te Ommen in hechtenis te begeven ten einde hare straf te ondergaan.
Volgens het rapport van den gezegden rijksveldwachter Schut was G. van Tebberen uit hoofde van zware ziekte buiten staat om aan het bevel gevolg te geven en heb ik de eer U zulks te berigten met het verzoek haar uitstel te willen verleenen tot het ondergaan harer straf.
- 24-07-1872 – Burgemeester te Ommen
-
1871 – Verpachtingen gemeente-eigendommen
In 1871 worden 160 koe- en 60 kalverweiden verpacht voor resp. f820,80 en f1209,-.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova
-
1871 – Ingekomen stukken Ambt-Ommen
- 28 juni:
Door enige beambten van de Overijsselse Beetwortelsuikerfabriek te Lemele is opgericht een vereniging tot oefening in den wapenhandel en in het schieten naar den schijf.
Daartoe is op het terrein van de boerderij Eersteling een schietbaan afgebakend en aan het einde daarvan een kogelvanger opgeworpen van minstens gelijke afmetingen, als vanwege het Min. van Oorlog bij reglement zijn voorgeschreven.
De vereniging is voornemens om de oefeningen in het schijfschieten onder nadere goedkeuring gedurende de zomermaanden te doen plaats vinden op zondags voor de middag van 10-12 uur en des woensdagsnamiddags van 6-8 uur.
Tot het voorkomen van ongelukken zal door één der commissarissen van onze vereniging de surveillance op het schijfschieten zelve worden uitgeoefend, terwijl aan een der onbezoldigde rijksveldwachters in dienst der Overijsselse Beetwortelsuikerfabriek zal worden opgedragen te zorgen, dat niemand van ter zijde de schietbaan nadert. Ten teken dat er schijf wordt geschoten zal in de nabijheid van de kogelvanger een grote rode vlag worden gehesen. Achter de kogelvanger in de richting van de schietbaan bevinden zicht geen woningen en strekt zich daar een weinig bezocht heideveld uit.
Deze brief is ondertekend door J. Isebree Moens. (Dir. Ov. Beetw. fabriek) - 5 september:
De vergunning voor het schijfschieten wordt verleend onder voorwaarde dat:
a. een der commissarissen van orde der vereniging de surveillance op het schijfschieten zelve uitoefend;
b. de onbezoldigd Rijksveldwachter in dienst der Overijsselse Beetwortelsuikerfabriek zal worden opgedragen te zorgen dat niemand van ter zijde de schietbaan nadert;
c. telkens wanneer en ten teken waarvan er schijf wordt geschoten in de nabijheid van de kogelvanger een van verre goed zichtbare rode vlag zal worden gehesen.
- 28 juni:
-
1871 – Uitgaande stukken Ambt Hardenberg
- 13-07-1871 – Kolonel Militie Commissaris in Overijssel.
In voldoening aan Uw missive d.d. 10 dezer nr. 126, heb ik de eer hierbij in te zenden een certificaat van onvermogen van Bernardus Zeeman, die geheel buiten staat is de kosten van verpleging en voeding in het Huis van Bewaring te Ommen aan hem verstrekt, te kunnen voldoen.
- 26-06-1871 – Ambtenaar van het Openbaar Ministerie bij het Kantongeregt te Ommen.
Hierbij heb ik de eer U te doen geworden een proces-verbaal opgemaakt door den onbezoldigde Rijksveldwachter E.R. van Faassen alhier, tegen Hendrik Jan Lammerink, landbouwer wonende te Stegeren, gemeente Ambt Ommen, wegens het laten loopen en weiden van een kudde schapen op in de oogst staand gras in de bermen der kunstweg van Ommen naar Hardenberg.
- 20-06-1871 – Kolonel militie commissaris van Overijssel te Zwolle.
Nationale militie. De order tot provoost arrest, mij geworden bij Uwe missive d.d. 13 juni jl., nr. 105, is van mijnentwege aan den vader van den betrokkenen milicien Bernardus Zeeman uitgereikt, maar heb ik tot dus verre niet vernomen of hij zich in arrest heeft begeven. Eenige dagen voor de te Ommen gehoudene inspectie vervoegde zich gemelde Zeeman ter secretarie, alwaar hij verzocht om een certificaat van goed gedrag, willende hij vrijwillig dienst nemen bij het Nederlandsch Indische leger. Dat certificaat konde ik niet afgeven daar Zeeman ten vorigen jare, door de Regtbank te Assen wegens diefstal tot gevangenisstraf is veroordeeld. Niettegenstaande Zeeman niet voorzien was van een bewijs van goed gedrag, begaf hij zich toch naar Zwolle en ontving ik dien ten gevolge een schrijven van den heer kapitein commandant van het garnizoen aldaar, waarbij mij op nieuw het gezegde bewijs werd gevraagd. In antwoord op dat schrijven melde ik den heer kapitein commandant voornoemd, de redenen die mij noopten het bewijs van goed gedrag niet uit te reiken en heb ik verder van die zaak noch van Bernardus zeeman niets vernomen. Het is mij onbekend waar Zeeman zich thans ophoudt. Hij is een zwerver en naar hij zegt heeft hij geene zijner kleederen of equipementsstukken in zijn bezit. Hij geeft voor dat hem die zijn ontstolen. De eer hebbende dit een en ander aan U te melden neem ik de vrijheid te verzoeken dat ik worden ingelicht hoe te handelen, zoo Zeeman zich hier weder mogt vertooonen.
- 09-05-1871 – Officier van Justitie te Deventer.
Door deze heb ik de eer U mede te deelen dat de persoon gesignaleerd in het Algemeen Politieblad onder nr. 428, genaamd Lambertus Tormijn op heden op mijn last is gearresteerd en door mij naar Ommen is opgezonden.
- 15-02-1871 – Brigadier Majoor des Rijksveldwacht te Ommen.
Tussen zondag en maandag nacht is de hond van Bolks weggelopen of gestolen uit een gesloten tuin te Zwolle toebehorende aan mr. S.J. van Royen aldaar. Die hond heeft een jaar gejaagd met den heer Van Pallant te Eerde en presumeer ik dat de hond weder naar Eerde is gelopen. Zekere jager Buddink te Ommen heeft ook met de hond gejaagd en kent hem. De hond is wit en bruin, langharig, goed behangen, heeft een lederen halsband om enz. Hebt de goedheid in Uwe buurt te informeren of daar ook een hond is komen aanlopen, en in dat geval hem door gezegde Buddink te doen herkennen. Natuurlijk worden de kosten van voeding enz. vergoed.
- 13-07-1871 – Kolonel Militie Commissaris in Overijssel.
-
1870 – Verpachtingen gemeente-eigendommen
In de jaren 1867, 1868, 1869 en 1870 worden eveneens [redactie: zie “1866 – Verpachtingen gemeente-eigendommen“] 190 koeweiden en 60 kalverweiden verpacht.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova
-
1869 – Verpachtingen gemeente-eigendommen
In de jaren 1867, 1868, 1869 en 1870 worden eveneens [redactie: zie “1866 – Verpachtingen gemeente-eigendommen“] 190 koeweiden en 60 kalverweiden verpacht.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova
-
1868 – Verpachtingen gemeente-eigendommen
In de jaren 1867, 1868, 1869 en 1870 worden eveneens [redactie: zie “1866 – Verpachtingen gemeente-eigendommen“] 190 koeweiden en 60 kalverweiden verpacht.
Bron: OudOmmen – uit het archief van Jan Lucas – Map03-212 # Vertaling: Lenka Barteczkova