“De verbinding Zwolle – Ommen wordt deze zomer voor het eerst niet meer onderhouden door het gezellige, maar wel erg vuile, langzame en oncomfortabele stoomtreintje, dat enige generaties lang de reislustigen van- en naar Zwolle heeft gebracht.”

De afwisseling van boscomplexen, weilanden, houtwallen, met daartussen telkens het water van de rivier de Vecht en haar vele afgedamde en tot rust gekomen bochten, verleent zo’n grote bekoring aan een wandeling van Ommen naar Dalfsen.
Toeristenlijn
Bovenstaande schrijft het ANWB-weekblad ‘De Kampioen’ dat in de zomer van 1953 verscheen. Het bondsblad vervolgt verder: “De eerste reizigers op deze lijn zullen wel hoofdzakelijk boeren zijn geweest, later echter werd het meer en meer toeristenlijn. Weinig Nederlandse boemeltjes van zo’n beperkte allure hebben zó veel buitenlandse reizigers vervoerd. In de jaren voor de oorlog vormde Ommen immers een centrum zowel voor de padvindersbeweging als voor de Theosofische Vereniging. Uit beide kringen kwamen veel vreemdelingen naar Ommen. Na de oorlog kreeg het traject een nieuwe betekenis: ’s nachts dreunen er de eindeloos lange olie-treinen voorbij, die hun lading van de boorvelden achter Mariënberg halen. Maar door de jaren heen moest het treintje steeds meer toeristen vervoeren: de schoonheid van de Ommense bossen, heuvels en vennen werd in steeds groter kring bekend. Dit jaar, bij de ingang van de zomerdienstregeling, mochten de ietwat museale spoorwegwagons eindelijk op stal gaan en diesel-elektrische treinen van het nieuwste, blauw geschilderde type, deden hun intrede. De reis duurt nu ook aanmerkelijk korter, en omdat in Zwolle behoorlijke aansluiting met de grote treinen bestaat, kan men Ommen in drie uur van het westen uit bereiken.
De meeste gasten trekken van Ommen uit naar het zuiden, de Besthmer- en Eerder bossen in, slechts weinigen komen op het idee eens van Ommen langs de Vecht naar Dalfsen te wandelen, een wandeling die zo veel afwisseling en zo’n rijkdom aan landschappelijke bekoorlijkheid biedt, dat er misschien wel geen betere route gevolgd kan worden om in een betrekkelijk korte tijd, drie uur wandelen, zo’n goed inzicht in de constructie van het Vechtse cultuurlandschap te krijgen. Cultuurlandschap, want echt natuurterrein is er nu eenmaal in ons land niet veel meer overgebleven. Overal heeft de invloed van de mens zich doen gelden, in Overijssel zijn misschien alleen nog enkele kleine veengebieden geheel en al ongerept, terwijl het oeverland van de Vecht al sinds lang in cultuur gebracht is. Een cultuurlandschap echter, dat bewijst hoe mooi ook de menselijke woonplaats kan zijn, wanneer maar niet volgens verkeerde beginselen het landschap veranderd wordt.
Afwisseling
De wijzigingen van natuurterrein tot cultuurgrond zijn in deze streek – in tegenstelling met de industriegebieden elders in Overijssel – vrij geleidelijk tot stand gekomen: er werd eens een boerderij bijgebouwd, er verdween eens wat bos, maar houtwallen ter begrenzing van de percelen landbouwgrond werden gespaard, zodat het land ook nu nog een zeer bosrijke indruk maakt. Dit is het grappige van al die houtwallen, plukken bomen, en de hier en daar in de weilanden staande majestueuze solitairs: zij geven de streek het cachet van een bosstreek, terwijl er feitelijk „niet veel achter zit”, of in dit geval beter: staat. Juist deze afwisseling van boscomplexen, weilanden, houtwallen, met daartussen telkens het water van de rivier en haar vele afgedamde en tot rust gekomen bochten, verleent zo’n grote bekoring aan een wandeling van Ommen naar Dalfsen. Ten zuiden van de eerste plaats gaat de route door het landgoed ’t Laar, dat aan de gemeente toebehoort en voor houders van Bondswandelbewijzen vrij toegankelijk is, terwijl iedereen in Ommen in de hotels en op het gemeentehuis een dagkaart kan kopen. Het Laar heeft prachtig oud geboomte, afgewisseld met lanen overkoepeld door nog jonge eiken, graslandjes en waterpartijen.”
Tot zover het ANWB-weekblad De Kampioen, zomer 1953.
Het vervolg op dit verhaal is hier te lezen met een klik op deze link:
Tekst: Harry Woertink – Foto: OudOmmen.nl